Verstarring op school

De scholen klagen dat de politiek hen in een dwangbuis heeft gestopt. Scheidend inspecteur-generaal Ferdinand Mertens, de hoogste baas van de onderwijsinspectie, geeft hun gelijk....

FERDINAND Mertens zat meestal achterstevoren in de schoolbanken van de ulo (uitgebreid lager onderwijs). Of hij kletste met klasgenoten. Of hij stond in de gang. 'De enorme saaiheid van die dagen! Er was niets te beleven, het was luisteren en stilzitten. Verschrikkelijk.' Al snel kreeg hij problemen op school. 'Mijn gedrag stond de leraren niet aan. Ik had twee boeken. Een oud geschiedenisboek van een vriend en mijn moeder had bij de bezorger van Margriet nog een boek gekocht: De toestand in de wereld van Hiltermann. Een majestueus werk, in mijn ogen.'

Van elk onderwerp dat de leraar aansneed, zocht hij op wat zíjn boeken daarover te melden hadden. Onbedoeld ondergroef hij daarmee de autoriteit van de leerkracht. 'Er was één boek, één leraar en één waarheid.' Zijn boeken werden in beslag genomen en hij belandde veelvuldig op de gang.

- Het gaat op scholen nu toch heel anders toe?

In grote lijnen is er de afgelopen 25 jaar niet zoveel veranderd. Het is veel stilzitten en pedagogisch nauwelijks interessant. Het onderwijs is niet aantrekkelijk voor scholieren. Het studiehuis zit wel boordevol mooie idealen, maar waarom moet de hele natie belegd worden met één pedagogische filosofie? Dat leidt alleen maar tot Fremdbestimmung.'

De jonge Mertens werd geen drop-out, want onderwijs was hét vehikel voor de vooruitgang. Daar hadden zijn ouders hem terdege bewust van geraakt. Niet voor niets werden in het katholieke arbeidersgezin-Mertens 'slechts' drie kinderen geboren.

Zijn schoolcarrière liep parallel met de massificatie van het onderwijs. 'Daarin zijn we natuurlijk heel succesvol geweest. Maar nu is het onderwijstelsel verzadigd. Er zit geen groei meer in. We moeten het doen met wat er is. Het is tijd voor een nieuwe fase. We moeten gaan nadenken over kwaliteit in plaats van kwantiteit.'

- De kwaliteit van scholen staat toch volop ter discussie?

'In enge zin wel. Maar wat is een goede school, denken we daar wel genoeg over na? We kijken nu vooral naar de output, de gemiddelde eindscore dus. Een echt goede school is meer; die geeft leerlingen het gevoel dat de school midden in de samenleving staat, dat de klas de plek is waar het gebeurt. Maar ik zie het tegendeel. School wordt steeds minder belangrijk in het leven van kinderen.'

- Kan onderwijs wel aantrekkelijk zijn?

'De uts, de uitgebreide technische school, waar ik na de ulo naartoe ging, was er een voorbeeld van. De school stond midden in de samenleving, de leraren kwamen allemaal uit de praktijk en gingen op een volwassen manier met ons om. In vergelijking met de ulo verrichtten ze daar pedagogische wonderen. En elke maand gingen we op excursie naar een bedrijf. We zijn naar de Ford-fabriek in Amsterdam geweest en De Schelde in Vlissingen. Dat was in die tijd heel bijzonder, van de opwinding kon ik nachten niet slapen.'

- Wat was het geheim van die school?

'Wat daar gebeurde, was modern, concreet, je kon er wat mee. In die tijd werd Nederland gemotoriseerd. Ik zag het dagelijks. Paarden werden vervangen door tractoren. Overal werden hulpmotoren opgezet, of het nou fietsen of grasmaaiers waren. Dat zie je altijd in het begin van een technologische vernieuwing, het nieuwe is nog niet in het ontwerp geïntegreerd, de motor is er gewoon aan vastgeplakt. Begrijpen hoe die verbrandingsmotor werkte, leek mij degrootste wijsheid waarover ik kon beschikken. Je kunt de opkomst van de motor van toen vergelijken met de verspreiding van de pc's in deze tijd.'

- Bent u wel eens teruggeweest naar die uts?

'In 1993 tijdens mijn eerste reis als directeur-generaal beroepsonderwijs op het ministerie van Onderwijs. Vroeger fungeerde de school als een soort museum; ze stond volgestouwd met maquettes, propellers, pompen en machineonderdelen. De spullen stonden zelfs op de gangen, maar dat mocht niet meer, daar konden jongeren zich aan bezeren. Het was zo kaal en leeg. Maar wat me het meest trof, was dat er in 25 jaar zo weinig was veranderd. Bovendien hing er een sfeer van moedeloosheid, van verstarring. Leerkrachten wisten zich eigenlijk geen raad met de leerlingen.'

- Waar komt die moedeloosheid vandaan?

'Scholen zijn speelbal geworden van externe ontwikkelingen. Gedurende de massale werkloosheid in de jaren tachtig liepen de werkgevers de deur van het ministerie van Onderwijs in Zoetermeer plat. De toverspreuk luidde dat het onderwijs moest aansluiten op de arbeidsmarkt. De beroepenstructuur werd bepalend voor wat je op school moest leren om bijvoorbeeld monteur te worden. De arbeidsmarkt vraagt en het onderwijs levert af.

'Als je toelaat dat een buitenstaander formuleert wat jouw opdracht is, wordt zelf nadenken niet beloond. Dan degradeer je jezelf tot uitvoerder. Met als gevolg dat veel scholen geen eigen mening meer hebben. Niet zelf bedenken wat ze kinderen wel en niet willen leren. Zo is het curriculum in het beroepsonderwijs ernstig uitgehold en verschraald. Als je alleen al kijkt naar het aantal lesuren in die sector, dat is gedaald van 1200 naar 700 uur per jaar. Onvoorstelbaar.'

- Hoe kan het onderwijs verbeteren?

'We moeten af van de gedachte dat de overheid een uniform systeem voorschrijft. Ik heb ook tegen staatssecretaris Adelmund gezegd: die kerndoelen voor het basisonderwijs zijn prima, maar beschouw ze als een leidraad en niet als een precieze omschrijving van de kennis en de vaardigheden die alle leerlingen in Nederland moeten hebben.

'Wij denken nu dat de overheid altijd minutieus heeft voorgeschreven wat er op school onderwezen wordt. Dat is niet zo. Tot begin jaren zestig maakte de inspectie een paar simpele boekjes waar globaal in stond hoe je les kon geven. Nu hebben we de stichting leerplan ontwikkeling (slo), een fabriek voor leerplannen, zelfs dat hebben we gemechaniseerd. Maar het is de vraag of dat nou zo verstandig is geweest. Stel je een leven zonder kerndoelen voor. Het kan.

'Wij hebben mensen in het onderwijs systematisch hun verantwoordelijkheid ontnomen. Wij zeiden eigenlijk: het zit wel goed, wij hebben voor u gedacht. Dat is fataal. Mensen moeten zelf verantwoordelijkheid nemen en scholen moeten hun eigen keuzes maken. Dan kunnen ze ook aan de burger uitleggen wat ze doen, en vooral waarom.

'Dat studiehuis is een prima concept, maar waarom moeten alle scholen in Nederland het uitvoeren? Laten ze zelf besluiten wat ze ermee doen. Hetzelfde geldt voor de basisvorming.'

- Wat gebeurt er als het onderwijs nog meer dictaten krijgt opgelegd?

'Dat kun je nu al zien. Het onderwijs loopt leeg: er wil bijna niemand meer werken. En het wordt steeds moeilijker leerlingen op school te houden. In het vmbo verlaat 15 procent van de leerlingen voortijdig de school. Maar ook voor leerlingen die je wel vast weet te houden wordt school steeds minder belangrijk.'

- Ziet U nog meer tekenen dat het onderwijs de handdoek in de ring gooit?

'De daling van het aantal lesuren in het middelbaar beroepsonderwijs van 1200 naar 700 is een voorbeeld. Juist voor die kinderen moet je de schooldeur wagenwijd openzetten. Het Zadkine College in Rotterdam heeft een prachtige galvaniseerstraat. Ik was bij de opening. Een modern ding. Gaat om 12 uur 's middags dicht, terwijl ik zeker weet dat die leerlingen daar dolgraag mee willen werken.'

Gewoonlijk formuleert Mertens bedachtzaam. Hij wil niemand voor het hoofd stoten en opereert als de ideale ambtenaar met begrip voor alle partijen. Maar soms is het ook hem te veel. Met een vinnig gebaar pakt hij een mapje met knipsels. 'Bijbaantjes moeten voorrang op het examen kunnen krijgen, vindt de vereniging van schooldecanen', citeert Mertens een artikel uit De Telegraaf. 'De rectoren pleiten voor het opschuiven van de schoolonderzoeken omdat anders de bijbaantjes van de leerlingen in het gedrang komen. Want werken voor een baas leert scholieren op tijd te komen. Bovendien leren de jongeren op hun werk wat er in de wereld te koop is', leest hij smalend voor. 'Dus van een bijbaantje in de winkel leer je meer dan van school! Ik snap niet dat niet heel Nederland hier tegen te hoop loopt. Dit betekent gewoon dat het onderwijs capituleert. Zichzelf kansloos acht in de strijd om de aandacht van de leerling.'

- Is er nog hoop?

'Het klimaat voor een omslag lijkt gunstig. minister Hermans en staatssecretaris Adelmund pleiten beiden voor grotere zelfstandigheid voor scholen. Maar in de praktijk sturen we scholen nog altijd van achteren, van voren, van onderen en van boven.

'Wat er in scholen gebeurt, moet een zaak van de professionals, de leerkrachten, zijn. De politiek moet kijken of scholen hun opdracht waarmaken. Of de scholen hun leerlingen zo goed mogelijk opleiden. Maar dat staat gek genoeg nergens in de wet.'

- Wat moet de rol van de inspectie zijn?

'Die moeten controleren of scholen het beste uit hun leerlingen halen. Maar dan wel achteraf. Toezicht achteraf tast het vakmanschap en initiatief van docenten niet aan.'

Ondanks Mertens liberale opvattingen zien docenten de inspectie toch vooral als onderwijspolitie. De inspecteur komt sinds kort alle klassen binnen en kijkt de docent op de vingers. Zelfs voor het didactisch handelen deelt de inspectie tegenwoordig cijfers uit. Scholen die bijvoorbeeld klassikaal lesgeven, ontvangen steevast een 'onvoldoende' voor het hoofdstuk pedagogisch klimaat.

'De Inspectie is niet a priori tegen klassikaal onderwijs. Maar klassikaal lesgeven uit routine en gemakzucht is slecht. Daar zijn wij alert op. Maar wij verplichten de scholen tot niets. Een negatief oordeel van de inspectie betekent niet dat je je als school moet aanpassen. De inspectie tart de school uit te leggen dat in dít geval de klassikale aanpak wel de juiste is. Ik wil graag dat er een recensiecultuur ontstaat in het onderwijs. Een boek wordt toch ook niet uit de handel genomen als het een slechte recensie krijgt? Ik zie onze rapportages en bezoeken als het uitgangspunt voor een stevig gesprek over het functioneren van de school.'

Ferdinand Mertens verlaat het onderwijs. Hij blijft wel inspecteur. Onder zijn vroegere staatssecretaris, Tineke Netelenbos, de huidige minister van Verkeer en Waterstaat, gaat hij een nieuwe inspectie opzetten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden