Vijftig jaar na Martin Luther King nog steeds de straat op - nu in Brooklyn

'Een zakje Skittles of een mobieltje - ze zien in alles een pistool'

Vijftig jaar na de moord op Martin Luther King klinkt in de straten van New York opnieuw het 'Shut it down'. Niet van winkels of bussen, maar van het politiebureau. Want weer werd een zwarte burger doorzeefd door politiekogels.

Foto ap

Saheed Vassell was niet de eerste en zal niet de laatste zijn, dat maakt de buurtbewoners die bijeen zijn op de plek waar hij is doodgeschoten zo boos.

‘This shit goes down day after day in this country.’ ‘Politiemensen zijn allemaal racisten!’ ‘Je hoeft maar iets in je hand te houden en je wordt neergeschoten.’ Waarom schieten ze meteen?’ ‘Waar is de gerechtigheid?’

Ze staan op een straathoek in Crown Heights, een wijk in Brooklyn in New York met een exotische mix van orthodoxe joden en Jamaicaanse immigranten. Er staan wat kratten met Caribisch fruit tegen de pui van Chucky Fresh Market; verderop kun je koosjere bagels bij de koffie krijgen. Hier werd Vassell (34), zowel een vader als een zoon, woensdag met tien politiekogels doodgeschoten. Hij was ongewapend, maar had wel een stalen pijp in de aanslag.

Vassell past in een rij van honderden ongewapende zwarte mannen, soms vrouwen, soms kinderen, die de afgelopen decennia door de politie zijn doodgeschoten.

‘Het is steeds een vergissing!’, roept Shanduke McPhatter, een grote man met een baard, een zonnebril en een mutsje, een oud-lid van de Bloods-bende die zich nu inzet voor de buurt. ‘Of je nou een portemonnee vast hebt of een zakje Skittles of een mobieltje of een stalen pijp ze zien in alles een pistool. Dat verschil is echt wel te zien, weet ik uit ervaring.’

‘Het is absurd’, zegt Reuven Lipkind, een oudere heer die een paar blokken verderop woont. ‘Ik ben loodgieter geweest. Een stalen pijp is wat anders dan een geweer.’

Kratten

Vassell past in die rij politiedoden, maar is net als alle anderen ook een geval apart. In tegenstelling tot Clark in Sacramento had Vassell wél mensen bedreigd. Op beelden van bewakingscamera’s zie je hem door de straat lopen. Hij heeft de buis vast als een pistool, en richt die met abrupte bewegingen op de hoofden van voorbijgangers; ook drukt hij de ‘loop’ tegen iemands borst. Verschillende mensen belden het noodnummer 911 en gaven zijn signalement door. Toen de politie arriveerde ging Vassell wijdbeens staan, strekte zijn armen en richtte hij zijn pijp op de vijf agenten. Vier van hen openden het vuur zonder waarschuwing, volgens ooggetuigen.

‘Iedereen kende hem’, zegt buurtbewoonster Nareen Charles (41). ‘Hij liep vaak op straat. Hielp de kapper met vegen, of tilde kratten in de buurtsuper. Ook de wijkagenten hier kenden hem. Iedereen wist dat hij ongevaarlijk was, ook al was hij niet helemaal normaal.’

Vassell was inderdaad bekend bij de politie: hij is zeker twintig keer gearresteerd. En Vassell was bipolair, en de drugs en de drank maakten hem nog wat warriger. Hij speelde soms met de dingen die hij van de grond raapte. Soms speelde hij politiemannetje.

‘Sinds wanneer staat de doodstraf op een psychische aandoening?’, vraagt Mike Tucker, wiens zoon in 2005 niet ver hiervandaan na een worsteling per ongeluk door een politieman door het hoofd werd geschoten. ‘Kan iemand mij vertellen waarom dit nog mogelijk is, dat een zwarte man zonder aarzelen wordt doodgeschoten, precies vijftig jaar na de grootste tragedie van Amerika, de moord op Martin Luther King?’

Het probleem is dat de wijkagenten Vassell wel kenden, maar de speciale agenten die op de melding afkwamen niet. Die moesten in een flits handelen, zegt burgemeester Bill de Blasio vrijdag. ‘Als iemand een pistool lijkt te richten op onschuldige voorbijgangers kun je niet wachten. Onze agenten moesten zo snel mogelijk ingrijpen.’

Sommige buurtbewoners vinden dat de politie dan voortaan maar niet meer moet worden gebeld. Sterker nog: degenen die de politie wél belden, zijn medeschuldig aan de dood van Vassell, roept een vrouw donderdagavond door de microfoon. ‘Dat zijn de mensen die deze buurt niet kennen. Die zien in elke zwarte die zich anders gedraagt dan ze gewend zijn een gevaarlijke gangster. Dat zijn de nieuwkomers, de witte mensen die onze buurt inpikken. Die zijn het probleem!’

Zo maakt de dood van een zwarte man meer Amerikaanse problemen zichtbaar: de geestelijke gezondheidszorg, gentrificatie, gebrekkig onderwijs. Steeds delven de zwarten het onderspit, en al dat onrecht wordt het concreetst in de politiekogels waarmee zwarten worden doodgeschoten. Slechts twee van de vijftien prominente incidenten waarbij agenten ongewapende zwarte Amerikanen doodschoten leidden de laatste jaren tot een veroordeling.

‘Wij willen namen’, roepen de demonstranten naam en huidskleur van de schutters zijn nog niet vrijgegeven. Ze lopen met een stuk of duizend naar het politiebureau in de wijk, dat omringd is door hekken en zwijgende agenten. ‘Shut it down’, wordt er gescandeerd in navolging van Martin Luther King, die via boycots van winkels en bussen burgerrechten afdwong. Maar het politiebureau blijft open. ‘Volgend jaar sta ik hier weer’, zucht Tucker.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.