Column

Voelen we ons beter naarmate vrienden zich slechter voelen?

Vriendinnen haten haar', zag ik laatst op een banner staan. Het betrof een reclame voor afslankpillen en de belofte was duidelijk: met dit product zou ik de afgunst van vrienden wekken, haat en nijd zaaien. Een intrigerende boodschap, daar deze suggereerde dat:

1) We ons beter over onszelf voelen naarmate vrienden zich slechter over zichzelf voelen.

2) Vriendschap en haat samengaan.

Zelf koester ik de bedoeling noch de illusie dat vrienden mij om mijn uiterlijk benijden. Jaloezie voelen is een vorm van lijden, en ik wil niet dat mijn vrienden lijden, ik wil dat ze van me houden. Dus waarom denken de makers van de afslankadvertentie klanten te trekken door hen jaloerse vrienden te beloven?

Nu denk ik niet dat 'anderen jaloers maken' voor veel mensen een primaire motivatie is in het leven. Wanneer iemand een nieuwe jas koopt, z'n haar laat knippen of een ingewikkeld wandmeubel aanschaft, doet hij dat hooguit om te laten zien wie hij graag zou willen zijn, misschien in de hoop dat die persoon wat liefde of achting oogst. Dit zal voor veel mensen ook de reden zijn hun verdiensten te delen op Facebook - de plek waar ik de afslankreclame het vaakst tegenkwam.

Die foto's van ons nieuwe kapsel, lieve hondje, of fijne vrienden om een grote gedekte tafel: wat willen we bereiken wanneer we ze plaatsen? Dat anderen blij voor ons zijn, misschien. Dat anderen ons bewonderen, ook dat waarschijnlijk. Maar de grens tussen bewonderen en benijden is vaag.

Dus: misschien is het opwekken van jaloezie geen bewuste motivatie, maar wel een welkom bijeffect van het plaatsen van beelden van onszelf, van materiële zaken, of: van vrienden. Waardevoller dan het bezit van mooie spullen, is de toegang tot warmte en genegenheid, en met die foto's van vrienden om gedekte tafels bewijzen we dat we dat hebben. Wie een foto deelt van zichzelf met z'n vrienden, pronkt immers niet met die vrienden, maar met hun liefde. Kijk: er zijn mensen die van mij houden!

Iedereen kan bedenken dat een dergelijk beeld jaloezie op zou kunnen wekken. Dat anderen - minder bedeelde of minder geliefde toeschouwers - er zelfs kortstondig ongelukkig van zouden kunnen worden. En toch willen we dat diezelfde anderen, ongelukkig of niet, onze foto van een Like voorzien. Klinkt haast sadistisch. Hoe zit dit?

Scroll ik zelf door mijn Facebooktimeline, voel ik afgunst bij zo'n vijf procent van de dingen die ik zie. Ik ben met name gevoelig voor eerdergenoemde vriendengroepen aan tafels, maar ook voor buitensporig ingewreven successen.

Maar: wanneer het succes van iemand die ik graag mag betreft, dan voel ik nauwelijks jaloezie. Eerder liefde, trots en vertedering. Deelt iemand die ik níet mag echter een jaloersmakende verworvenheid, dan ga ik hem alleen maar nóg minder mogen. Zo bevestigt Facebook niet alleen de status quo, ze bestendigt haar ook.

Nu wil ik mijn afgunst nog wel eens vertalen in een grootmoedigheids-Like. Een Like waarmee ik lieg dat jaloezie mij niet raakt: jij hebt het leuk, en dat vind ik prima! Zo gebruik ik andermans succes als podium voor mijn eigen nobelheid - ook voor wie we juichen bepaalt wie we zijn.

Alleen de échte klootzakken gun ik niet eens de illusie van mijn affiniteit. Hun berichten scroll ik vlug voorbij. Wie weinig Likes krijgt, wordt dus wellicht vooral benijd. En heeft het doel dat de afslankbanner propageerde bereikt: Haar vriendinnen haten haar!

Dat brengt ons op dat eerdergenoemde punt: gaan vriendschap en haat samen?

Neen, dat denk ik niet. Waarschijnlijk doelt de banner op 'vrienden' anno 2014: digitale vrienden, anonieme meekijkers, onbekende volgers. Het is hún jaloezie waar we op uit zijn. Want afgunst van vreemden is als de zon: te ver weg om ons te verschroeien, maar we kunnen ons er wel aan laven, terwijl we met onze échte vrienden om een grote gedekte tafel zitten.

Paris, koningin in het plaatsten van jaloersmakende foto's, met haar geliefde hondje. Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.