Vierde plek geeft meerkamper Sintnicolaas dubbel gevoel

SOPOT - Eelco Sintnicolaas wist niet wat hij moest verwachten van de WK indoor. Vijf weken geleden dacht hij nog dat zijn indoorseizoen voorbij was, omdat hij onder narcose een operatie aan zijn billen moest ondergaan. Drie weken geleden, na een sterk optreden bij de NK zevenkamp in Apeldoorn, leek hij ineens weer medaillekandidaat.


De vierde plaats was zaterdag het onbevredigende eindresultaat van zijn eerste WK indoor. Met zijn 6.198 punten bleef hij te ver verwijderd van het resultaat in Apeldoorn: 6.242. Het nationale record waarmee hij vorig jaar Europees kampioen indoor werd, 6.372 punten, bleek helemaal te hoog gegrepen. Met dat totaal zou hij riant tweede zijn geworden achter Ashton Eaton, de Amerikaanse wereldrecordhouder en olympisch kampioen tienkamp die voor de tweede maal de indoortitel veroverde.


Eaton (26) is op de meerkamp een klasse apart, vooral dankzij zijn sprintsnelheid. Sintnicolaas (26) is qua stabiliteit de enige meerkamper die zich met hem kan meten. Volgens zijn trainer Vince de Lange hebben alleen de Nederlander en de Amerikaan de laatste vijf jaar onafgebroken in de toptien van beste meerkampers gestaan.


Op Europees niveau heeft die stabiliteit Sintnicolaas topklasseringen opgeleverd. Hij was op de tienkamp Europees kampioen onder 23 jaar (2009), hij werd tweede bij de EK atletiek (2010) en vorig jaar greep hij de Europese titel indoor op de zevenkamp. Op WK's is een medaille buiten bereik gebleven. In 2011 en 2013 werd hij vijfde. En in Sopot dus vierde.


'Eelco is een laatbloeier', meent trainer De Lange. 'Een tienkamper draait één keer in zijn leven een ideale tienkamp. Sommige doen het twee keer. Of drie keer. Die van Eelco komt nog. Hij heeft tot nu toe altijd een misser gehad. Soms is dat niet erg en wordt hij toch kampioen, zoals vorig jaar. Soms is die misser wat erger.'


In Sopot was duidelijk op welk onderdeel Sintnicolaas in de fout ging. Op vijf onderdelen zette hij de beste prestatie van de winter neer: de 60 meter (7,01 seconden), hoogspringen (2.03 meter), 60 meter horden (8,05 seconden), polsstokhoogspringen (5.40 meter) en de 1.000 meter (2.38,98 minuten). Bij het kogelstoten presteerde hij behoorlijk (14.39 meter). Alleen bij het verspringen bleef hij ver onder de maat. Met 7.14 meter bleef hij bijna 0,5 meter onder zijn sprong uit Apeldoorn.


Dat was opvallend, aangezien Sintnicolaas deze winter twee weken in Brazilië heeft getraind met de befaamde verspringcoach Nelio Mauro. Hij weet dat op dat onderdeel progressie te boeken valt. Met het oog op de WK van 2015 en de Zomerspelen van 2016 leek het nuttig bij de Braziliaanse coach in de leer te gaan.


De lessen zijn volgens De Lange voor de lange termijn nuttig geweest. Op de korte termijn leidden ze tot fysieke klachten. Sintnicolaas scheurde in de tweede trainingsweek een hamstring in zijn afzetbeen (links) tijdens een sprongvorm. Daarvan moest hij ruim een maand herstellen. De Lange: 'We waren er om te leren. Hij volgde het schema van de groep van Mauro. Dat is een risico, omdat je dingen doet die je niet gewend bent. Dat ging fout.'


Ontsteking

Naast de gescheurde hamstring en de biloperatie schopte ook een derde probleem de WK-voorbereiding van de doorgaans gezonde Sintnicolaas in de war. Door een hardnekkige slijmbeursontsteking in zijn linkerschouder kon hij de hele winter niet bankdrukken of polsstokhoogspringen. In de aanloop naar Sopot werkte hij volgens De Lange slechts drie serieuze trainingen af op zijn sterkste onderdeel.


In het resultaat was dat gebrek aan oefening nauwelijks zichtbaar. Sintnicolaas had slechts vier sprongen nodig om over 5.40 te zweven, de hoogte waarmee hij het onderdeel won. Hij liet de lat daarna op 5.60 leggen, in een uiterste poging zijn medaillekansen nieuw leven in te blazen. Die hoogte, 8 centimeter boven zijn persoonlijke record, bleek onhaalbaar.


Dat betekende dat Sintnicolaas via de afsluitende 1.000 meter slechts brons kon pakken door 6,5 seconde voor de Belg Thomas van der Plaetsen te eindigen, een nagenoeg onmogelijke opdracht. Bovendien kleefde er een risico aan: als hij zou instorten, kon hij terugzakken naar plaats zes. De keuze was niet moeilijk, vond hij. 'Liever zesde dan bij voorbaat genoegen nemen met de vierde plaats.'


Op zijn sprintspikes koos Sintnicolaas het pad van de snellere Eaton, die uit was op een verbetering van zijn wereldrecord. Beide atleten bereikten hun doel niet. De Amerikaan liep 1,18 seconde te langzaam voor een bonus van 50 duizend dollar. Sintnicolaas kon Van der Plaetsen niet van zich afschudden. 'Aanhaken is altijd makkelijk dan loslopen', zei hij.


Sintnicolaas baalde van de uitslag. En toch ook weer niet. Net als in de aanloop naar Sopot hinkte hij op twee gedachten. Zijn indoorseizoen had vijf weken geleden al voorbij kunnen zijn, zonder zevenkampen. Maar een zilveren WK-medaille had er ook ingezeten.


pagina 11


Ook blanke mannen kunnen sprinten

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden