Verschillen in de wereld worden kleiner en groter tegelijk

IN 1988 PUBLICEERDEN de geografen Hans Knippenberg en Ben de Pater De eenwording van Nederland. Daarin beschreven zij hoe uit betrekkelijk zelfstandige regionale eenheden in de loop van de tijd een nationale eenheid was gegroeid....

HANS VAN AMERSFOORT

Het was een overtuigend en coherent verhaal en het boek kreeg terecht veel aandacht en waardering. Uit dezelfde geografische keuken stamt nu Eenwording en verbrokkeling, waarin opnieuw wordt geprobeerd de werking van moderniseringsprocessen te laten zien, maar dan voor de wereld als geheel en in het bijzonder voor Europa.

Deze pretentieuze opzet bracht met zich mee dat er veel meer en vooral veel meer ongelijksoortig materiaal moest worden bewerkt en dat uiteindelijk elf auteurs aan het boek een bijdrage hebben geleverd. Het boek is daardoor veel meer een 'collage' geworden dan een rechttoe, rechtaan geschreven verhaal.

De achterliggende gedachte van Eenwording en verbrokkeling is dat de ontwikkelingen op cultureel, economisch en politiek gebied enerzijds tot een steeds grotere eenwording (wellicht was vervlechting een gelukkiger term geweest) leiden, maar anderzijds ook weer tot verschijnselen van verbrokkeling en desintegratie. Een goed voorbeeld daarvan is de Europese expansie na 1500. Deze heeft enerzijds geleid tot onderling samenhangende economieën en de verbreiding van wereldtalen als het Engels en het Spaans, maar anderzijds door de verspreiding van de ideologie van de natiestaat ook tot de steeds verder gaande politieke fragmentatie van de wereld.

Dit thema is op zichzelf niet origineel. De processen van steeds omvangrijkere en snellere circulatie van nieuws, goederen, mensen en kapitaal hebben al eerder de aandacht getrokken en aanleiding gegeven tot meer of minder diepzinnig commentaar. Het probleem bij dit soort beschouwingen is dat alles wat gezegd wordt, wel een beetje waar is. Al gauw ontaardt zo'n beschouwing dan in een leuke typering of een goed gevonden frase waarmee de weerbarstige werkelijkheid wordt toegedekt. De wereld is één groot dorp geworden (a global village) luidt dan de conclusie. Als zo'n frase aanslaat, wordt ze duizendvoudig herhaald, maar niemand kan uitleggen wat er nu eigenlijk mee gezegd wordt.

Het is uiteraard opmerkelijk dat voetbalwedstrijden door tientallen miljoenen mensen over de gehele wereld tegelijkertijd worden bekeken en dat Amerikaanse soap-series tot in de meest geïsoleerde uithoeken van Afrika door ongeletterde dorpelingen worden gadegeslagen. Maar leidt zoiets ook tot een homogene wereldcultuur?

Leidt het er bijvoorbeeld toe dat er ook een overeenstemming groeit over de rechten van de mens of over de verhouding tussen het individu en de staat? Of blijven culturen en daarin functionerende politieke stelsels diepgaand verschillen op dergelijke punten? Het is duidelijk dat op dergelijke vragen geen eenvoudige antwoorden te geven zijn. Maar dat wil nog niet zeggen dat er niet zinvol gediscussieerd kan worden over de dynamiek van dergelijke processen.

Zoals het geografen betaamt, wemelt het boek van de tabellen, grafieken en kaartjes die de beschreven processen illustreren. Dat lukt niet bij alle processen even goed. De verspreiding van televisietoestellen laat zich goed in kaart brengen en ook kan men nog wel enige greep krijgen op het programmapakket dat kan worden ontvangen. Veel moeilijker is het vast te stellen welke keuzen de consumenten uit deze programma's maken en het is vrijwel onmogelijk inzicht te krijgen in de reacties van de kijkers.

Bij culturele beschouwingen is het altijd moeilijk zicht te krijgen op wat min of meer onveranderlijk is en welke opvattingen en idealen aan snelle verandering onderhevig (kunnen) zijn. Vooral ter verklaring van conflicten waarmee men niet goed weg weet, zoals de burgeroorlog in Bosnië, komt een diep liggende culturele scheidslijn nogal eens als een deus ex machina te voorschijn. Maar de constatering dat Bosnië al in het Ottomaanse rijk een cultuurgrens vormde, verklaart toch niet waarom zo'n grens, die toch ook ooit is ontstaan, later niet weer eens aan belang heeft ingeboet.

In dat opzicht hebben de auteurs van de economische delen van Eenwording en verbrokkeling het gemakkelijker. Opkomst en verval van bepaalde produkten, produktiecentra en handelsroutes zijn makkelijker in cijfers te vangen. Of zij daarbij ook makkelijker te begrijpen zijn in die zin dat we ook een duidelijker beeld krijgen over het verloop van deze processen, is iets anders. Maar de opkomst van Japan en wijder gezien van Oost-Azië als produktiecentrum en nu ook weer als thuisbasis van wereldwijd investerende multinationale ondernemingen, blijft een fascinerend verhaal.

Ook hier geldt dat enerzijds een snelle eenwording vooral tussen de ontwikkelde delen van het Westen en Oost-Azië - met Brazilië enigszins in hun spoor - optreedt, terwijl anderzijds andere gebieden - in het bijzonder Afrika - in ieder opzicht achterblijven. Zo worden de verschillen in de wereld tegelijk kleiner en groter.

De culturele en economische ontwikkelingen spelen zich af in een wereld die ook in politiek opzicht verdeeld is en processen van integratie en verbrokkeling kent. De staten zoals wij die kennen, hebben deze processen nooit helemaal kunnen beheersen, maar vooral de laatste decennia slagen zij er steeds minder in een sturende rol te vervullen. Zij worden daardoor in toenemende mate gedwongen bondgenootschappen aan te gaan en allianties in het leven te roepen.

Door te opereren als 'blok' of als 'unie' proberen zij een zekere macht over de samenleving te houden. Maar dergelijke blokvorming is niet altijd succesvol en ook niet altijd even stabiel. De meest dramatische ontwikkeling waarvan wij op dit punt getuige zijn geweest, is het verbrokkelen van het Sovjet-blok. De politieke situatie is daarmee diepgaand gewijzigd, niet alleen voor de landen van de voormalige communistische wereld. Ook de geopolitieke situatie van landen als Finland, Angola en Cuba is in één klap veranderd.

Niet altijd voltrekken dergelijke processen zich in zo'n korte en overzichtelijke periode. Het proces van integratie van West-Europa is al een halve eeuw onderweg. Het opvallende is dat het blijkbaar heel moeilijk is economische processen parallel te laten lopen met een zekere eenwording in politieke cultuur.

Eenwording en verbrokkeling geeft een boeiend overzicht van wat over deze processen bekend is. Het enige dat aan het boek ontbreekt, is een afsluitend hoofdstuk waarin nog eens op de wisselwerking tussen cultuur, politiek en economie wordt ingegaan.

Ook is het jammer dat het boek een onnodig groot aantal Engelse termen en anglicismen telt, zoals 'het internationaal gaan van ondernemingen'. Wellicht is dat eigen aan 'de cultuur van de communicatie-structuur' waarin de schrijvers zich bevinden.

Hans van Amersfoort

Ben de Pater (eindredactie): Eenwording en verbrokkeling - Paradox van de regionale dynamiek.

Van Gorcum; ¿ 52,50.

ISBN 90 232 2985 1.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden