Verslaafd

Belg (44), is 25 jaar verslaafd aan heroïne en bracht acht jaar door in de cel vanwege drugsgebruik, dealen en een overval....

'Als ik in de metro de trap afloop, zie ik beneden wel eens zo'n oud vrouwtje van me schrikken. Ze pakt haar tasje stevig vast en loopt gauw een andere kant op. Dat vind ik heel vervelend. Voor haar, maar vooral ook voor mezelf. Ik ben namelijk niet zo. Ik heb nog nooit een tasje gestolen. Soms heb ik zin naar zo iemand toe te lopen en er iets van te zeggen. Maar straks krijgt dat mensje van schrik een hartaanval. Dat wil ik niet op mijn geweten hebben.

Als ik vroeger ging inbreken, dan was het in een bedrijf, nooit in een woning of een winkel. Ik weet zelf hoe waardevol de spulletjes zijn waar je hard voor hebt gewerkt. Uit de haven in Antwerpen heb ik veel gestolen. Vooral roodkoper maar ook wel televisies. En een container sigaretten die we vervolgens niet kwijtraakten. De gozer die de partij zou kopen, kwam niet opdraven. Dus dat ding hebben we gewoon laten staan.

Eén keer heb ik een gewapende overval gepleegd. Ik gebruikte toen heroïne en cocaïne tegelijk, en daar word je hartstikke gek van. Toen ik ervandoor ging, heb ik een man verwond aan zijn hand, omdat hij me wilde afweren.

Een paar uur later ben ik gepakt en heeft de politie me geconfronteerd met het slachtoffer. Ik heb me nog nooit zo geschaamd. De hele tijd heb ik met mijn kop naar beneden gestaan, ik heb alleen een glaasje water gevraagd. Ik had zo'n ontzettende dorst. Het was een heel angstig moment.

Ik kon me goed inbeelden hoe die man zich voelde. Ik ben zelf ook wel eens overvallen. Het is verschrikkelijk als ze een pistool tegen je kop zetten. Ik heb er later dikwijls over nagedacht toen ik in de gevangenis zat, en het is iets dat ik nooit meer zal doen. Het deed me te veel pijn.

Ik kom uit een armoedig gezin met zes kinderen. Weinig geld, altijd problemen. Ik hield niet van mijn ouders. Ze waren niet eerlijk tegen me, deden beloften die ze niet nakwamen. Daarom ben ik al jong het huis uitgegaan. Ik wilde mijn eigen leven leiden.

Op mijn dertiende ben ik van school gegaan, om in een klein houtfabriekje te gaan werken. Dat hield ik niet lang vol. Toen ik vijftien was, werd ik kajuitjongen op een Congolees schip van een Belgische rederij, met veel Zaïrezen aan boord. Die gasten die rookten allemaal hasj en marihuana. Van hen heb ik leren roken.

Ik ben twee reizen meegegaan, en toen heb ik het varen opgegeven. Ik zat liever aan de wal. Een tijdje werkte ik in een bouwbedrijf. Tegelijkertijd hield ik goed in de gaten wanneer het schip weer binnenkwam. Dan ging ik in de haven op bezoek bij die gasten. Ze gaven me altijd een grote zak hasj mee, zodat ik weer een paar maanden te roken zou hebben. Dat was gewoon uit vriendschap, maar zij wisten natuurlijk niet dat ik het stiekem doorverkocht.

Ik deed het in luciferdoosjes en zette een handeltje op. Daar verdiende ik goed mee. Ik voelde me er niet schuldig over, ik deed toch niets verkeerd? Ik verkocht niet om rijk te worden, maar gewoon om in mijn levensonderhoud te voorzien.

Via een van mijn klanten kwam ik met heroïne in aanraking. In die tijd werd er veel geëxperimenteerd met drugs, en ik heb alles wel een keer geprobeerd. Zo ben ik erin gerold. Eerst begin je het lekker te vinden. En op een gegeven moment word je een keer goed ziek. Dan ga je gebruiken om niet ziek te zijn. Zo is het maar doorgegaan.

Op mijn achtiende zat ik voor het eerst drie maanden vast, voor het roken van marihuana. Toen ik uit de bajes kwam, hield de politie me scherp in de gaten. Ik dacht toen: als ik nou ga trouwen en kinderen krijg, dan krijg ik misschien een beter leven. Dus heb ik een meid getrouwd en heb twee kinderen gekregen.

Het ging eigenlijk gelijk al niet goed tussen ons. Ze was ook maar getrouwd omdat ze van huis weg wilde. Liefde was er niet bij. Voor mijn dochtertjes heb ik me wel echt ingespannen. Althans, toen ze iets groter waren. Van die hele kleintjes moet je aan de moeder overlaten, vind ik.

Maar van hun zevende tot hun twaalfde deed ik alles voor ze. Ze zaten op een goede kostschool, want ik had doordeweeks geen tijd en mijn vrouw ook niet. Maar in de weekends haalden we ze naar huis. Ik ben wel eens een keer met ze naar de Ardennen gereden omdat ze sneeuw wilden zien. Van dat soort stomme dingen deed ik voor ze. Dat had ik ervoor over.

In die periode ging het best goed met me. Ik kocht heroïne bij Turken in Rotterdam en kreeg er in Antwerpen drie keer zoveel voor. Omdat ik een eerlijke dealer was - ik maakte geen woekerwinsten en ontmoedigde mensen die te veel tegelijk wilden kopen - bouwde ik een enorme klantenkring op. Het ging lang goed, tot ik werd verraden.

Ik ben een paar keer verraden, door medegebruikers en mededealers. Dat was gewoon afgunst. Als ze opgepakt werden, noemden ze mijn naam om strafvermindering te krijgen. Ik vind dat zo laaghartig... Daar heb ik nog net een beetje te veel eergevoel voor.

Zelf heb ik nooit iemand bedrogen, behalve dan mijn vrouw met een andere meid, maar dat vind ik iets anders. Ik heb altijd mijn verantwoordelijkheid gedragen. Ze hebben me zelfs wel eens van 's morgen tien tot 's avonds acht uur ondervraagd. Maar ik dacht altijd, die cold turkey duurt twee dagen, dat houd ik wel vol. Maar als je iemand verraadt, wordt je dat je leven lang nagedragen.

Dat verraad kostte me zes maanden bajes. In die periode heeft mijn vrouw me verlaten. Toen ik op straat stond, had ik niks meer. Ik ging cocaïne gebruiken en pleegde die overval. Toen ik vervolgens na twee jaar weer uit de gevangenis kwam, ben ik naar Nederland gekomen.

Ik wilde hier een fatsoenlijk leven leiden. Een baan zoeken en gewoon elke dag mijn portie heroïne kunnen gebruiken. Zes jaar lang ging het heel goed. Ik deed seismografisch bodemonderzoek en had een prima inkomen. Maar toen dat onderzoek was afgerond, ben ik ontslagen. Ik heb een tijdje van mijn WW genoten, maar kwam uiteindelijk bij de sociale dienst terecht.

Nu heb ik een Melkert-baan in de groenvoorziening. Op het moment zit ik in de Ziektewet. De laatste jaren gaat het slecht met me. Wat betreft het drugsgebruik heb ik mijn evenwicht gevonden maar financieel gaat het klote natuurlijk. Mijn inkomen is echt heel laag. Ik ben enorm afgevallen, ik lijd er echt onder.

Ik hoef echt geen miljoenen te hebben hoor. Als ik maar elke dag mijn prakkie kan eten en een shotje kan zetten, laat dan de wereld maar draaien. Soms denk ik dat ik misschien maar iets moet doen om mezelf financieel weer wat op te krikken. Niet om echt heel erg crimineel worden, maar gewoon om een normaal leven te leiden. Om weer eten te kunnen kopen. Ik zou kunnen gaan dealen of smokkelen, toch weer iets in die branche.

Maar eigenlijk wil ik niet meer dealen. Niet omdat ik het oneerbaar vind, want dealen is gewoon een broodwinning. Maar het is een erg ondankbare job. Het kost enorm veel energie. 's Ochtends om zeven uur ging de bel, en pas om vier uur 's nachts stond de laatste weer buiten. En dan moest je ook nog je dope halen.

Toch denk ik er dikwijls over. Ik heb het zo lang gedaan en het is zo goed gegaan, het zou me wel uit mijn dip halen. Maar er is toch iets dat me tegenhoudt. Vooral de angst om weer gepakt te worden. Ik blijf hopen dat heroïne gelegaliseerd wordt.

Ik kan wel proberen een nieuwe baan te vinden, maar dat lukt toch niet. Ik heb geen diploma's en ben niet de jongste meer. Ik heb het aan mijn darmen en mijn longen. Ik denk niet dat ik heel oud word.'

Corine de Vries

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden