Reportage

Vertrek van woedende jeugd is voor Afrika een voordeel

Europa wil geld schenken, jeugd blijft sceptisch

De Vluchtelingentop op Malta moest migratie aan banden leggen. Maar voor Afrika zijn vertrekkers juist lucratief: ze sturen geld naar het moederland.

Op het strand van Accra organiseren jongeren zich om met visserij wat geld te verdienen. De werkloosheid is hoog en vertrekken aanlokkelijk. Foto Sven Torfinn

'Is homoseksualiteit toegestaan of strafbaar in Nederland?' De student twijfelt geen seconde: 'Toegestaan.' Het is het juiste antwoord, dus de docent, Appiah Agyei, hoeft niet te corrigeren. Op naar de volgende vraag. Over de bezetter van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Zowel de vragen als de antwoorden uit het lesboek voor het 'inburgeringsexamen' worden in het Nederlands gegeven. Maar met forse acccenten, want de Ghanese leraar heeft enkel ooit in Duitsland gewoond en zijn Ghanese pupillen zijn nog nooit in het land van de toegestane homoseksualiteit geweest.

Hun partners wonen daar, legaal en wel. De leerlingen, die aan tafel zitten in een gebouw dat 's avonds en op zondagen ruimte biedt aan een evangelische kerk, hopen voor het examen te slagen en zich binnenkort bij hun vriendin of echtgenoot te voegen. Dat moeten ze in hun eentje voor elkaar zien te krijgen. 'Tegenwoordig', zegt Agyei, 'wil niemand nog helpen om Afrikanen richting Europa te krijgen.'

Het is precies het sentiment dat overheerst op de migratietop die de Europese- en de Afrikaanse Unie deze week op Malta houden. De EU wil de grenzen voor Afrikaanse economische migranten sluiten. De meeste Afrikaanse landen willen dat migratie mogelijk blijft. Voor stagiairs en studenten bijvoorbeeld. Maar vooral, omdat de migranten juist in Europa van groot economisch belang voor Afrika zijn.

Het geld dat mensen uit het buitenland naar hun families in hun geboorteland sturen, de zogeheten remittances, draagt in veel Afrikaanse landen meer bij aan het bruto binnenlands product dan de sommen die het Westen overmaakt aan ontwikkelingshulp. Dat is voordeel één. En een jongere die elders een baan heeft gevonden, is voor de overheid van een Afrikaans land geen sociaal-economische kopzorg meer. Dat is voordeel twee.

Onhoudbaar

Deze gedachtenlijn is helder. Maar op termijn volstrekt onhoudbaar. Hoeveel jongeren ook proberen uit eigen land weg te komen en in Europa te geraken, Afrika blijft met een probleem zitten. Zo'n tweederde van de bevolking op het continent is jonger dan 35 jaar. Hun aantal neemt nog steeds toe. Er moet hoognodig naar de bevolkingspolitiek worden gekeken. En al zouden er minder jongeren geboren worden, dan nog zijn miljoenen banen nodig.

Ibrahim Suleymani is ambtenaar op het Ghanese ministerie van Arbeid. Hij moet uitvoering gaan geven aan de plannen van het onlangs bij wet opgestelde Agentschap voor Jeugdwerkgelegenheid (YEA). Daarmee is al een jaar of negen geleden een begin gemaakt, maar het overheidsinstituut werd, in de woorden van Suleymani, 'zwaar geplaagd door problemen'. Als we daarop doorvragen, geeft hij de verklaring die je wist dat zou komen: er was sprake van corruptie.

Wat men in 2006 al wel goed begreep: de Afrikaanse jeugd kan van enorme betekenis zijn voor de ontwikkeling van het continent, maar ook een grote risicofactor vormen. De eerste Ghanese plannen voor banen voor jongeren kwamen niet toevallig uit de koker van veiligheidsdiensten als politie en gevangenisbewakers. 'De snelle toename van het aantal jonge mensen kan een maatschappelijke dreiging betekenen', zegt Suleymani. In naburige landen als Sierra Leone en Liberia hebben ze daar ervaring mee. De werkloze jeugd liet zich makkelijk voor het karretje van bloeddorstige rebellen spannen.

Het komend jaar hoopt het YEA ongeveer honderdduizend jongeren door speciale projecten aan het werk te krijgen, vooral in de agrarische sector.

Frustratie

Toch zal ook dit nog maar een druppel op een gloeiende plaat zijn, weet Desmond Biney (26). Hij is de leider van de associatie voor werkloze Ghanese afgestudeerden. Steeds meer jongeren blijven steeds langer op school. Dat is winst. Maar steeds minder jongeren kunnen zo een baan vinden die aansluit bij hun opleidingsniveau.

Biney weet alles af van mismanagement en corruptie binnen de overheid. Plannen worden opgesteld, maar niet uitgevoerd. Het geld dat beschikbaar wordt gesteld, al dan niet met forse bijdragen van landen uit de Europese Unie, verdwijnt voor een te groot deel in corrupte zakken.

Allemaal zaken die bijdragen aan de frustratie en woede van jongeren.

'Maar we moeten ook kritisch naar onszelf kijken', meent Desmond Biney. 'De jeugd roept soms te snel dat de regering verantwoordelijk is voor alles dat fout gaat, en tegelijkertijd blijven jongeren vinden dat diezelfde regering voor alles een oplossing moet vinden. Als moderne jongeren moeten we ook scherp kijken naar onze eigen, individuele mentaliteit. Klagen over corruptie is terecht. Maar dan moeten we er echt voor zorgen dat wijzelf in de toekomst niet ook corrupt blijken. Daar is nog een wereld te winnen.'

De Afrikaanse overheden en politici zullen nooit in staat zijn in hun eentje de problemen van de jeugdwerkloosheid daadwerkelijk aan te pakken, vindt ook Joseph Teye. Hij is migratieonderzoeker aan de Universiteit van Ghana.

Teye: 'De jeugd zal ook zelf betrokken moeten raken, net als organisaties binnen het maatschappelijk middenveld en de particuliere sector in een land als Ghana. En hoeveel ontwikkelingshulp het Westen ook biedt, als het niet tegelijkertijd serieus werkt aan een eerlijker internationaal handelssysteem, zal de ontwikkeling van Afrika en dus ook de Afrikaanse jeugd op zeker moment steeds weer vastlopen.'

Controle

Het zijn wezenlijke zaken, die echter op de bijeenkomst van de AU en EU op Malta niet direct aan de orde komen. De Europese Unie wil met geld over de brug komen en een zogeheten Trust Fund ter waarde van 1,8 miljard euro oprichten, maar dat bedrag komt uit bestaande middelen en over strenge controle op de besteding ervan wordt niet gerept. 'Het is een belangrijk politiek signaal dat de EU bereid is de daad bij het woord te voegen', staat in het Haagse stuk over de inzet van het kabinet-Rutte tijdens de vluchtelingentop op Malta.

Maar in Afrika bestaat veel scepsis. Zoals op een van de stranden van de Ghanese hoofdstad Accra.Hier komen de houten bootjes aan van jonge vissers die 's nachts de zee op gaan. Het binnensjorren van de sloepen is een even ritmisch als hels karwei.

De jongeren hier hebben zelf hun baan geregeld. Maar niet het werk gevonden dat zij willen. 'Ik heb de middelbare school afgemaakt', vertelt de 20-jarige Isaac Anum. 'Ik wil bankier worden, maar kan nergens aan de slag. Ooit, misschien, maar voor nu? Ik moet mijzelf in leven houden.'

Foto De Volkskrant
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.