Vijftig

Die ochtend zat Dingetjes zevenjarige zoontje uit haar vorige huwelijk in gedachten verzonken voor zich uit te staren op een van de achterste schoolbankjes in het klaslokaal van de Hyperactieve Basisschool....

Bij het betreden van de school had hij ze al op het speelplein zien staan, in gezelschap van de directeur. Jip (50) lachte veel, al klonk het niet echt van harte; een beetje zoals Mient Jan Faber lachte, bedacht het zoontje, ook al had hij die nooit zien lachen - maar misschien was dat het juist wel.

Janneke (50) stond een beetje apart: ze had rare kleren aan, alsof ze net vijfentwintig kilometer had gewandeld, maar zonder plezier. Net als hun schepster staken Jip en Janneke de ene sigaret na de andere op. Af en toe wapperde de directeur van de basisschool met zijn handen wanneer hij geheel door een wolk sigarettenrook aan het zicht dreigde te worden onttrokken, maar je kon duidelijk zien dat hij er niks van durfde te zeggen.

Een paar dagen geleden was het zoontje met zijn moeder naar de Echt heel Leuke Kinderboekwinkel gegaan. Waarom de kinderboekwinkel zo heette was hem een raadsel, want naar Dragonball of Medabots kon je er vergeefs zoeken.

'Heeft u misschien belangstelling voor een Jip en Janneke kalender?' had de verkoopster somber gevraagd. En toen het zoontje zijn hoofd had geschud, had zij er veelbetekenend aan toegevoegd: 'Het is deze week Annie M.G. Schmidt-week, dus ik moet het wel vragen.'

Beide ouders van het zoontje waren met de werken van de kettingrokende schrijfster opgegroeid. In gelukkiger tijden haakten zij soms de ellebogen aaneen en maakten dan een rondedansje door de kamer waarbij zij 'In een rijtuigie!' zongen. Het zoontje was er nog altijd niet helemaal uit of dit een gelukkige jeugdherinnering was, of juist de oppervlakkige schil die grotere, en veel verschrikkelijker, herinneringen diende te bedekken.

Later was zijn vader begonnen met het voorlezen van de Jip en Janneke boeken. Soms las hij wel vier verhaaltjes achter elkaar: van de buitenkant leek het er dus op dat hij een heel Gewone en Leuke Vader was, maar het zoontje kon zich nooit aan de indruk onttrekken dat zijn vader zo lang voorlas om maar niet over echt belangrijke dingen te hoeven praten, zoals de zichtbare verwijdering tussen hemzelf en de moeder van het zoontje.

Na de scheiding brak er een periode aan waarin het zoontje de boeken van Jip en Janneke helemaal niet meer inkeek: zelf had hij hier een heel geloofwaardige verklaring voor, maar aan de andere kant wist hij dat hij het zijn ouders nooit uit zou kunnen leggen.

In het kader van de Annie M.G. Schmidt Week gingen Jip en Janneke deze ochtend in het klaslokaal achter de tafel zitten waar normaalgesproken de meester altijd zat. Beiden trommelden met hun vingers op het tafelblad: je kon goed zien dat het hun moeite kostte hier niet te roken.

'Jullie mogen alles vragen wat jullie willen,' zei Jip; sommige jeugdhelden werden nooit ouder, zoals Kuifje en Lucky Luke, maar op de vermoeide gezichten van Jip en Janneke had het verstrijken van de jaren zijn sporen nagelaten. Misschien hadden ze het zelf ook wel een beetje gehad, dacht het zoontje, en wisten ze alleen nog niet hoe ze er een punt aan konden draaien.

Hij stak zijn vinger op.

'Vanmorgen las ik in de krant dat het Amerikaanse leger liedjes uit Sesamstraat gebruikt bij het verhoren van Iraakse krijgsgevangenen,' zei het zoontje. 'Sergeant Hadsell legt in het blad Newsweek uit hoe het verzet van de gevangenen gebroken wordt: 'Als je er vierentwintig uur naar moet luisteren, nemen je lichamelijke en geestelijke vermogens af en kun je je niet meer concentreren.'

Jip graaide in het borstzakje van zijn overhemd en trok er een pakje Marlboro Light uit. 'Ja?' zei hij.

'Zou het parallel aan deze verhoortechniek ook denkbaar kunnen zijn dat kinderen die in hun jeugd met jullie boeken zijn doodgegooid van de weeromstuit gaan beweren dat ze een gelukkige jeugd hebben gehad?' vroeg het zoontje.

Met zijn tanden trok Jip een sigaret uit het pakje; uit zijn andere borstzakje toverde hij zijn Zippo aansteker tevoorschijn.

'Ik ben erg blij dat je die vraag stelt,' zei hij, terwijl hij met zichtbaar genoegen de rook door zijn neusgaten uitblies.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden