Profiel

Virusverzamelaar

Zijn vakantiedagen in de afgelopen dertig jaar zijn op de vingers van twee handen te tellen. Viroloog Ab Osterhaus heeft een arbeidsethos dat van hem naar eigen zeggen een 'onmogelijk mens' maakt, maar volgens collega's de leider in het vakgebied 'tot aan zijn dood'.

Beeld Masha Osipova

Soms lijkt het of viroloog Ab Osterhaus (66) het nooit goed kan doen. Deze maand beklaagde De Telegraaf zich over de krachteloosheid van het griepvaccin, dat een griepgolf niet had kunnen verhinderen. In 2009 maakte de Mexicaanse griep beduidend minder slachtoffers dan eerder werd gevreesd en bleef de overheid met miljoenen onverkoopbare doses Tamiflu zitten die ze op voorspraak van Osterhaus had ingeslagen. Ook dat werd Osterhaus aangerekend. Hij zou met een verwijzing naar de Spaanse griep van 1918/'19 onnodig paniek hebben gezaaid.

Het radioprogramma Argos suggereerde dat Osterhaus als aandeelhouder van het bedrijfje Viroclinics, dat onderzoek doet naar de werkzaamheid van vaccins, een materieel belang zou hebben gehad bij de dramatisering van de Mexicaanse griep. Osterhaus' contacten met de farmaceutische industrie werden vaak in een adem genoemd met 'belangenverstrengeling' en 'vooringenomenheid'. Onder anderen door Anneke Bleeker die, eveneens in 2009, het verzet tegen vaccinaties aanvoerde. Zij erkende ruiterlijk geen deskundige te zijn, althans: geen deskundige in de gebruikelijke zin van het woord. Dat gaf haar naar eigen zeggen juist recht van spreken: anders dan mensen als Osterhaus en diens collega Roel Coutinho werd haar oordeel niet door persoonlijk belang beïnvloed. Leken, of 'burgerwetenschappers', zijn daardoor volgens Bleeker betrouwbaarder dan de bezoldigde deskundigen.

Osterhaus voelde zich niet geroepen om met 'die neuzelaars en pseudo-deskundigen' in debat te gaan. 'Ik adviseer bijna alle grote vaccinbedrijven', zei hij korzelig in de Volkskrant. 'Dat maakt me onafhankelijk.' Na de uitzending van Argos liet hij, in een verklaring die hij samen met het Rotterdamse Erasmus MC opstelde, weten nooit geheimzinnig te hebben gedaan over zijn werkzaamheden voor Viroclinics. Sterker: het Erasmus MC, zijn voornaamste broodheer, bezat bijna driekwart van de aandelen. Het bedrijfje had bovendien geen enkel belang gehad bij de grootscheepse aanschaf van griepvaccins. 'Eigenlijk was zelfs het tegendeel het geval', zegt Eric Claassen, het 'zakelijk geweten' van de bedrijfjes die ooit door Osterhaus zijn gesticht. 'Viroclinics ontwikkelt zelf geen vaccins of antivirale middelen, maar test deze slechts. We zouden in materiële zin dus veel meer baat hebben gehad bij een langdurige testfase dan bij een snelle introductie van het vaccin.'

En wat die contacten met de farmaceutische industrie betreft: die zijn in de virologie onontbeerlijk, zegt Claassen. 'Wij moeten van de politiek valoriseren: laten zien wat de maatschappelijke waarde van kennis is. Dat vereist communicatieve vaardigheden. Wie beschikken daarover? Mensen met kwaliteit. En zij werken vaak met de industrie samen.'

'Vaak wordt iemand juist een expert doordat hij kennis heeft van verschillende werelden', zei wetenschapssocioloog Erwin van Rijswoud in 2012 in de Volkskrant. 'Osterhaus zit op maandag in zijn lab, praat op dinsdag met de minister, op woensdag met de baas van de Wereldgezondheidsorganisatie en op donderdag met een grote farmaceut. Juist door die verschillende petten weet hij perfect wat er speelt.' Volgens filosoof en publicist Christian Jongeneel, auteur van het boek Het zit in een lab en het heeft gelijk, neemt het bedrijfsleven de ruimte in die de terugtredende overheid heeft opengelaten. 'Van Wageningen tot Delft, je kunt geen onderzoeker meer vinden zonder banden met de industrie. O, er loopt vast nog ergens een volstrekt onafhankelijke hoogleraar Sanskriet rond. Maar die krijgt als kritiek: wat moeten we met jou en je dode talen?'

Grote voorbeelden 

Ab Osterhaus heeft een beknopt en een uitgebreid cv. Het laatste telt 4.301 woorden (11 pagina’s). Het vermeldt de 15 wetenschappelijke functies die hij heeft bekleed of nog steeds bekleedt, het lidmaatschap van 15w etenschappelijke organisaties, 24 periodieken waarbij hij betrokken is (geweest), 21 onderscheidingen en prijzen en een selectie van zijn ruim 30 patenten. De laatste 8 pagina’s betreffen zijn adviesfuncties, onderzoeksprojecten, congressen en bedrijven waarbij hij betrokken was en een waslijst van lezingen, publicaties en door hem geïdentificeerde virussen.

Indianenverhalen

Osterhaus zelf geeft zelden lucht aan eventuele ergernissen over de 'indianenverhalen' die de ronde doen over zijn relaties met de industrie, zegt Claassen. 'Als mij dat allemaal was overkomen, had ik allang in de Verenigde Staten gewerkt. Maar ja, Ab is loyaal hè.' Die loyaliteit geldt niet alleen Nederland, maar ook de mensen met wie hij werkt - ook als die het, naar Claassens mening, niet hebben verdiend. 'Als een medewerker hem een kunstje flikt, heeft hij moeite daar consequenties aan te verbinden. In dat opzicht is hij echt een watje. Die zachtmoedigheid siert hem als mens, maar voor mij, als zijn zakelijke rechterhand, is het weleens vervelend. Ik moet vervolgens tegenover zo'n medewerker de boeman zijn.' Maar Claassen onderkent ook de voordelen van Osterhaus om mensen aan zich te binden: binnen zijn Rotterdamse onderzoeksgroep, 'het lab van Ab', was weinig verloop en heerste geen onmin. 'Het hele clubje hangt nog steeds aan hem.'


'Ab is een echte teamworker', beaamt zijn voormalige studievriend Geert Huisman - thans dierenarts in ruste. 'Hij weet mensen op een subtiele manier te sturen. Ze moeten bij hem niet aankomen met flauwekulverhalen. Daaraan heeft hij een grondige hekel.' Hij bindt vooral mensen aan zich door zelf het goede voorbeeld te geven. 'Hij is superintelligent', zegt Huisman. 'Ab kan in twee uur verstouwen waar ik twee dagen voor nodig heb. En hij is zo iemand die 's ochtends als eerste komt en 's avonds als laatste vertrekt.'

Osterhaus tijdens zijn vakantiewerk in Frankrijk, een jaar voor hij zijn studie in Utrecht startte. Beeld -

'Ik kan het aantal vakantiedagen dat hij de laatste 32 jaar heeft opgenomen bijna op de vingers van twee handen tellen', zegt Claassen. 'Meestal is hij na drie dagen weer terug.' Osterhaus zelf zei ooit over het absolute primaat van werk in zijn leven: 'Als ze een steen door mijn raam gooien, is dat jammer. Ik ben toch nooit thuis.' In een interview erkende hij dat zijn echtscheiding 'gedeeltelijk' voortvloeide uit zijn arbeidsethos. 'Ik ben een onmogelijk mens.' Een familieman is hij niet, beaamt Claassen. 'Hij probeert tijd te vinden voor zijn kleinkinderen. Dat betekent niet dat hij elk weekend met hen naar de dierentuin gaat, maar eens per jaar. U en ik proberen altijd een balans te vinden tussen de verschillende domeinen van het leven. Daarvan heeft Ab geen last. Daardoor kan hij veel meer werk verzetten.'


'Ik was een beetje zo'n adhd-kind', zei Osterhaus in het voornoemde interview. 'Niet helemaal adhd. Die kinderen kunnen zich niet concentreren, dat kan ik wel.' Osterhaus groeide op in Amsterdam Slotermeer, als een van zeven kinderen in een rooms-katholiek gezin. Moeder was huisvrouw, vader - opgeleid als leraar Engels - werkte bij Shell als wetenschapsredacteur. Ad was vaak buiten. Ving salamanders bij Sloterdijk, zocht in de duinen naar salamanders, kweekte hazelwormen en fokte konijnen. Maar bovenal was hij een hartstochtelijk voetballer. 'Hij kwam uit de buurt van Cruyff', zegt Claassen. 'En als voetballertje was hij zeker zo gedreven als Cruyff. Het was zijn droom om beroepsvoetballer te worden en daar is ook even sprake van geweest. Toen hij zag dat in het voetbal de top onbereikbaar was, verloor hij zijn belangstelling ervoor.'

Spaanse griep 

De Spaanse griep, veroorzaakt door een virus van het type H1N1, heeft in 1918 en 1919 wereldwijd tussen de 20- en 100miljoen levens geëist een veelvoud van het aantal gevallenen (ruim 9miljoen) tijdens de Eerste Wereldoorlog. De griep werd naar Spanje vernoemd, omdat de kranten in dat destijds neutrale land er voor het eerst gewag van maakten. De griep is vermoedelijk ontstaan in de Verenigde Staten en is door Amerikaanse militairen naar Europa ‘geëxporteerd’. De ziekte trof vooral jonge volwassenen.

Osterhaus ging in Utrecht diergeneeskunde studeren. 'Daar ging hij uiterst doelgericht te werk', herinnert medestudent Geert Huisman zich. 'Zonder zijn maatschappelijk engagement geweld aan te doen. Hij deed mee aan een krakersactie in Schalkwijk. Daar stond hij stoer te doen met een man of wat. Een linkse rakker was hij niet, maar hij had het hart op de goede plaats.'


'Ik was een dwarse student', erkende Osterhaus gretig. 'Geëngageerd, met van die lange haren. Een prominente professor, befaamd om zijn colleges, vond die houding maar niks. Kwam-ie zo'n collegezaal binnen met 300 man. 'Zeg Osterhaus, moet jij ook dierenarts worden?', op zo'n toon alsof ik er helemaal verkeerd zat. Ik zei, door de microfoon: 'Nou, denk het niet. Ik denk dat ik maar professor word.'

Osterhaus ontvangt de Schimmel-Viruly-prijs in Utrecht, 1985. Beeld -

Nederlaag

Hij legde zich toe op de virologie, verzamelde en ontdekte virussen: een herpesvirus bij hagedissen, het parvovirus bij een hond. In 1978, vijf jaar nadat hij zijn studie cum laude had afgesloten, promoveerde hij op het coronavirus bij katten. Eind jaren tachtig, toen hij werkzaam was bij het RIVM in Bilthoven, vond hij het virus dat de zeehondensterfte op de Waddenzee had veroorzaakt. Hij werd expert op het gebied van vogelgriepvirussen, was leidend in het onderzoek naar sars, Mexicaanse griep en mers. Tot zijn verdriet heeft hij vooralsnog geen hiv-vaccin ontwikkeld. 'Ik vind het een nederlaag voor de wetenschap dat we dat nog niet voor elkaar hebben gekregen.'


'De virale infectiezieken zijn een moeilijk veld', zegt Claassen. 'Vanwege hun acute karakter. Kijk, een kankerspecialist kan allerhande voorbehouden maken in de wetenschap dat Amsterdam morgen niet door kanker zal zijn geveld. Maar Amsterdammers sterven wel massaal als ze morgen door ebola worden getroffen. Ab moet in de communicatie dus stellig zijn zonder het gedrag van een nieuw virus volkomen te kunnen doorgronden.'

cv Ab Osterhaus

1948 2 juni geboren in Amsterdam
1974 Dierenartsexamen Utrecht
1978 Proefschrift over coronavirus bij katten
1978 Gaat werken bij het RIVM
1990 Hoogleraar milieuvirologie Universiteit Utrecht (tot 2011)
1993 Hoogleraar virologie Erasmus Universteit Rotterdam
1995 Lid van de Gezondheidsraad (tot 2013)
2005 Lid wetenschappelijke Raad van Advies Institut Pasteur
2011 Hoogleraar wildlife virulogy en virus discovery Universiteit Utrecht
2014 Directeur Research Center for Emerging infections and Zoonoses Hannover

Daarmee maak je niet louter vrienden, zeker niet op aanpalende vakgebieden. 'Ik behoor niet tot de Osterhaus fanclub', zegt bijvoorbeeld epidemioloog Luc Bonneux - tevens columnist van de website Medisch Contact. 'Vroeger zou je zo iemand vakidioot hebben genoemd. Het is niet omdat je een goed viroloog bent en een heel goed werkleider van een groot virologisch lab, dat je dan ook verstand hebt van epidemiologie. Ik ga Ab niet vertellen hoe hij virussen kweekt. Het zou te appreciëren zijn als Ab dokters niet gaat vertellen hoe zij patiënten moeten behandelen.'

Onder vakgenoten is Osterhaus echter onomstreden. 'We mogen Ab Osterhaus dankbaar zijn', schreven achttien influenza-deskundigen nadat de Mexicaanse griep zich in een mildere vorm had gemanifesteerd dan Osterhaus had voorzien. Net als bij de Spaanse griep in 1918 zou de Mexicaanse griep na een sluimerfase in volle hevigheid kunnen toeslaan. 'Waarom geven we moeiteloos miljarden uit om banken overeind te houden en vinden we dit (de aankoop van 34 miljoen doses griepvaccin, red.) al te veel', vroeg hij zichzelf destijds af.

'Op zijn vakgebied blijft hij leidend tot zijn dood', zegt Claassen. 'Al wordt hij 90.' Hij zal dus nog geregeld in talkshows over de mogelijkheid van pandemieën spreken. 'Dat is de aard van het beestje', zegt Claassen. 'Ab wil mensen bewustmaken van de gevaren, maar vindt het ook heerlijk om in de spotlights te staan. Hij pakt het stukje bühne er gewoon bij. Niets menselijks is hem vreemd.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden