MuziekNederlands Vioolconcours

Violisten van 6 tot 26 jaar strijden op het Nederlands Vioolconcours. Wie wint, schept hoge verwachtingen

Nederland staat er met sterren als Janine Jansen goed voor als vioolland, maar voor extreme virtuositeit op jonge leeftijd moet je in Azië zijn. 

Jonge violisten in de lift bij het Nederlands Vioolconcours in 2018.Beeld Foppe Schut

Vanaf zaterdag reizen er weer tientallen violisten en violistjes naar Utrecht. Dan begint namelijk het Nederlands Vioolconcours. Drie weken lang zijn er wedstrijden, in vier leeftijdscategorieën, en workshops. Maar het concours is niet alleen van violisten, voor violisten: er zijn concerten, zoals een marathon met alle Beethoven-vioolsonates (26/1) door oud-winnaars. De krachtmetingen zelf zijn natuurlijk ook de moeite waard, en in veel gevallen gratis te bezoeken in TivoliVredenburg en het Utrechts Conservatorium.

Wat betekent het om het concours te winnen?

Eigenlijk gaat het om vier verschillende concoursen die zijn samengevoegd en nu om de twee jaar worden georganiseerd. Dat voor de oudste deelnemers (geboren tussen 2 februari 1993 en 1 februari 2002) is vernoemd naar Oskar Back (1879-1963), een van oorsprong Hongaars musicus die in Nederland neerstreek en hier tal van violisten opleidde. Win je ‘Oskar Back’, dan zijn alle ogen op jou gericht. Veel winnaars zijn zeer succesvol geworden, zoals Emmy Verhey, Jaap van Zweden en Liza Ferschtman. Janine Jansen werd in 1993 derde, al was ze toen pas 15.

Wie was Oskar Back?

Oskar Back werd in 1879 in Wenen geboren, maar vestigde zich na de Eerste Wereldoorlog in Amsterdam. Daar legde hij de basis voor wat de Nederlandse vioolschool zou gaan heten: hij was leraar van violisten die zelf ook veelgeprezen docenten zouden worden, zoals Davina van Wely, Theo Olof en Herman Krebbers. Hij stond te boek als veeleisend, waardoor de lat in Nederland hoger kwam te liggen.

Is het een garantie voor succes?

Met de winst ben je niet verzekerd van een mooie carrière als solist – daarvoor is de markt te klein. Een blik op de laureatenlijst levert genoeg momenten op van: wie was dat ook alweer, hoe zou het met die zijn? Daar staat tegenover dat er genoeg succesvolle violisten zijn die nooit het erepodium beklommen – laatbloeiers, violisten die misschien nog niet bij de voor hen juiste leraar zaten. Het is onvoorspelbaar wie het wel of niet redt. Zeker in deze tijd, waarin je je als musicus ook moet kunnen verkopen.

Feit is: wie Oskar Back wint, zal er de rest van zijn leven aan worden herinnerd, en met verwachtingen moeten omgaan. Op 1 februari soleren de finalisten bij het Residentie Orkest in de Grote Zaal van TivoliVredenburg.

Is dit het belangrijkste concours in Nederland?

Voor violisten wel, voor pianisten is er in maart dit jaar (ook in Utrecht) het Liszt Concours – al moet je dan uitblinken in de muziek van één componist, Franz Liszt. Qua prestige worden beide concoursen overtroffen door de Koningin Elisabethwedstrijd in Brussel, die beurtelings voor violisten, pianisten, zangers en (sinds 2017) voor cellisten wordt georganiseerd. Voor Oskar Back geldt dat je alleen mee kunt doen als je de Nederlandse nationaliteit hebt.

Een meisje speelt viool op het Nederlands Vioolconcours in 2018.Beeld Foppe Schut

Hoe is het niveau van de vioolspelende jeugd in Nederland?

Kijk je naar de internationaal actieve solisten, dan kun je concluderen dat Nederland nog altijd meer een viool- dan een pianoland is – en er goed voor staat. Maar zoek je naar filmpjes van vioolspelende kinderen, dan kun je vaststellen dat er in Azië een massa jongens en meisjes van een jaar of 7 is die in technisch opzicht verder is dan de gemiddelde 18-jarige Nederlander die toelating doet voor het conservatorium.

De cultus rond kindsterren is, aangewakkerd door YouTube en sociale media, helemaal terug. Zoek eens naar de Japanse Himari Yoshimura (7), die vorig jaar in Brussel de Grumiaux-wedstrijd voor jong talent won met een Paganini-concert, of volg de leerlingen van de beroemde vioolpedagoog Zakhar Bron (die onder meer Vadim Repin en Maxim Vengerov opleidde). Je gelooft haast niet dat het geluid en beeld bij elkaar horen.

In Nederland zijn de meeste ouders echter van de school dat het voor zulke jonge kinderen niet zo goed is om acht uur per dag te studeren. Uiteindelijk gaat het erom wat je als musicus – als je dat wordt – te zeggen hebt; technische onberispelijkheid is van minder belang.

Waarom organiseren we dan toch zulke concoursen?

Omdat het motiveert – je hebt iets om naartoe te werken, je verlegt je grenzen. En je leert er andere viooltalenten en -docenten kennen.

Waarom zijn onze topviolisten allemaal vrouwen?

Een van de raadselen van onze tijd! De Nederlandse vioolsolisten die de wereld overvliegen heten Janine Jansen, Liza Ferschtman, Simone Lamsma, Rosanne Philippens en Maria Milstein. En een talent als Noa Wildschut, die al op haar 16de een album uitbracht bij Warner, is ook al geen jongen. De Nederlandse symfonieorkesten zijn in de afgelopen decennia steeds vrouwelijker geworden.

Er beginnen meer meisjes met vioolspelen, ze houden het langer vol. Dat er veel vrouwelijke rolmodellen zijn, speelt zeker mee. Praat je met jonge violisten, dan noemen ze bijzonder vaak Jansen als voorbeeld. Maar zit er verandering aan te komen? De laatste drie winnaars (Benjamim Gilmore, Michael Foyle en Niek Baar) zijn toch alle drie man. Gelijkheid is eindelijk in zicht.

Het Nederlands Vioolconcours duurt van 11/1 t/m 2/2. Info: nederlandsvioolconcours.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden