Vloeibare boventonen

Het golfpatroon van deze IJslandse rivier-vlakte doet denken aan snaarmuziek.

BEN VAN RAAIJ

Een abstract kunstwerk, zo op het eerste gezicht, maar toch puur natuur. We kijken van bovenaf naar een vlechtende rivier, of eigenlijk meerdere vlechtende rivieren. Talloze geulen kronkelen door en naast elkaar, in een eindeloos maar regelmatig patroon. Heel anders dus dan bij een meanderende rivier, zoals de IJssel of de Maas. Mogelijk leek de oer-Rijn in Nederland ten tijde van de laatste IJstijd, zo'n 25 duizend jaar geleden, wel wat op deze rivier.

De luchtfoto is gemaakt door de Russische fotograaf André Ermolaev in Vatnajökull Nationaal Park, in het zuidoosten van IJsland. Hier strekt zich tussen de Skaftafellsjökull-gletsjer (een uitloper van de Vatnajökull-ijskap) en de oceaan een riviervlakte uit van 1.300 vierkante kilometer met de tongbrekende naam Skeioarársandur. Een woestenij van zwart vulkanisch zand waarin zich op weg naar zee een aantal stromen vervlechten, waaronder de Skeioarár.

Zo'n riviervlakte (die naar deze plek een 'sandur' wordt genoemd) ontstaat doordat gletsjers met hun smeltwater allerlei door het ijs meegevoerd materiaal afzetten. De grofste stenen dichtbij, het fijnste zand en slib verder weg. Die afzetting gaat geleidelijk, maar meermalen per eeuw ook op grote schaal, veroorzaakt door geothermale activiteit onder de ijskap, waar de zeer actieve vulkaan Grimsvötn schuilgaat. Zijn erupties leiden tot ontzagwekkende glaciale overstromingen, de jökulhlaups, waarbij in een keer enorme massa's sediment worden afgezet. Voor het laatst gebeurde dat in 1996.

De vlechtpatronen op de foto ontstaan doordat bij zulke grote overstromingen een heel gebied onderloopt. De dynamiek in zo'n (ondiepe) watervlakte leidt dan tot dat regelmatige golfpatroon van geulen en banken. Vergelijk het met een staande golfbeweging in de snaar van een muziekinstrument. De basistoon zijn de grote banken, maar soms ontstaan er kleinere bankjes bovenop, de boventonen. Een stroom die minder ruimte heeft, doordat hij ingesnoerd is door harde oevers, van nature of kunstmatig, gaat niet vlechten maar kan gaan meanderen.

De foto laat nog een mooi stromingsfenomeen zien: splitsende rivieren. De geulen vloeien samen maar gaan soms ook uiteen. In Nederland gebeurt dat bijvoorbeeld waar de Rijn splitst in de Waal en het Pannerdensch Kanaal. Zo'n splitsing ontstaat meestal door een stroomverlegging bij overstromingen. Mogelijk zijn zulke splitsingen instabiel. Het kan zijn dat over langere tijd, vele tientallen jaren, de verdeling van water en zand over de beide riviertakken benedenstrooms verandert, met alle waterstaatkundige risico's van dien.

Fotograaf Ermolaev maakt zijn hogeresolutiefoto's doorgaans op 100 tot 200 meter boven de grond. Zo vanuit de lucht gezien, is de schaal moeilijk in te schatten. De grotere geulen zijn vermoedelijk 15 tot 50 meter breed, maar zonder herkenbare details als bandensporen of vegetatie kun je er weinig over zeggen. De vlechtpatronen zijn niet afhankelijk van schaal. Ze kunnen optreden bij minuscule stroompjes op het strand of in een zandbak op het lab, en bij megarivieren zoals de Brahmaputra.

UITLEG: MAARTEN KLEINHANS, HOOGLERAAR RIVIER- EN DELTAMORFODYNAMICA, UNIVERSITEIT UTRECHT; ANDRE ERMOLAEV

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden