Vertrek van Rwandezen schaadt stabiliteit van Congo

De Congolese president Kabila heeft de Rwandese Tutsi-soldaten naar Rwanda teruggestuurd. Dat kan niet alleen voor Congo ernstige gevolgen hebben,maar de hele regio....

FRED DE VRIES

Van onze buitenlandredactie

AMSTERDAM

President Laurent Kabila van de Democratische Republiek Congo gaat slordig om met de bondgenoten die hem ruim een jaar geleden aan de macht hielpen. Maandag gaf hij alle Rwandese Tutsi-soldaten opdracht zijn land te verlaten, inclusief zijn voormalige chefstaf kolonel James Kabari. Het vertrek verliep ongekend snel. Ook vanuit de grensstreek werden grote troepenbewegingen gemeld.

Meteen nadat het nieuws via de Congolese televisie bekend was gemaakt, begon de strijd om de eer. Rwanda zei bij monde van majoor Emmanuel Ndahiro dat het een Rwandese beslissing was geweest de troepen terug te trekken, die in Congo waren gebleven om Kabila's leger te trainen en het discipline bij te brengen. 'De Congolese leiders wilden dat wij bleven. Maar Congo moet zijn eigen problemen oplossen.'

De Congolezen beweren dat zij een voortijdig eind hebben gemaakt aan de voorslepende onderhandelingen over terugtrekking van de Rwandese troepen. Volgens de Belgische krant Le Soir werd ook 'andere buitenlanders' te verstaan gegeven hun biezen te pakken. Hiermee zou Kabila behalve Rwanda ook Uganda tegen zich in het harnas hebben gejaagd.

Het Rwandese en in mindere mate het Ugandese leger heeft een beslissende rol gepeeld bij de opmars van Kabila's rebellenclub. Eind 1996 begon in de oostelijke provincie Zuid-Kivu de opstand tegen Mobutu, die in mei 1997 resulteerde in de inname van Kinshasa. Bij de val van alle grote steden, inclusief Kinshasa, speelden de Rwandese militairen een hoofdrol, onthulde Rwanda's sterke man generaal Paul Kagame later.

De Ugandese rol is minder duidelijk gebleven. Vast staat dat bij diverse veroveringen in Oost-Congo de Ugandese militairen Kabila's mannen op beslissende momenten hebben geholpen. Zowel Rwanda als Uganda had baat bij steun aan Kabila, omdat Ugandese en Rwandese rebellen het grensgebied gebruikten als uitvalsbasis voor acties over de grens.

Tijdens de opmars van Kivu naar Kinshasa werden tienduizenden Rwandese Hutu-vluchtelingen vermoord. Volgens mensenrechtenorganisaties en VN-onderzoekers waren speciale eenheden van het Rwandese leger verantwoordelijk voor deze slachtpartijen. Kabila's Rwandese chefstaf Kabari werd met name genoemd door Human Rights Watch.

Kabari werd deze maand vervangen door Celestin Kifwa, een Luba, en net als Kabila afkomstig uit de zuidoostelijke Katanga provincie. Waarnemers spraken bij die vervanging over een toenemende angst van Kabila voor een aanslag.

Het overhaaste vertrek van de Rwandese troepen uit Congo heeft mogelijk te maken met Kabila's achtervolgingswaanzin. Eind vorig jaar werd de hooggeplaatste Tutsi-officier Masasu Nindaga al gearresteerd, omdat hij een staatsgreep zou voorbereiden. Die arrestatie leidde tot gevechten in Kinshasa en de eerste geruchten dat Kabila zou afrekenen met de Tutsi's.

Ook op politiek niveau botert het al een tijd niet meer tussen Congo en zijn ex-bondgenoten. De Ugandese president Yoweri Museveni heeft nooit onder stoelen of banken gestoken dat er veel schort aan Kabila's binnenlandse politiek. De Congolese leider gedraagt zich als een dictator en laat geen ruimte voor dissidente geluiden. Oppositieleiders en journalisten zijn gearresteerd .

Daarnaast zijn Rwanda en Uganda weinig gelukkig met Kabila's onvermogen om het grensgebied te ontdoen van Ugandese en Rwandese rebellen, die deze streek onverminderd als springplank gebruiken voor aanvallen over de grens.

Tenslotte zijn er al maandenlang spanningen tussen Tutsi-soldaten en de overige Congolese legereenheden. In de Kivu-provincies kwam het in februari tot een Tutsi-muiterij en gevechten tussen hen en andere groepen militairen.

Het vertrek van de Rwandese Tutsi-troepen zal belangrijke gevolgen hebben voor de veiligheid in Congo en in de regio. De lokale bevolking is blij dat de Rwandezen verdwijnen. Ze werden als arrogante buitenlanders beschouwd. Maar de vrees is groot dat hun vertrek leidt tot etnische onlusten, gericht tegen de inheemse Banyamulenge Tutsi's. In 1996 werd er onder Mobutu al een heksenjacht op hen gemaakt.

Minstens even zorgwekkend is de toestand in het oosten van het land, waar rebellengroepen actief zijn en de Rwandezen nog voor enige stabiliteit teweegbrachten. Met het vertrek van de Tutsi-soldaten zullen opstandelingen nog meer speelruimte krijgen. Zowel voor acties over de grens als voor ondermijnende activiteiten in Congo. Kabila's reactie: 'Niemand moet denken dat het vertrek van de Rwandezen kan worden aangegrepen om chaos te veroorzaken. We hebben een klein leger van 140 duizend man. Maar het is er wel en het functioneert goed.'

Fred de Vries

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden