Reportage Herdenking opstand van Warschau

Veteranen Opstand van Warschau laten herdenking aan zich voorbij gaan wegens inmenging rechts-nationalistische partij

In het Veteranenhuis in het centrum van Warschau leggen jonge vrijwilligers een veteraan uit hoe hij zijn smartphone moet gebruiken. Beeld Malecki Piotr

Donderdag is het precies 75 jaar geleden dat de Opstand van Warschau begon. De heroïsche poging om de nazi’s uit Polen te verdrijven wordt ook nu weer groots herdacht in het land. Maar een deel van de veteranen die erbij waren, laat de herdenking aan zich voorbijgaan. Ze zijn boos dat de rechts-nationalistische PiS-regering van hun ervaringen nu politiek maakt.

In de woonkamer van het Veteranenhuis in Warschau zitten een stuk of vijftien 90-plussers in een kring. Bij sommigen glinsteren medailles op hun jasje. Hun rollators staan in een hoek, krukken liggen op stoelen. De ouderen drinken frambozenlimonade uit kleine glaasjes en praten – zoals bijna altijd – over de Tweede Wereldoorlog. Het is wat de mannen en vrouwen bindt: zij namen op 1 augustus 1944, donderdag precies 75 jaar geleden, de wapens op om de Poolse hoofdstad te bevrijden van de Duitsers. Zij zijn de veteranen van de Powstanie Warszawskie, oftewel de Opstand van Warschau.

Nog zo’n 1.800 veteranen van toen zijn in leven. Velen van hen hebben geen familie of vrienden meer, of ze hebben kinderen die zelf al in de zeventig zijn en steeds minder voor hun ouders kunnen betekenen. Het hele jaar door rijdt daarom de Veteranenbus door Warschau om de oorlogshelden op te pikken. Ze worden ’s avonds weer thuisgebracht. Overdag vertoeven ze in het Veteranenhuis. ‘We hebben het hier goed hoor’, zegt Jerzy Ogledzki (96). Ze krijgen eten, volgen gymnastiekles en zingen samen. De plek wordt gerund door vrijwilligers.

De Opstand van Warschau wordt in Polen elk jaar al groots herdacht, maar dit jaar zijn er nog eens extra optochten vanwege het jubileum – én vanwege de politieke polarisatie, die tot verdriet van de veteranen tot verschillende herdenkingsmarsen leidt. Taxi’s zijn de hele week gratis voor veteranen. ‘Deze mensen hebben het ondenkbare meegemaakt’, zegt directeur Janusz Owsiany van Monopol Warszawski, een organisatie die nauw verbonden is met het Veteranenhuis. ‘Ze hebben de bezetting van Warschau meegemaakt en gevochten tegen de Duitsers. Ze zijn gewond geraakt, hersteld, vervolgens in concentratiekampen terechtgekomen en na de oorlog door de Sovjets in de gevangenis gegooid.’

Duitse soldaten vechten tegen strijders van de Poolse verzetsbeweging tijdens de Opstand van Warschau, in augustus 1944. Beeld Getty Images

De opstand duurde 63 dagen en liep niet goed af voor de Polen. Het Rode Leger, gelegerd aan de oostoever van de Wisla, schoot uit strategische overwegingen de opstandelingen niet te hulp. Ook de westerse bondgenoten lieten het afweten. ‘We zijn toen in de steek gelaten’, zegt Zbigniew Daab (90). ‘Dat doet nog steeds pijn.’

18 duizend Poolse strijders sneuvelden er, 25 duizend anderen raakten gewond. De rest van de bevolking van Warschau werd verdreven. Op bevel van Hitler werd Warschau vervolgens letterlijk met de grond gelijk gemaakt, gebouw na gebouw werd opgeblazen of met vlammenwerpers verwoest. In totaal verloren 200 duizend burgers het leven. ‘Tijdens die 63 dagen ben ik mijn moeder, mijn twee zussen en twee broers verloren. Daarna heb ik zelf in vier kampen gezeten’, zegt de 93-jarige Czeslaw, die in een grote zwarte fauteuil zit. ‘Pas in dit veteranenhuis heb ik daar openlijk over kunnen praten.’

Tijdens de Opstand van Warschau pakten Poolse verzetsstrijders de wapens op om Warschau te bevrijden van nazi-Duitsland. Beeld Universal Images Group via Getty

Ook andere veteranen hebben een groot deel van hun leven niet kunnen vertellen wat ze hadden doorgemaakt. In het door de Sovjet-Unie bezette Polen werden ze gezien als verraders, omdat ze voor een vrij en onafhankelijk Polen zouden hebben gevochten. Het verklaart waarom Veteranenhuizen nu zo populair zijn in Polen: de ouderen kunnen eindelijk praten over de ellende waarvan ze getuige waren. Het idee dat het Westen niet weet hoe Polen geleden heeft tijdens de oorlog zit diep. ‘Mensen in West-Europa mogen dit niet vergeten’, zegt Ogledzki. ‘Ze moeten weten wat er is gebeurd met Warschau.’

Dat vindt ook Katarzyna Wyszomierska, die donderdag de stiltemars organiseert en verbonden is met het Veteranenhuis. ‘We moeten deze ouderen de erkenning geven die ze al die jaren niet hebben gehad’, zegt ze. ‘Ze zijn aan het uitsterven: iedere week overlijdt er één volgens de statistieken.’ De grootmoeder van Wyszomierska kwam tijdens de Opstand van Warschau om, toen Duitsers haar woning in brand staken. ‘De opstand is nog steeds een van de grote tragedies uit de Poolse geschiedenis. In het Veteranenhuis proberen we iets te doen voor de opstandelingen die nog leven. Vanuit de overheid krijgen ze wel wat financiële steun, maar niet de sociale contacten die ze hier vinden.’

Veteranen van de Opstand van Warschau in het Veteranenhuis dat speciaal voor hen is gebouwd. Beeld Malecki Piotr

De stiltemars van Wyszomierska, waar nadrukkelijk geen politieke symbolen zijn toegestaan, staat haaks op een andere mars die donderdag door Warschau trekt: de optocht van rechts-nationalisten. Sinds in Polen de rechts-nationalistische partij PiS aan de macht is, zijn de herdenkingen van de opstand veranderd. ‘Voetbalhooligans hebben zich het teken van de opstand toegeëigend’, zegt Wyszomierska. ‘Het symbool in de vorm van een anker is een merk geworden.’ In winkels zijn T-shirts, sokken en beddengoed met het teken te krijgen. ‘Het is een schande dat hooligans tijdens rellen met petjes van de opstand lopen. Alleen veteranen zouden dat mogen doen. En ook tijdens wedstrijden halen die supporters soms zelfs geld op voor de veteranen.’

Het symbool van de opstand wordt nu gebruikt voor alles waar PiS in Polen voor staat: de witte man, traditionele gezinswaarden, xenofobisch en anti-lhtbi. Wyszomierska ondervond zelf dat er aan subsidie om de opstand te herdenken andere voorwaarden werden gesteld dan voorheen. ‘Er werd me gevraagd of ik tijdens de stiltemars ook aandacht zou kunnen besteden aan de Smolensk-ramp uit 2010. Ik geloofde mijn oren niet.’ Tijdens de vliegramp verongelukten tal van Poolse regeringsfunctionarissen onder wie president Lech Kaczynski, de broer van huidig PiS-leider Jaroslaw Kaczynski.

Een veteraan bekijkt een kunstwerk over de opstand van ’44. Beeld Malecki Piotr

De veteranen zijn er zelf ook niet blij mee dat PiS ze voor zijn karretje probeert te spannen. ‘Wij voelen geen verdeeldheid. Wij Polen hebben met z’n allen gevochten tegen de Duitsers. Mannen, vrouwen en er zaten vast ook homoseksuelen bij’, zegt Zbigniew Daab (90). Het merendeel van de ouderen zal dan ook niet meelopen met een van de marsen vandaag. Ze blijven in het Veteranenhuis, waar op groot scherm films van vóór de Tweede Wereldoorlog zullen worden vertoond.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden