'Verzorg geesteszieke patiënt thuis'

Door psychiatrische patiënten thuis op te vangen, kan betere zorg worden geboden en kunnen veel kosten worden bespaard. Maar Nederlandse klinieken aarzelen....

Amsterdam Zo’n 20 tot 30 procent van de bedden in psychiatrische klinieken kan binnen een paar jaar verdwijnen. Door de zorg structureel anders te organiseren, kan bijna een op de drie zware psychiatrische patiënten die nu regelmatig of langdurig worden opgenomen, terug naar huis. Bovendien is dat ook nog eens goedkoper.

Dit stellen psychiaters en bestuurders vandaag op een congres over een relatief nieuwe manier van zorg: Function Assertive Community Treatment (FACT). Behandelaars komen volgens deze methode dagelijks en soms meermaals per dag naar het huis van de patiënt, in plaats van te wachten tot de patiënt naar hen toekomt.

Zodra het beter gaat, krijgt de patiënt minder bezoek. Als de toestand verslechtert, gaat de frequentie weer omhoog. Al die tijd blijft de patiënt onder behandeling van hetzelfde FACT-team. Dat bestaat uit psychiaters, psychologen, verpleegkundigen en hulp bij bezigheden als schoonmaken of huur betalen. Ze houden voortdurend in de gaten of een patiënt afglijdt. De methode komt voor uit het al langer bekende, intensievere Assertive Community Treatment (ACT), dat zich alleen richt op de allerzwaarste patiënten, de ‘zorgmijders’.

‘Door dit soort mobiele teams in te zetten die dag en nacht beschikbaar zijn, kan het aantal bedden naar beneden’, zegt hoogleraar en psychiater Niels Mulder van het Erasmus MC en ggz BavoEuropoort. Nederland loopt volgens hem ‘enorm achter’ op het buitenland in het afbouwen van psychiatrische bedden. ‘In Engeland en Italië zitten al drie tot vier keer zo veel psychiatrische patiënten thuis als hier. Sinds de jaren ’80 is in Engeland het aantal bedden met ruim 60 procent afgenomen. In Italië is dat zelfs 87 procent. Voor Nederland is dat maar 18 procent.’

Dat komt doordat in Engeland een heel netwerk van teams bezig is om patiënten op te zoeken, zegt hij. ‘Ze combineren het daar bijvoorbeeld met crisisteams, die niets anders doen dan proberen patiënten uit de kliniek te houden. Dat zou hier ook moeten gebeuren.’

Omdat er door de thuisbehandelingen minder voorzieningen nodig zijn, kan dit kosten besparen, zegt Mulder. ‘Een dag in de kliniek kost 300 euro per patiënt. Terwijl een bezoek thuis maar 80 euro kost.’

FACT richt zicht op patiënten met ernstige psychiatrische problemen zoals schizofrenie, vaak gecombineerd met verslaving. ‘Mensen waarvan we vijf jaar geleden nog dachten: die kunnen we echt niet thuis laten wonen’, zegt Rob de Jong, directeur bij ggz-instelling Altrecht in Utrecht. ‘Maar door deze ‘klinieken op wielen’ kan dat wel.’

Dat Nederland zo ver achterloopt, komt ook doordat hier geen prikkels zijn om patiënten uit instellingen weg te houden, zegt Mulder. ‘Sterker, het is juist aantrekkelijk om ze wel op te nemen. Dat levert geld op.’

Toch neemt het aantal teams dat de straat op gaat in Nederland sinds 2003 gestaag toe. Inmiddels zijn er 35 teams voor de zwaarste patiënten, en 120 voor de iets lichtere groep.

Twaalf instellingen werken samen om hierin een voortrekkersrol te vervullen. Zo stelt Altrecht in Utrecht binnen 10 jaar 100 van de 250 bedden te willen laten verdwijnen door het aantal teams te verhogen. Patiënten zijn veel tevredener als ze thuis worden behandeld, zegt De Jong van Altrecht. ‘In een kliniek zitten mensen tussen andere patiënten die ook allerlei problemen hebben, zoals psychoses of verslavingen. Dat levert spanningen en incidenten op.’

‘Je moet voortdurend rekening houden met andere mensen die óók veel moeite hebben met sociale contacten’, zegt psychiater Remmers van Veldhuizen, voormalig directeur zorgontwikkeling van ggz Noord-Holland Noord. ‘Verpleegkundigen besteden een groot deel van hun dag aan het voorkomen van gedoe op afdelingen. Er is bijna geen patiënt die zegt: laat mij maar in een psychiatrisch ziekenhuis zitten.’

Mensen hebben thuis het gevoel dat ze de regie over hun eigen leven houden, zegt De Jong. ‘Dat bevordert het herstel.’ ‘Als een behandelaar bij iemand thuis komt, ziet hij vaak ook sneller wat er aan de hand is’, zegt Van Veldhuizen. ‘Bijvoorbeeld hoeveel iemand heeft gedronken. En je ziet nog eens een keer een leuke foto hangen, waardoor je in de gaten krijgt of er een sociaal vangnet is.’ Ook raken familieleden meer betrokken, zegt Van Veldhuizen. ‘Als iemand thuis woont, wil zijn moeder best af en toe langskomen om het toilet schoon te maken. Maar dat doet ze niet op een afdeling waar nog twaalf andere patiënten op dat toilet zitten.’

In de regio Noord-Holland Noord, waar Van Veldhuizen tot voor kort als psychiater werkte, is het aantal bedden inmiddels met 20 procent verminderd door de inzet van mobiele teams. Dat komt niet doordat het aantal opnamen daalde, maar wel doordat de duur daarvan afnam. ‘De gemiddelde psychotische opname is 105 dagen. Bij ons is dat 45 dagen.’

‘Vroeger liepen de problemen bij deze mensen vaak zo hoog op dat ze ’s nachts met gillende sirenes werden afgevoerd. Maar omdat we heel snel zien of ze ontregeld raken, loopt het steeds minder uit de hand.’ Dat er meer problemen in de steden zullen komen als patiënten vaker thuis blijven wonen, bestrijdt Van Veldhuizen. ‘De problemen ontstaan vooral als mensen helemaal niet worden behandeld.’ Mulder: ‘Juist doordat wij ze zo goed in de gaten houden, voorkomen we dat er problemen in de buurt ontstaan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden