Vlaamse spraakmakers vallen stil

Van wonderboys tot 'foefelaars': Jo Lernout en Pol Hauspie worden met hun gelijknamige spraaktechnologiebedrijf de trots van Vlaanderen. Totdat blijkt dat er gerommeld is met de cijfers....

door Rob Gollin

IN HET auditorium van het nog naar vers cement ruikende kantoor van Lernout & Hauspie Speech Products NV leest een medewerkster van het spraaktechnologiebedrijf hardop een zin voor. Make it, zegt ze. Op een scherm verschijnt de uitgesproken tekst in letters. Naked staat er.

Het gehoor, analisten en journalisten uit alle windstreken, gniffelt. Grapje van Jo en Pol, natuurlijk. Die kunnen heus wat, hoor. Het aandeel flonkert op de Nasdaq, en de giganten in de hightech doen mee: Microsoft, Cisco en Intel hebben geld in de firma gepompt. De toekomst is aan de sprekende en begrijpende computer.

En morgen komt de Belgische kroonprins Filip hier in Ieper het bedrijvenpark Flanders Language Valley openen, een cluster van ondernemingen in spraaktechnologie met als kloppend hart L & H. En vele valleien zullen volgen, verspreid over de continenten. En in het kielzog van het koninklijk bezoek verschijnen straks de van trots glimmende Vlaamse politici; wie beweerde daar dat de hightech het monopolie van Amerikanen was? Make it of naked, weight of wait; daar komen de oprichters, de wonderboys van de Westhoek, Jo Lernout en Pol Hauspie echt wel uit.

Het is november 1999.

Goed één jaar later staat het vlaggenschip van de Vlaamse technologiesector aan de rand van de afgrond. Vrijdag verleende de rechtbank uitstel van betaling. L & H krijgt zes maanden voor het opstellen van een reddingsplan.

Of dat lukt, valt te betwijfelen. Het slagveld is nauwelijks te overzien. Het aandeel, vorig voorjaar nog piekend op bijna 70 dollar, is in België al weken geschorst en doet op de grijze markt nog zo'n twee gulden. Bijna 25 miljard gulden aan beurskapitalisatie is in rook opgegaan. Hauspie, financieel brein, is uit de leiding gezet en zit depressief thuis. Lernout, techneut en verkoper, figureert nog in de raad van commissarissen, maar weet zich op een schopstoel nadat de rechter vrijdag zijn positie ter discussie stelde. Klanten en medewerkers lopen weg.

Een zeepbel is geknapt. Niet de nog lang niet vervolmaakte technologie bleek de achilleshiel van het bedrijf, maar de ondoorzichtige bedrijfsvoering die tot doel had prestaties op te poetsen. Ontwikkelingsbedrijfjes in weinig courante talen werden als zelfstandige afnemers gepresenteerd, maar bleken banden te onderhouden met L & H zelf. Ze ontplooiden nauwelijks activiteiten en erachter gingen schimmige investeerders schuil. De boekhouding was omstreden: er werden inkomsten geboekt voordat er sprake was van werkelijke verdiensten. Uitgaven werden opgeschoven.

Beleg daar nog maar je centen in.

Na de aanhoudende stroom onheilstijdingen roept L & H niet langer associaties op met inventief ondernemen, maar horen de wonderboys volgens sceptici meer thuis in het pelotonnetje ritselaars dat België de afgelopen decennia een bedenkelijke reputatie bezorgde. Foefelaars, noemen de Belgen dat zelf.

Zoals in zoveel kwesties, verdeelt ook de teloorgang van L & H de natie in believers en disbelievers. Zeker in de directe omgeving van Ieper twijfelen veel Vlamingen nog altijd niet aan integriteit en bekwaamheid van Jo en Pol. Zij kozen toch maar deze uithoek vol vette klei voor hun Language Valley. Dat prikkelde de lokale economie. De werkgelegenheid groeit, bouwactiviteiten nemen toe, hotels breiden uit, de plaatselijke basketbalclub Athlon viert triomfen na sponsoring door de lokale helden. En dat allemaal in een gebied waarop tot voor kort het officiële Europese stempel van achterstandsregio prijkte. Over de gevolgen van een mogelijke ontmanteling van de taalvallei durft bijna niemand hardop te denken.

Op grotere afstand domineert het ongeloof. Zelf het stemherkenningskastje aan de muur van het bestuurskantoor in Wemmel bij Brussel waartegen je moest spreken om de deur te openen, werd het doelwit van hoon en spot. Jo en Pol pronkten ermee - dit is de toekomst' - maar, 'ze hadden het helemaal niet ontwikkeld', smaalde Het Laatste Nieuws, 'ze hadden het gekocht in Frankrijk'. Zoals meer technologie werd verworven door de bedenkers ervan simpelweg in te lijven. Wie het bedrijf beroepsmatig volgde, duizelde het van de mededelingen over nieuwe overnames.

Foefelaars? Jo Lernout gebruikt een andere terminologie. 'There's nothing wrong with being smart', is zijn credo. Maar het leger dat het idee heeft dat er meer is dan louter slimmigheden, nam alleen maar in omvang toe: de Amerikaanse en Europese beurswaakhonden, justitie in Ieper, journalisten, gedupeerde beleggers, en, ja, zelfs de nieuwe leiding van het bedrijf, de Amerikaan John Duerden en voormalig Philips-kroonprins Roel Pieper.

Duerden, die augustus vorig jaar aantrad, kwam er in november pas goed achter in welke nesten zijn nieuwe firma zich had gewerkt. De voormalige directeur van Dictaphone, fabrikant van dicteerapparatuur in de VS en kort daarvoor door L & H overgenomen, ging er vanuit dat herstel van geloofwaardigheid zijn voornaamste zorg was. Hij kwam bedrogen uit.

Duerden meldde zich op 17 november in Seoul voor een onderhoud met het hoofd van de vestiging in Zuid-Korea, Joo Chul Seo. Hij wilde dat er 100 miljoen dollar werd vrijgemaakt, een bedrag dat daar op een rekening stond. Het geld was snel nodig om schulden af te betalen.

Seo verscheen een uur te laat en zichtbaar nerveus, vertelde Duerden begin december aan The Wall Street Journal, de krant die herhaaldelijk vraagtekens plaatste bij de bedrijfsvoering. Tijdens het gesprek werd plotseling de deur opengeschopt en verschenen drie schreeuwende en druk gebarende heren in het kantoor. Ze sleurden Seo in een belendend vertrek, waaruit een luid rumoer klonk. Duerden: 'Ik dacht dat de kerel in elkaar werd geslagen.'

Hij waarschuwde de politie en maakte dat hij weg kwam. Het nog veel slechtere nieuws kwam even later: het geld was spoorloos. Seo schreef daarover nog een briefje, voordat hij zelf van het toneel verdween.

Daarmee werd een aanvraag voor uitstel van betaling onvermijdelijk, en dreigt een inktzwart slot aan een succesverhaal.

Dat begon op 10 december 1987, toen Lernout en Hauspie het bedrijf oprichtten. Ze waren ervan overtuigd dat mens en computer in de toekomst met elkaar gingen communiceren. Lernout was gefascineerd door een voicemail-systeem van Wang, waarvoor hij vertegenwoordiger was. Hauspie was eigenaar van een firma die software voor boekhoudkundige doeleinden ontwikkelde.

De beginjaren waren niet eenvoudig. Er was kapitaal nodig. Lernout en Hauspie gingen met de pet in de hand langs middenstanders en boeren. Legendarisch is het verhaal, opgetekend in het boek De Spraakmakers van Piet Depuydt, dat een varkenshouder de twee een half vergane spaarbrief van bijna 140 duizend gulden voorhield. Hij had het nog uit de trog weten te redden, vlak voor de varkens het zouden verorberen. Als de bank het nog accepteerde, zou hij het bedrag in L & H steken. Dat gebeurde.

Aanvankelijk keken de grote investeerders aarzelend toe, maar nadat ook de interesse van politici was gewekt - de toenmalige Vlaamse minister-president Luc van den Brande en de vorige burgemeester van Ieper, Paul Breyne, zouden uitgroeien tot hartstochtelijke pleitbezorgers van het gewaagde experiment in de Westhoek - traden banken en verstrekkers van risico-kapitaal toe.

Op 1 december 1995 volgde de bekroning: voor het eerst lichtten de schermen van de Nasdaq op met een notering van een Belgische onderneming. Introductieprijs 11 dollar, eind die maand al 31 dollar. Augustus 1996 werd voor het eerst een bescheiden winst geboekt.

Meer particuliere beleggers in de regio stroomden toe. Wat wil je ook; de investeerders van het eerste uur reden rond in auto's van het type patserbak, of hadden de villa van de koerswinst fiks uitgebreid. Blijf dan maar eens stoïcijns.

L & H groeide uit tot een wereldwijd opererende onderneming met ruim zesduizend medewerkers en produceerde inmiddels software voor automatische spraakherkenning (bruikbaar voor toepassingen in callcenters, het thuisbankieren en de auto), en dicteerprogramma's die vooral in de medische en juridische hoek kunnen worden benut. In de techniek om teksten in spraak door computers om te zetten, is Ieper marktleider. Volgens analisten is de kracht van het bedrijf dat het zich niet tot het Engels beperkt, maar aan toepassingen voor meer dan dertig talen werkt.

Maar de kwetsbaarheid nam ook toe. Toen het bedrijf vorig jaar Dictaphone en concurrent Dragon Systems overnam, werden de meeste activiteiten voortaan in de VS uitgeoefend. Het bedrijf werd volgens Amerikaanse regels verplicht gedetailleerde informatie te verschaffen. Daar ging het mis.

De eerste twijfels over de werkelijke omzet konden aanvankelijk nog met arrogantie worden gepareerd. 'Uw rekenmachientje is kapot', schamperde toenmalig directeur Gaston Bastiaens, inmiddels de wacht aangezegd, als reactie op kritische vragen van een analist. De Securities en Exchange Commission (SEC), de Amerikaanse beurswaakhond, had dan al L & H gedwongen tot andere boekhoudmethoden en aanpassing van de jaarrekeningen.

Toen er cijfers verschenen waaruit bleek dat het bedrijf in Korea en Singapore in één jaar de omzet meer dan verhonderdvoudigde, was de argwaan gewekt. The Wall Street Journal begon aan een reeks publicaties die het bedrijf voortdurend in het defensief drong en uiteindelijk tot bekentenissen dwong: ja, er zijn 'fouten en onregelmatigheden' opgetreden, ja, er zijn sterke aanwijzingen voor fraude, en ja, er is geld verdwenen. Weg reputatie.

Van de politici die met de aanleg van infrastructuur en het stimuleren van investeringen de loper voor Jo en Pol uitlegden, is na wat schuchtere steunbetuigingen de laatste tijd terzake weinig meer vernomen. De huidige burgemeester van Ieper, Luc Dehaene, is het ook opgevallen. 'Bij grote evenementen rond L & H zat het gemeentebestuur steevast op de derde rij achter de politieke en financiële bollebozen uit Brussel en elders', stelde hij vast in het weekblad Knack. 'Het gemeentebestuur zit er nog steeds, alleen zijn de stoelen op de eerste rijen nu leeg.'

De gedupeerde beleggers zijn het medelijden ook voorbij. Liefst 17 duizend van hen hebben zich aangemeld bij het kantoor Déminor, dat belangen van minderheidsaandeelhouders behartigt. Misschien dat er nog wat kruimels uit het gekapseisde vlaggenschip overblijven.

Een analist meent dat na de uitspraak van vrijdag nog slechts enkele onderdelen van het bedrijf kunnen overleven. Eén ding weet hij zeker. 'De naam Lernout & Hauspie kan niet meer terugkeren. Die zal niemand nog serieus nemen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden