VN-lidstaten hebben hun buik vol van vredesoperaties

De meeste VN-lidstaten voelen er weinig meer voor om deel te nemen aan vredesoperaties. Er wordt uitermate terughoudend gereageerd op verzoeken vanuit het VN-hoofdkwartier in New York om troepen te leveren, zoals voor een eventuele vredesmacht in Burundi....

EWOUD NYSINGH

Van onze verslaggever

Ewoud Nysingh

NEW YORK

Na de Koude Oorlog was er nog groot optimisme over de mogelijkheden voor de Verenigde Naties om overal ter wereld op te treden als vredestichter. De mislukkingen in Somalië, Ruanda en Bosnië-Herzegovina hebben dat optimisme de kop in gedrukt. Het gezag van de VN is zelfs ernstig aangetast.

Minister Van Mierlo van Buitenlandse Zaken zei vorige week in New York dat elk land zijn eigen frustratie heeft. 'Nederland heeft Srebrenica, België heeft Ruanda, de VS en Canada hebben Somalië. Pas als er een bloedbad is, willen we optreden, en dan is het te laat. Maar dan zit het kwaad zo diep in het vlees, dat je het er niet meer met bestraling uit krijgt', aldus Van Mierlo.

Als zich in Burundi opnieuw genocide voordoet, zal het met het gezag van de VN helemaal gedaan zijn, vreest Van Mierlo.

Een VN-diplomaat: 'Het mededogen in de wereld is beperkt. Het komt met horten en stoten. Kijk naar de Golfoorlog en IFOR. Voor Liberia geld bijeen krijgen in New York is onmogelijk.'

Ook Nederland is, ondanks de oproep van Van Mierlo, niet meer bereid troepen naar Afrika te sturen. In Nederland waren de VN lange tijd een heilige koe. Srebrenica heeft zelfs de grootste idealist aan het denken gezet over de maakbaarheid van de wereld op basis van VN-resoluties. Nederlandse beroepssoldaten zijn niet bereid hun leven te wagen voor de mensenrechten in een land waarmee ze geen enkele band hebben.

Volgens westerse diplomaten in New York is in Bosnië gebleken dat het zonder de Amerikanen, die het bevel willen voeren als zij meedoen, niet gaat. De VN zijn niet de aangewezen instantie om een daadkrachtige militaire actie in gang te zetten. De echte, vrede afdwingende acties zullen alleen nog worden uitgevoerd door zogeheten coalitions of the willing, onder dekking van een resolutie van de Veiligheidsraad. Dat kan de NAVO zijn, zoals in Bosnië, maar ook een groep Afrikaanse staten, die met westerse, materiële en financiële hulp een vredesmacht vormen.

De VN zullen zelf de ouderwetse vredesmissies blijven ondernemen. Bij deze acties moeten alle strijdende partijen toestemming geven voor de komst van een vredesmacht. Maar diplomaten menen dat er dan wel robuuster moet worden opgetreden, zowel politiek als militair. In Bosnië hebben de VN-troepen zich jarenlang laten ringeloren door met name de Bosnische Serviërs. De VN hebben niets gedaan om een oplossing te vinden voor het probleem als zodanig, zeggen zij.

Vooral in Somalië en Bosnië is volgens diplomaten gebleken dat de VN niet zijn opgewassen tegen harde acties, en dat de organisatie niet in staat is iets zinnigs te doen als het echt belangrijk wordt. Het VN-mandaat deugde niet, zeggen zij, en de toegekende middelen waren ontoereikend. Bovendien trokken de nationale contingenten zich niets aan van het VN-opperbevel, toen het spannend werd.

In Somalië was dat het geval met de troepen van de VS en Italië. Achttien Amerikaanse VN-soldaten kwamen daar om het leven bij een actie waarvan het VN-bevel niet op de hoogte was. Daarom was het geen verassing dat de VN-hulptroepen veel te laat kwamen.

Gebrek aan beleid, vooral het voeren van tegengesteld beleid door de lidstaten, heeft de VN-operatie in Bosnië de das om gedaan. Ook bij de VN in New York zag men de oorlog in Bosnië-Herzegovina aankomen. De Bosnische regering smeekte om een preventieve VN-macht, maar de VN zeiden dat het hun taak niet was om oorlog te voorkomen. De grote landen reageerden niet. Dat deden ze wel in het geval van Macedonië, waar een kleine VN-vredesmacht met Amerikanen erop toezag dat de situatie niet uit de hand liep.

De Veiligheidsraad heeft in het geval van Bosnië nooit willen erkennen dat er sprake was van agressie van klein-Joegoslavië of van genocide. 'In beide gevallen hadden de VN moeten ingrijpen. Maar daar had niemand in de V-raad zin in', aldus een diplomaat, 'dus was er geen genocide.'

Bij de VN valt de EU erg uit de toon. Zodra het enigszins belangrijk wordt, gaan de grote landen (het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Duitsland en Italië) hun eigen weg.

Van Mierlo beklaagde zich er de afgelopen week over dat het in de EU lastig zaken doen is met het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, omdat zij als permanente leden van de V-raad onmiddellijk naar die raad verwijzen als er in EU-verband lastige kwesties moeten worden besproken. De EU komt dan tot niets.

De kracht van de VN ligt, zo heeft Van Mierlo in zijn rede voor de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties gezegd, meer op het gebied van de kwaliteit van het leven: armoede, bevolkingsgroei, voedsel, verstedelijking, vrouwen en milieu. De VN-conferenties die in dit kader worden gehouden, 'kristalliseren de wereldopinie', zoals een diplomaat het noemt.

De VN moeten volgens Van Mierlo meer doen aan preventieve diplomatie. Dat is goedkoper dan het sturen van troepen. Een cynische diplomaat: 'Ach, die brandjes blussen. Als het een permanent lid van de V-raad niet interesseert, wordt er niet eens over gesproken. De oorlogen in Vietnam, Sudan en Tsjetsjenië zijn nooit behandeld.' Ruanda en Burundi wel, maar zonder dat het iets heeft uitgemaakt. Ook daar blijkt dat de mogelijkheden van de VN zeer beperkt zijn.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden