reportage herdenking 1968

Vijftig jaar na de Praagse Lente zijn de Russen terug in Tsjechië

Met een virtualrealitybril op ondergaat een vrouw hoe het was toen de tanks Praag binnen reden. Beeld Simon Lenskens

Vijftig jaar nadat Sovjet-tanks de Praagse Lente de nek omdraaiden heeft Tsjechië opnieuw te kampen met Russische bemoeienis. Is de les van ’68 wel geleerd? 

In hartje Praag staat een man te spreken, maar niemand kan hem horen. Niet zijn lijfwachten, niet zijn secondanten, niet de verslaggevers, niet de woedende betogers. Andrej Babiš kijkt gepijnigd op van zijn tekst. Boven het geschreeuw van de demonstranten kan hij niet uitkomen. 

‘Schande! Schande!’, weerkaatst tegen de gevels. ‘Babiš naar de gevangenis!’ Hier had de Tsjechische premier geen rekening mee gehouden. Misschien had hij thuis moeten blijven.

Voor het pand van de nationale radio, waar vijftig jaar geleden zeventien doden vielen in de eerste dagen van de Praagse Lente, hebben zich dinsdag honderden burgers verzameld. Ze herdenken de gebeurtenissen van augustus 1968, toen Sovjet-tanks de hoop op het ‘menselijker’ socialisme vermorzelden. Premier Babiš is uitgenodigd voor een toespraak, maar de menigte jouwt hem uit. Tijdens de dictatuur was Babiš (64) informant voor de communistische geheime dienst StB. Dat uitgerekend hij zich bij deze herdenking durft te vertonen, vinden de betogers respectloos.

In 1968 was de planeconomie een paar maanden lang vrijer geweest, was de censuur losser, waren de vrijpartijen beter en de filosofische debatten wilder – tot de nacht van 20 op 21 augustus. Toen greep Moskou in. Hand in hand met andere landen van het Warschaupact – Polen, Hongarije, Bulgarije, de DDR – draaide de Sovjet-Unie de Praagse Lente de nek om.

Nieuwe inmenging

Tussen de leuzen door waagt een enkeling zich dinsdag aan beladen vragen. Is de les van ’68 wel geleerd? Hoe weerbaar is het nieuwe Tsjechië eigenlijk tegen nieuwe inmenging uit Moskou?

Ga kijken in het Praagse kasteel, zeggen ze, waar de Tsjechische president zetelt: Miloš Zeman. Hij bekleedt een ceremoniële functie, maar in interviews houdt de markante Zeman staande dat Rusland een voorbeeldige democratie is en dat de oorlog in Oost-Oekraïne niets met Russische agressie te maken heeft. Tijdens een persconferentie poseerde hij eens met een jachtgeweer met daarop de tekst: ‘Voor journalisten.’ Van de Europese sancties tegen Rusland wil hij af.

‘Zeman fungeert voor het Kremlin als een nuttige idioot’, zegt Jakub Janda, directeur van de gezaghebbende denktank European Values. ‘Hij probeert het Tsjechische Rusland-beleid te saboteren.’

Een strijdlustige Tsjech is op een Sovjet-tank geklommen uit protest tegen de inval in augustus 1968. Beeld Josef Koudelka / Magnum Photos

Minstens zo opmerkelijk is dat in het herdenkingsjaar 2018 een minderheidskabinet aantrad met gedoogsteun van de communisten. Voluit: de Communistische Partij van Bohemen en Moravië (KSCM). Bij de laatste verkiezingen kreeg ze een kleine 8 procent van de Tsjechen achter zich, hoofdzakelijk ouderen op het leeglopende platteland. Indirect zitten ze in het kapitalistische Tsjechië nu weer aan de knoppen.

Poetin als ‘stabiliserende kracht’

De vicevoorzitter van de KSCM, Katerina Konečná (37), ontvangt haar bezoek tegen de achtergrond van een enorm doek vol rode vlaggen en hamers en sikkels. ‘Ik weet niet precies waar die afbeeldingen over gaan.’ Konečná wil uit de NAVO, liever vandaag dan morgen. Poetin vindt ze een ‘stabiliserende’ kracht die ‘veiligheid’ heeft gebracht na de wilde jaren negentig. De Tsjechische communisten hebben overigens formeel geen inspraak in het Tsjechische buitenlandbeleid – dat ligt bij de minderheidscoalitie van Babiš.

Konečná en haar kameraden zijn intussen aan het kleien geslagen met de historische feiten. Ineens dragen de Oekraïners en niet de Russen die schuld voor ’68, zoals partijleider Vojtech Filip onlangs tegen The Guardian zei. ‘Brezjnev kwam uit Oekraïne.’ De oorlog in Oost-Oekraïne ontstond volgens Konečná doordat Kiev de bevolking daar verwaarloosde. De annexatie van de Krim? ‘Er was een referendum. Het volk heeft gekozen.’

In de loop van de broeierige dinsdagavond stroomt het Wenceslas-plein in Praag vol voor een herdenkingsconcert. Ouderen vegen hun ogen droog bij de eerste klanken van een lied dat de illustere zanger Karel Kryl op de dag na de invasie componeerde.

‘Het regent en het is donker buiten,

Deze nacht zal geen korte worden.

De wolf hongert naar het lam

Broertje, sluit de deur! Sluit de deur!’

Een paar straten verderop kunnen jongeren het gevoel van ’68 beleven dankzij een virtualrealitybril. Er staat een tank van papier-maché bij. Doe de bril op en je zit zelf op een geschutskoepel. Van alle kanten klinkt lawaai. Iemand brult bevelen. Ga je op je Slavische broeders schieten?

Van invasie naar infiltratie

De pas 27-jarige analist Jakub Janda onderzoekt met subsidie van onder meer de Nederlandse en Amerikaanse regering de Russische bemoeizucht met het Tsjechië van nu. In een lommerrijke wijk van Praag trekt hij een vergelijking met ’68. ‘Het is geen nieuwe invasie’, zegt Janda. ‘Wel een nieuwe infiltratie.’

Toen ging het met rupsbanden en uniformen, vandaag met online-desinformatie en machtspolitiek. Begin dit jaar won Zeman opnieuw de presidentsverkiezingen. De denktank beschrijft in een rapport hoe vier ‘nieuwssites’ desinformatie verspreidden over diens tegenkandidaat, Jiri Drahoš. Te weten: ‘Drahoš wil de grenzen opengooien voor migranten.’ Of: ‘Drahoš is een marionet van Duitsland.’ Tsjechen deelden de artikelen duizenden keren op Facebook. Wie er precies achter de webpagina’s zit, is volgens Janda niet vast te stellen. Maar wat hen kenmerkt, is een hang naar Rusland.

Binnen het ministerie van Binnenlandse Zaken is sinds begin 2017 een eenheid van ongeveer twintig mensen belast met het actief opsporen van ‘bedreigende’ desinformatie. In totaal, zo zegt directeur Benedikt Vangeli, zijn er ongeveer honderd schadelijke Tsjechische websites waarvan een link vermoed wordt naar Rusland. ‘Daarvan zijn er veertig actief. De rest is slapend.’

Zorgen zijn er ook over een mogelijke deal met Rosatom, het Russische staatsbedrijf voor nucleaire energie. Tsjechië wil meer elektriciteit gaan opwekken met kernenergie, en de reactor aan de zuidgrens is aan vervanging toe. President Zeman ijvert voor samenwerking met de Russen, eventueel via een lening.

Ter herdenking van de invasie van 1968 wordt er op het Wenceslasplein een tank tentoongesteld. Beeld Simon Lenskens

‘De dreiging zit hem niet in de kerncentrale zelf’, zegt Jakub Janda, die doodsbedreigingen zegt te krijgen vanwege zijn Ruslandkritiek. ‘De dreiging zit in een schimmig contract met Rosatom.’ Hij verwijst naar de Hongaarse premier Vikto Orbán die twee jaar terug in zee ging met Rosatom voor de bouw van een nucleaire reactor. Een deel van dat contract is nooit openbaar gemaakt. ‘Zo’n deal is een handige dekmantel voor meer geopolitieke invloed. Nu al heeft Rusland hier een grote ambassade met 130 medewerkers. Voor je het weet komen er dozijnen Russen bij: advocatenkantoren, pr-bedrijven.’

Weg was het verzet

De dag na het herdenkingsconcert zit František Stárek (65) aan de rode limonade. Als de dissident Václav Havel, de latere president, iets teveel gedronken had, chauffeurde Stárek hem naar huis. Voor de smokkel van verboden samizdat-literatuur kreeg hij eind jaren tachtig drieënhalf jaar cel. Na val van de Muur in 1989 schoof hij in één moeite door naar de nieuwe geheime dienst, waar hij zeventien jaar lang werkte. Heel de Tsjechische tragiek borrelt in zijn glas.

Met de vrijgevochten Praagse Lente heeft het huidige Tsjechië niet zoveel meer te maken, vindt Stárek. Wel met wat erna kwam. ‘De normalisatie’, heet die periode. Oftewel: de gewenning. De jaren waarin Tsjechen als wuivend koren meebogen met hun Sovjet-bezetters. Weg was het verzet. Stárek gruwt ervan. Op zulke momenten, als de Tsjech zijn ruggegraat maximaal buigt, is Stárek ‘niet zo onder de indruk’ van zijn landgenoten.

Tegenstanders van de Tsjechische premier Andrej Babiš protesteren bij het gebouw van de publieke radio-omroep in Praag. Beeld Simon Lenskens

Waar is de woede, nu premier Andrej Babiš eigenaar is geworden van twee grote kranten en een reeks aan journalisten heeft laten ontslaan? ‘Babiš wil de alleenheerschappij van één partij, dat is helder. Maar blijkbaar zijn mensen niet geïnteresseerd in vrijheid. De logica is: als je je mondt houdt, zal ik je voeden. ’

Stárek en zijn lange vlassige baard komen overeind. ‘Ik kan in mijn leven geen twee revoluties leiden’, grinnikt hij. Zijn tijd is geweest. De rode limonade is op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.