VN-hof stelt Bosnische Moslims bitter teleur

Achter de grote spandoeken met de tekst ‘Servië is schuldig’ die ze tegenover het Haagse Vredespaleis hebben geplaatst, staan een kleine tweehonderd Bosniërs, meest vluchtelingen....

Charlotte Huisman

‘Het zijn fascisten daarbinnen!’, roept een man die het hek van het Vredespaleis probeert te bereiken. Politiemensen houden hem en zijn groepje tegen, het blijft bij schelden en het ballen van vuisten.

Een oude vrouw met een hoofddoek zwaait vertwijfeld met een fotocollage van verdwenen Moslimmannen uit Srebrenica. De meeste demonstranten komen uit de omgeving van deze Moslimenclave, waar Bosnische Serviërs in juli 1995 zeker zevenduizend Moslimmannen hebben vermoord. Dat was genocide, oordeelden de rechters van het Internationaal Gerechtshof, net als eerder het Joegoslavië-Tribunaal in individuele strafzaken. Maar: het is niet bewezen dat je Servië daarvoor verantwoordelijk kunt houden.

Bosnië stapte in 1993 naar het Internationaal Gerechtshof, in de overtuiging dat de toenmalige Joegoslavische president Milosevic de Bosnische Serviërs had bewapend en financieel steunde om de niet-Serviërs uit te roeien. Veertien jaar later zegt de president van het Internationaal Gerechtshof, Rosalyn Higgins, namens de vijftien rechters dat bewezen is dat Servië de Bosnische Serviërs ter wille was. Maar, benadrukt zij keer op keer, om genocide te bewijzen moet worden aangetoond dat er een plan was, een doelstelling om een specifieke groep uit te roeien.

In het Moslimdeel van Bosnië is de teleurstelling over het vonnis groot. Maar de Bosnische delegatie in het Vredespaleis – politici, diplomaten, juristen en een geestelijk leider – wil vooral de positieve kanten ervan benadrukken. Er staat zwart op wit dat de Bosnische Moslims in die jaren systematisch het slachtoffer werden van mishandeling, verkrachting, marteling en verdrijving.

‘De verschrikkelijke misdaden tegen de Moslims zijn erkend. Servië wordt veroordeeld op basis van de genocideconventie omdat het niets heeft gedaan om de genocide in Srebrenica te voorkomen en omdat het Mladic niet heeft uitgeleverd’, zegt de Bosnische ambassadeur, Fuad Sabeta. Maar of hij dat in Sarajevo kan uitleggen? Hij betwijfelt het.

‘We hadden meer gewild, maar we gaan niet met lege handen naar huis’, zegt advocaat Phon van den Biesen, woordvoerder van het Bosnische pleitersteam. Het hof gaf geen gehoor aan hun pleidooi in het geheel van misdaden tegen de Bosnische Moslims een patroon te zien dat als genocide kon worden aangemerkt. ‘Omdat al vooraf bekend was dat er geen documenten van een genocideplan voorradig zijn, hadden wij bij wijze van spreken in de hoofden van de toenmalige Servische leiders moeten kunnen kijken om genocide te bewijzen’, aldus Van den Biesen.

Het Servische verdedigingsteam zei blij te zijn dat het Hof ‘Servië heeft vrijgesproken van de moeilijkste beschuldiging in zijn geschiedenis’. Niet alleen was een veroordeling voor genocide uiterst schaamtevol geweest voor een land dat toch al kampt met een slecht imago; maar vooral heerst er opluchting dat er geen sprake meer is van de miljarden aan schadevergoeding die Bosnië had kunnen eisen als de aanklacht tegen Servië was erkend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden