Zomer 2018: Koeien op een droog weiland in Friesland.

Vier adviezen aardopwarming

Vier manieren waarop we de opwarming van de aarde kunnen tegengaan

Zomer 2018: Koeien op een droog weiland in Friesland. Beeld Foto ANP

Het invloedrijk VN-klimaatpanel IPCC heeft in een groot rapport op een rij gezet hoe landbouw, veeteelt en andere vormen van landgebruik schadelijk zijn voor het klimaat. Dit is wat we er zelf aan kunnen doen:

1. Efficiënter watergebruik

Het probleem: door bevolkingsgroei en toegenomen consumptie per hoofd van de bevolking is het watergebruik de afgelopen decennia sterk gestegen. Grootgebruiker is de landbouw: de agrarische sector gebruikt op dit moment wereldwijd 70 procent van het zoet water. Het watergebruik zal in de loop van deze eeuw naar verwachting alleen maar toenemen, afhankelijk van bevolkingsgroei, sociaal-economische ontwikkeling en technologische vooruitgang.

Door de groeiende vraag naar water en door de klimaatverandering, waarbij perioden van droogte vaker voorkomen, zullen meer mensen te maken krijgen met zogeheten waterstress – het ontbreken van voldoende schoon drinkwater. Van de landen die het meeste kans maken op extreem hoge waterstress liggen de meeste in het Midden-Oosten en in Noord-Afrika. Daaronder Qatar, Israël en Libanon. Ook India, met zijn omvangrijke bevolking, ligt in de gevarenzone.

Volgens het IPCC zullen bij gematigde voortgang van klimaatverandering (1,5 graden Celsius in 2050) over dertig jaar 178 miljoen mensen leven in gebieden met waterstress. Als de atmosfeer dan 2 graden is opgewarmd, zijn dat er 220 miljoen. Bij 3 tot 3,5 graden opwarming in 2100 leven aan het eind van de eeuw naar schatting 2,6 miljard mensen in gebieden waar watertekorten heersen. Dat aantal zal oplopen naarmate de aarde meer opwarmt.

De oplossing: beter watermanagement. Met verbeterde landbouwtechnieken, het tegengaan van verdamping en het telen van droogtebestendige gewassen kan het gebruik van oppervlakte water en grondwater worden beperkt. Het opvangen en vasthouden van (regen)water kan efficiënter dan nu vaak gebeurt.

Het is nu ‘officieel’: we moeten veel minder vlees eten, minder voedsel verkwisten en zuiniger zijn op onze bossen. Lees de analyse van buitenlandredacteur Ben van Raaij. 

2. Minder vlees

Het probleem: de productie van vlees heeft groot effect op het milieu. Vooral het produceren van rundvlees draagt in ruime mate bij aan de uitstoot van broeikasgassen en legt een groot beslag op land en water. De vraag naar vlees neemt toe naarmate mensen meer te besteden hebben. Vooral in Latijns Amerika is de productie van vlees – kip, varken en rund – de afgelopen decennia sterk gegroeid. Met grootschalige ontbossing en toegenomen uitstoot van broeikasgas als gevolg.

In de Verenigde Staten bestaat 4 procent van het gekochte voedsel – in gewicht uitgedrukt – uit rundvlees. Die hoeveelheid vlees is verantwoordelijk voor 36 procent van alle emissies die verband houden met de productie van het Amerikaanse voedsel. Nu wordt ongeveer 50 procent van het bewoonbare land op aarde gebruikt voor landbouw. Als de hele wereld het gemiddelde dieet van een Amerikaan zou overnemen, zou er meer grond nodig zijn (178 procent) dan er beschikbaar is. Als iedereen het dieet en de vleesconsumptie van een Brit zou overnemen is 95 procent van het land op aarde nodig voor de agrarische sector.

De oplossing: groei van de vleesproductie kan het beste worden tegengegaan door verandering van dieet: minder (rood) vlees, meer plantaardig voedsel – fruit, groenten, noten. Ook insecten kunnen een vervangende bron zijn voor proteïnen. Verder noemt het IPCC kweekvlees en vegetarische vleesvervangers als bijdrage aan een gezonder en duurzaam dieet. Een beperkte veestapel blijft een nuttige bron voor dierlijke eiwitten. Koeien en andere dieren die zich voeden met gras, kunnen grazen op gronden die niet geschikt zijn voor landbouwgewassen.

Beeld de Volkskrant

3. Verkwisting van voedsel

Het probleem: eenderde van al het voedsel dat wereldwijd wordt geproduceerd, gaat verloren tijdens productie, transport en opslag of wordt door de consument weggegooid. De hoeveelheid voedsel die werd verspild tussen 2010 en 2016 was verantwoordelijk voor 8 tot 10 procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen door voedselproductie. Geschatte kosten: een biljoen dollar (miljoen keer een miljoen) per jaar.

De afgelopen vijftig jaar nam de hoeveelheid voedsel die jaarlijks verloren gaat toe van 540 miljoen ton (in 1961) tot 1.630 miljoen ton (in 2011). De hoeveelheid vlees, melk en aardappelen die in 2009 verloren ging, was verantwoordelijk voor 3 procent van de wereldwijde stikstof-uitstoot van de landbouw.

In ontwikkelingslanden gaat een groot deel van het geproduceerde voedsel verloren door een gebrekkige infrastructuur, bijvoorbeeld het ontbreken van koeling. In rijke landen zijn het vooral de consumenten die voedsel bij het afval gooien. Ter vergelijking: in 2007 ging 20 procent van het voedsel in Europa en Noord-Amerika verloren, tegen 30 procent in Afrika.

De oplossing: verkwisting kan volgens het IPCC worden tegengegaan door verbetering van oogstmethoden, van de opslag op de boerderij en tijdens transport, van de infrastructuur en van het verpakken van voedsel. Technische oplossingen bieden niet de hele oplossing: ook het gedrag van de consument, die meer koopt dan hij of zij gebruikt, moet veranderen. Voedsel dat onvermijdelijk verloren gaat, kan worden gebruikt voor het opwekken van duurzame energie.

4. Ontbossing

Het probleem: Minder bos betekent minder opname van broeikasgas (CO2) en daardoor meer opwarming van de aarde. Sinds 1990 is de bosbedekking van het aardoppervlak met 3 procent afgenomen. In de tropen kromp de omvang van het bos, in gebieden met een gematigd klimaat kwam juist aanzienlijk meer bos. In tropische streken verdween tussen 1990 en 2015 jaarlijks 55 duizend vierkante kilometer bos. Er is ook onderzoek waaruit blijkt dat de bodembedekking door bomen de laatste decennia wereldwijd is toegenomen; die tegenstrijdigheid wijt het IPCC aan methodologische verschillen. Onderzoeken spreken elkaar ook tegen over de vraag of de ontbossing tegenwoordig sneller gaat of vertraagt.

Landbouwgebieden die in plaats zijn gekomen van bossen, hebben 20 tot 60 procent van de CO2 die natuurlijk in het bos was opgeslagen, verloren en vormen een belangrijk bron van broeikasgas. Illegale houtkap en niet-duurzaam bosbeheer dragen ook bij aan de uitstoot van broeikasgas. Ontboste gebieden zijn kwetsbaar voor bodemerosie.

Bos wordt gekapt om plaats te maken voor landbouwgrond, voor het hout en – in mindere mate – om ruimte te maken voor woongebieden, zo blijkt uit cijfers over de jaren 2001-2015. Bijna een kwart van het bos is verloren gegaan door branden. Het noordpoolgebied werd groener, evenals de Sahel – waar de afgelopen jaren meer neerslag viel. In berggebieden ging de boomgrens omhoog.

De oplossing: Duurzaam bosbeheer, waarbij de biodiversiteit behouden blijft, moet de wouden van de wereld beschermen. Het moet mogelijk zijn de producten die het bos voortbrengt – hout, planten – zodanig te gebruiken dat het woud niet wordt aangetast. Betere landbouwmethoden moeten de honger naar gebiedsuitbreiding stillen.

De Volkskrant Klimaatgids

Hoe kun je groenere keuzes maken, zonder het gevoel te hebben dat je van alles moet opgeven? Doe de test of lees de verhalen in deze klimaatgids. 

Gratis e-book: Hoe voeden we 10 miljard monden in 2050?

Eten we in 2050 kweekvlees of krekels? Wat zijn de spannende initiatieven op het gebied van voedsel? En hoe draag je zelf bij aan een betere wereld? Het zijn onderwerpen die aan bod kwamen tijdens ons project de VoedselzaakDe beste artikelen bundelden we in een e-book dat u hier gratis kunt downloaden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden