postuumjoke folmer (1923-2022)

Verzetsvrouw die honderden levens redde, maar het niet kon uitstaan dat het er niet méér waren doordat ze werd gepakt

Joke Folmer zat nog op school toen ze ‘boodschappenmeisje van het verzet’ werd. Ze rolde erin, vertelde ze zelf: ‘Eerst boodschappen, dan pakjes, en dan mensen – Joodse mensen en Engelandvaarders en alles wat naar de grens moest.’

Cecilia Tabak
Joke Folmer Beeld Julius Schrank / de Volkskrant
Joke FolmerBeeld Julius Schrank / de Volkskrant

Borduren klinkt misschien als een bezigheid voor bezadigde oude dames, maar voor Joke Folmer was het een daad van verzet, een van haar vele. Toen ze, amper 20, door de nazi’s van de ene gevangenis naar de andere werd gesleept, in afwachting van haar executie wegens hulp aan gestrande piloten, borduurde ze op een zakdoek de namen van de plaatsen waar ze was – Scheveningen, Vught, Utrecht, Waldheim – met de data erbij. De naald verstopte ze in het eelt van haar hand. Op een stoffen placemat priegelde ze met naald en draad de heerlijkheden waar zij en haar celmaatjes van droomden: pruimen, aardbeien, taart. ‘Ik denk dat we blij waren met elke dag dat we nog leefden’, vertelde Folmer in het boek Palet van verzet van Simone Jacobs (2018). ‘We knokten niet om een stukje brood of wat soep. We waren niet afgunstig. We hielpen elkaar. Ik denk dat we het daarom hebben overleefd.’

Maar er was nog een reden: de Duitse hang naar Gründlichkeit. Bang voor de oprukkende geallieerden sleurden de Duitsers hun gevangenen steeds dieper hun gedoemde rijk in, het papierwerk volgde pas later, en zonder papieren geen executie. Na de bevrijding in mei 1945 keerde ze op eigen kracht – deerlijk in de steek gelaten door het Rode Kruis – vanuit Duitsland met een handjevol lotgenoten terug naar huis.

Joodse vriendin

Joke Folmer werd in 1923 geboren in Hoofddorp, maar groeide op in Nederlands-Indië. In 1939 kwam het gezin, met inmiddels een jonger broertje, in Zeist wonen. Toen het oorlog werd en haar Joodse vriendin niet meer naar school mocht komen, vroeg een leraar of ze huiswerk naar haar toe wilde brengen. Zo begon haar koerierswerk voor het verzet.

‘Ik had een mandje en daar zat van alles in. Voedselbonnen, legitimatiebewijzen of wat zwaars, ik denk dat dat munitie was’, vertelde ze in de FryslânDok-documentaire Boodschappenmeisje van het verzet (2022). ‘Dan rol je erin. Eerst boodschappen, dan pakjes, en dan mensen – Joodse mensen en Engelandvaarders en alles wat naar de grens moest.’ Tot ze in 1944 werd gearresteerd en ter dood veroordeeld.

De Volkskrant profileert regelmatig onbekende, kleurrijke Nederlanders die onlangs zijn overleden. Wilt u iemand aanmelden? postuum@volkskrant.nl

Na de oorlog trouwde ze met oud-verzetsstrijder Ben de Groot, met wie ze in Deventer vijf kinderen grootbracht. Daarnaast nam ze, via haar werk bij de Kinderbescherming en de Pleeggezinnencentrale, een rits kinderen op in haar gezin. En ze fungeerde als een ‘soort vervangende moeder’ voor Inge Beekman, die ook bij de Pleeggezinnencentrale werkte en net haar moeder had verloren. Ze bleven altijd bevriend, ook nadat Folmer na haar scheiding midden jaren zeventig naar Schiermonnikoog was verhuisd.

Zachte krachten

‘Joke was een bijzondere vrouw, en every inch a lady – altijd een ketting, lippenstift en nagellak’, blikt Beekman terug. ‘Ze was heel lief, maar tegelijk iemand met zachte krachten: wat zij wilde, gebeurde.’ Als Beekman met haar gezin op Schier kwam logeren, bekommerde Folmer zich ’s ochtends om de kinderen, zodat Beekman en haar man wat rust kregen. ‘Dan zette ze haar vertelhoed op en kwamen de verhalen, over haar avonturen in Indonesië. De kinderen vonden het prachtig.’

Daar, op Schiermonnikoog, overleed ze op 11 december, 99 jaar oud. Een van de sprekers op haar uitvaart was een Amerikaan, Lynn David. Hij vertelde hoe de aangeschoten B-17 van zijn vader neerkwam bij Durgerdam en Folmer hem veilig het land uit hielp. ‘Ik ben 74, mijn zoon is 44, mijn kleindochter is 6. Deze drie mensen zouden er niet geweest zijn zonder mensen als Joke Folmer.’

Folmer redde niet alleen deze piloot het leven, maar talloze mensen, onder wie ruim driehonderd geallieerde militairen – ze kreeg er de hoogste dapperheidsmedailles voor. Ál deze mensen hebben dankzij Joke Folmer kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen kunnen krijgen – genoeg om een bescheiden Waddeneiland mee te bevolken.

Lees ook het gesprek met de toen 98-jarige Joke Folmer in een interviewserie ter gelegenheid van het 100-jarig jubileum van de Volkskrant in oktober 2021: ‘Ik dacht: als ik iets tegen die Duitsers kan doen, dan doe ik dat’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden