Verweerde en bemoste terrasjes

Terug van vakantie uit een mediterraan land valt me opeens extra op hoe ongeïnspireerd rechtlijnig de traditionele Nederlandse tuin erbij ligt....

Geen wonder dat sierbestrating in de tuin in hoog tempo terrein wint. Geen stoeptegels en zelfs geen in een cirkel gelegde rode klinkers, maar sierbestrating. De waaltjes, rijnstenen of kinderkopjes mogen niet gewoon rechttoe, rechtaan van schutting tot schutting liggen, maar horen in een hoekje van de tuin in geometrisch patroon een terrasje te vormen, of een slingerpaadje te maken door het groen. De tuin moet er in volle zon uitzien alsof we in Engeland, Frankrijk of een ander land aan de Middellandse Zee zijn.

Fabrikanten en leveranciers hebben dat inmiddels heel goed begrepen. Er is een stortvloed aan stenen in de handel. Het opmerkelijkst in deze branche zijn de natuurlijke steensoorten, al zijn die nou net niet bedoeld voor de aanleg van terrasjes. Er is rood-grijze lavasteen te koop in diverse maten, hoekige gletsjersteen, uit grijswitte laagjes opgebouwde maaskeien, en grijze strandsteen waarvan punten en randen door het water glad zijn gepolijst.

De echte populariteit genieten momenteel kunstmatig gefabriekte of op maat geslagen steentjes. Het gaat om gegoten of gebakken steen, en om granietsoorten die tot een soort kinderkopjes zijn afgebikt. Tuincentra en en gespecialiseerde stenenwinkels kunnen ze niet aangesleept krijgen.

Als we de stenenhandelaars en tuintijdschriften mogen geloven, kunnen amateur-hoveniers zelf een bestrating leggen. Daartoe dienen ze wel zware werkhandschoenen, een paar kniebeschermers en een rubber hamer aan te schaffen. Voor het behoud van het kostbare terrasje moeten zij een fiks aantal wetten naleven.

De vloer mag niet na een paar jaar gaan verzakken. Daarom kunnen zeker tegels die uit beton gegoten zijn, niet direct op de aarde worden gelegd. Met gewone aarde zijn de tegels niet te voegen, dan komen ze los te liggen. Bovendien is zo'n ondergrond nooit egaal, waardoor het terras onvermijdelijk hobbelig wordt.

Het schijnt raadzaam te zijn eerst twintig centimeter aarde weg te halen. Op de aangestampte aarde moet dan een flink funderinkje van zogenoemde steenslag komen, waar overheen een dikke laag zand behoort te worden gelegd. Die steenslag egaliseert de ondergrond niet alleen, het maakt ook het wegstromen van regenwater makkelijker. Daarnaast voorkomt de steenslag dat het zand in de loop der tijd door de druk van dat water onder tegels of stenen wordt uitgespoeld. Het gevolg daarvan is bekend: een hobbelig pad of terras, waarop een flinke regenbui meteen tot plassen leidt.

Voorts moeten tuiniers zich realiseren dat zonder passende maatregelen grasjes en mosjes tussen de stenen zullen opschieten. Is dat niet de bedoeling, dan moet er onder de stenen een speciale mat worden gelegd waar die sprietjes niet doorheen groeien. Anderzijds biedt dat natuurlijke groen wel de rustieke aanblik die nu zo in de mode is. Misschien moet zo'n mat daarom juist achterwege blijven.

Hoekstokjes met touwtjes ertussen gespannen bieden de stenenlegger houvast. Ze kunnen voorkomen dat het paadje ongewild zigzag komt te liggen. Een waterpas is nodig om het terras behoorlijk recht te leggen. Want wie met de neus op de grond ligt, kan onmogelijk recht of scheef naar behoren beoordelen. Bovendien mag recht weer niet spiegelglad zijn; naar de randen toe moet het terras ietsje aflopen om het weglopen van water te vergemakkelijken.

Het hele terras in één kleur leggen kan eigenlijk niet, zeker niet als die ene kleur steenrood is. Er zijn allerlei soorten uit beton gegoten en gebakken stenen te koop; de laatste zien er het minst gelikt uit. Gebakken steen is er onder andere in roze, paarsig, geel, groen, verschillende grijs-tinten, zacht oranje en bijna-zwart. Of die allemaal door elkaar worden gelegd, of dat de keus valt op een iets minder bonte combinatie hangt mede af van het formaat en het soort steen.

Standaardmaten voor klinkertjes zijn waalformaat, rijnformaat en keistenen. Een keisteen is gewoon een lompe klinker, zoals die op hedendaagse klinkerwegen te vinden is. Op rijnformaat is een klinker als die wat bescheidener is uitgevallen en daardoor minder grof oogt. Waalstenen zijn relatief dunne klinkertjes. Dit soort klinkers kost doorgaans tussen de 25 en de 39 gulden per vierkante meter.

Splinternieuw past niet in de hedendaagse inrichtingstrend. Zinken bloembakken moeten verweerd lijken, terra cotta hoort groen te zien van de alg. Tuinpaadjes en terrasjes mogen er dus ook niet te strak, te schoon, te pasgelegd uitzien. Het beste is het als het landgoed erbij ligt alsof we het zo van onze grootouders hebben geërfd.

Oude steentjes zijn moeilijk te krijgen en bovendien peperduur. Het aantal antieke kloostertuinen dat wordt geruimd, is per slot van rekening beperkt. Dan maar nieuwe steentjes, maar die moeten er uitzien alsof ze al minstens een mensenleeftijd hebben doorstaan. De kleurtjes dienen hun felheid verloren te hebben aan doffig grijs. De scherpe randen en hoeken moeten afgesleten zijn. De simpelste manier waarop een fabrikant dat voor elkaar krijgt, is door stenen te trommelen: ze rond te laten draaien in een soort wasmachine. Doordat ze daarbij tegen elkaar aanslaan, slijten hun randen en kleuren vanzelf af.

De ware antieke aanblik echter bieden steentjes die er een beetje aangebrand-donkergrijzig uitzien. Er bestaat vast een speciale manier van bakken om ze zo antiek-verbrand te krijgen. De fabrikant doet echter uiterst geheimzinnig over hoe ze worden gebakken en bij welke temperatuur, want de concurrent leest het antwoord ook.

Om patroontjes te leggen worden doorgaans zogenoemde vormstenen gebruikt. Stenen die zeshoekig zijn, of zeshoekig met golfjes aan de randen; klinkers met golfjes eraan; stenen die taps toelopen, waarbij de smalle punt naar het midden van de gelegde cirkel wijst; halfronde steentjes, die als een waaier in elkaar passen.

Het meest trendy op dit moment - want het meest buitenlands en het meest authentiek ogend - is alles wat lijkt op een kinderkopje: vierkante steentjes met een granieten buitenlaag, met onregelmatige randjes en liefst zelfs net niet allemaal even groot. Ze worden gebruikt voor paadjes en cirkeltjes, en voor sierrandjes tussen andere tegels en stenen. Zulke steentjes moeten vrij grof worden gevoegd. Helemaal net echt is het als er heel kleine kiezeltjes tussen het voeggruis zitten.

Sierstenen zijn wel behoorlijk duur. 25 gulden per vierkante meter is een koopje, want de meeste kosten ettelijke tientallen guldens. Geen wonder dat de aanbeveling luidt ze zelf te leggen, want een professionele stratenmaker kost per uur nog veel meer.

Mieke Zijlmans

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden