Viva Maria, in flikkerend neon

Twintig jaar geleden schreef Sandro Veronesi de eerste zinnen van Troje brandt. Na veel zwoegen en schrappen is de roman nu eindelijk verschenen....

Er zijn maar weinig schrijvers bij wie de transpiratie van het scheppingsproces zo overtuigend uit hun boeken is vervluchtigd als Sandro Veronesi. Al met In de ban van mijn vader (2000) betoonde Veronesi zich een sierlijk stilist die de indruk wekt alsof al die zangerige zinnen hem niet de minste moeite kosten, in Kalme chaos (2005) leverde zijn superieure stijlbeheersing een meesterwerkje op.

Inmiddels heeft de in 1959 te Florence geboren auteur een sterrenstatus, vooral dankzij Kalme chaos, dat de Premio Strega won en werd verfilmd met in een hoofdrol Nanni Moretti. Een sterrenstatus – en dus moest er (vond auteur of uitgever) hoognodig een nieuw boek van Veronesi komen.

Dat nieuwe boek is een ‘oud’ boek. In het voorwoord van Troje brandt schrijft Veronesi dat hij twintig jaar geleden aan deze roman is begonnen, en dat hij de tel is kwijtgeraakt wat betreft het aantal nieuwe versies. Een stroeve bevalling, kortom, die uiteindelijk dus maar kunstmatig werd ingeleid.

In Troje brandt vertelt Veronesi drie verhalen. Dat van priester vader Spartacus, een ex-missionaris die de scepter zwaait over het vondelingenhuis van de Cherubijnen en de missiepost van de Ten Hemel Opgenomen Maria, op een berg. Daar worden nogal hardvochtige methodes toegepast om de ‘schepselen die bij vergissing ter wereld waren gekomen’ op het rechte pad te houden.

Steeds minder houdt vader Spartacus zich echter bezig met zijn schare vondelingen, steeds meer wordt zijn geest geïnfecteerd door een getroebleerde adoratie voor de Madonna. Die leidt ertoe dat vader Spartacus de missiepost eigenhandig vertimmert tot een aan de Moeder aller Moeders gewijde tempel: de ‘Permanente Mis’, opgetrokken uit plastic platen, steigerbuizen en opflikkerende neonteksten: ‘Viva Maria.’ Jezus was tenslotte ook een timmerman.

Een godsdienstwaanzinnige in een heilig lunapark, dat moet wel slecht aflopen – en dat doet het dan ook, met veel louterend vuurwerk. Maar daarvóór is vader Spartacus al heilig verklaard door zijn volgelingen, devote dwazen van wie sommigen hem zelfs stigmata toedichtten.

Salvatore werd te vondeling gelegd bij het instituut van vader Spartacus. Zijn calvarie leidt aanvankelijk bergaf: hij poetst de plaat uit het tehuis en zoekt zijn heil in de nabijgelegen Bouwput, een stukje niemandsland tussen twee spoorlijnen, waar zich allerlei uitschot heeft gevestigd en schimmige nering drijft.

Daar wordt Salvatore liefdevol opgenomen, eerst door de oude Homerus, een scharrelaar, en na diens verscheiden door Lontje, en even liefdevol ingewijd in de wereld van de kleine criminaliteit en lucratieve brandstichting.

De derde loot aan deze drie-eenheid is Pampa, geboren in de Bouwput. Zijn ouders laten hem aan zijn lot over, en ook hij mag zich verheugen in de liefdevolle zorg van een andere Bouwput-bewoner, Morgante, zoals Salvatore inmiddels heet dankzij zijn door Lontje geritselde identiteitspapieren.

Morgante en Lontje nemen Pampa af en toe mee bij het uitvoeren van een klusje. Het loopt slecht met het duo af, en bij ontstentenis van zijn mentor Morgante raakt Pampa helemaal de weg kwijt. Uiteindelijk komt hij, ondervoed en vervuild, terecht in het vondelingentehuis van vader Spartacus, net op het moment dat daar de apocalyps uitbarst.

Veronesi’s vorige werk indachtig verwacht je dat de auteur die verhalen kunstig ineenstrengelt, maar hij lijkt zich dit keer minder goed raad te hebben geweten met de losse draden – vandaar misschien al die versies. Troje brandt wekt de indruk alsof Veronesi twee of meerdere manuscripten als spellen kaarten in elkaar heeft geschoven en vervolgens nog snel wat literaire noodverbanden heeft gelegd om het geheel bij elkaar te houden. Daarmee galmt alles zo van de symboliek, dat zijn literaire bouwwerk sterke gelijkenissen vertoont met het even malle als megalomane bouwsel van vader Spartacus.

Veronesi’s stijl verloochent zich niet: ook in Troje brandt zindert het van het schrijfplezier. Hoe goed kan een mislukt boek zijn?Edwin Krijgsman

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden