Verwarring, strijd en eenzaamheid definiëren de danser in New Adventures

Niks harmonie in de New Adventures van het Scapino Ballet; verwarring, strijd en eenzaamheid definiëren de danser. Ook de elf dansers van Felix Landerer worstelen met nabijheid en interactie, maar dan spannend en gevarieerd.

Beeld While we can van Felix Landerer

Als je het nieuwe programma van Scapino Ballet Rotterdam beschouwt als venster op de wereld, gaat het de mens niet goed. In alle drie de choreografieën van New Adventures, stuk voor stuk premières, heeft het lichaam het zwaar te verduren. Niks toonbeeld van harmonie, ook niet in contact met de ander. Juist verwarring, strijd, eenzaamheid of gekte definiëren de danser. Opvallend daarbij is het verschil in zeggingskracht.

New Adventures

Dans

Door Scapino Ballet Rotterdam. 7/6, Rotterdamse Schouwburg. Daar t/m 10/6. Tournee vanaf 13/9.

Op het randje van flauw, maar wel goed gemaakt, is Prince van de jonge choreograaf Martin Harriague. Deze Fransman, die ook danst bij een gezelschap in Israël, won in 2015 de Scapino Production Prize. Deze prijs is verbonden aan de internationale choreografiecompetitie van Hannover, die tot voor kort werd geleid door Ed Wubbe, de artistiek directeur van Scapino. Prince is het resultaat van de prijs en is alweer winnaar geweest op het choreografieconcours van Biarritz; in de dans wemelt het van de wedstrijden, niet alleen voor dansers.

Prince is een ingedikte parodie op de balletklassieker The Sleeping Beauty. Het verhaal van de mooie prins die de mooie prinses wakker kust, is overhoop gehaald. De ene genderhussel na de andere passeert, met vooral een expressieve rol voor danseres Bonnie Doets als fee in een dikkertjespak met afneembaar klokkenspel. Met roze licht, gekus te pas en te onpas en danscombinaties die eerder uit de hand gelopen turnoefeningen lijken, wordt korte metten gemaakt met de romantiek, sierlijkheid en virtuositeit van het origineel. Ook de grote emoties in de muziek van Tsjaikovski krijgen iets lachwekkends.

Serieuzer en vooral veel kaler, zowel wat betreft beeld als inhoud, is Love Gun van Itamar Serussi, opgeleid in Israël en in Nederland omarmd als choreograaf door destijds Danshuis Station Zuid. Sinds 2014 is hij een van de huischoreografen van Scapino. Serussi is bejubeld om zijn volgepakte, kakofonische bewegingstaal. Ook hij is nog altijd een relatief nieuwe maker, dus je gunt hem zijn ontwikkeling. Maar Love Gun doet vrezen dat hij te voorbarig is gehypet. Nog steeds zijn er die lijven met lijnvoeringen en sensaties uit ballet, moderne dans, sport en stomme film - gracieus, rond, energiek, koddig - maar het geheel oogt bedacht geknipt en geplakt, en er ontbreekt een kader. Waarom doen ze wat ze doen, deze man en twee vrouwen in hun lange kobaltblauwe jurken die mooi afsteken tegen de witte ruimte?

Er is weliswaar een gevoel van vervreemding, zoals ze daar dwalen op dat enorme toneel, solo's dansend terwijl de anderen metronomisch straf om de vloer heen stappen. En zoals ze opboksen tegen de harde muziek die net zo eclectisch is als hun dans. Pas tegen het eind zijn ze in staat iets van contact te maken in een korte omhelzing of een unisono duet. Maar het is te weinig om te boeien en dat kan ook een confettikanon met de song Don't you want me niet verhelpen.

Hekkensluiter Felix Landerer, al iets langer huischoreograaf bij Scapino en lekker op dreef met zijn eigen gezelschap in Hannover (ja, ook hij won dat concours ooit), geeft de avond zijn glans. Elf dansers in glinsterend zilveren, witte en zachtroze outfits zuigen je in While we can mee in een 'verhaal' over communicatie. Boven hen hangt een grijstintenprojectie die verre berglandschappen suggereert, de vloer is diepzwart en een elektronisch geluidsdecor is nauw verweven met de choreografie. Ook nu zien we het worstelen met nabijheid en diepgaande interactie, maar dan spannend en gevarieerd.

In allerlei combinaties zetten de dansers elkaar in beweging - een been wordt aangetikt, een hoofd weggedraaid, een lijf verplaatst. Het heeft iets mechanisch, afstandelijks, hoe organisch een en ander ook verloopt en hoe betrokken de interactie ook lijkt. Meerdere malen passeert een buitenstaander: een langzame man in het zwart en een dwarrelende fantasiefiguur in een kostuum van zilveren sliertjes. Zij belichamen het gevoel van die ene danser die bij aanvang stilletjes op de vloer ligt en gaandeweg, als enige, op zoek gaat naar die pols van een ander om stevig vast te houden.

Nog meer nieuw

Vier grote gezelschappen bieden deze maand nieuwe choreografen een podium.

Om zich te ontwikkelen en te presenteren moeten nieuwe choreografen (niet altijd jong) het tegenwoordig hebben van meerdere platforms. Naast productiehuizen, festivals en concoursen zijn er de talentprogramma's van de grote gezelschappen. Hier kunnen vooral dansers uit de eigen geledingen hun kwaliteiten als maker onderzoeken. Deze maand is het overal raak: Scapino Ballet presenteert Made in Rotterdam (22 en 23/6), in Arnhem komt Introdans in samenwerking met Generale Oost met Multicolour (9 t/m 11/6), Het Nationale Ballet heeft New Moves (26/6) en het Nederlands Dans Theater en Korzo lanceren samen in het Zuiderstrandtheater ShortCuts XL (30/6).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden