Vers le sud!

Marseille is Culturele Hoofdstad van Europa. Nederlandse kunstenaars spelen er een prominent rol. Joep van Lieshout is de ster - hij leidt ons rond door eigen werk, een ode aan de industrie.

Marseille is de hardste, de heetste, de armste en de ruigste stad van Frankrijk. Alleen al dit jaar werden in Europa's Culturele Hoofdstad van 2013 tien mensen vermoord, soms met kalasjnikovs. Règlements de comptes: afrekeningen in het drugsmilieu van de quartiers nord, de troosteloze flatwijken aan de rand van de stad. Maar in de Vieux Port schuifelen de toeristen onbekommerd langs de terrassen in een zinderende zomerhitte. Activisten uit de quartiers nord spreken zelfs van apartheid: het rauwe Marseille wordt zorgvuldig gescheiden van het prachtig opgeknapte centrum, waar sterarchitecten hun nieuwe gebouwen neerzetten en visrestaurants de beste bouillabaisse aanprijzen.


Kunstenaar Joep van Lieshout nam voorzichtig een kijkje in de quartiers nord: 'Ik woon zelf in Rotterdam, maar dit is toch van een geheel andere orde. Ik zag een vuilcontainer in brand staan. Niet zo'n kleine bak, maar zo'n enorme knots-jetser. Tot mijn verbazing kwam er helemaal geen brandweer of politie. Er stonden ook maar een paar mensen bij te kijken. Waarschijnlijk dacht iedereen: niet mee bemoeien. Het verhaal gaat dat drugsbendes zich op deze manier van lijken ontdoen.'


Dat is het imago van Marseille: een stad waar het aardse bestaan zo maar kan eindigen in een brandende vuilcontainer. Volkomen ten onrechte, zegt Marco Pasqualini, adjunct-directeur internationale relaties van Marseille-Provence Culturele Hoofdstad 2013: 'Ik woon al twaalf jaar in Marseille en heb me nog nooit onveilig gevoeld. Het geweld is heel doelgericht, op leden van concurrerende drugsbendes.'


Marseille strijdt tegen het imago van gewelddadige sloeberstad. Kunst is een probaat middel om een worstelende industrie- of havenstad overeind te helpen, zo bleek van Bilbao tot Bochum, van Newcastle tot Rotterdam. Kunst trekt niet alleen toeristen, ze verandert ook de sfeer van de stad. De Culturele Hoofdstad past in dit offensief.


Nederlandse kunstenaars spelen een prominente rol in Marseille-Provence 2013, maar Joep van Lieshout - of zoals de Fransen zeggen Joop van Liesjoet - is de onbetwiste ster. In de oude tabaksloods La Friche Belle de Mai bouwde hij de Blast Furnace, een model van een hoogoven die door 32 mensen moet worden aangedreven, in een tredmolen met enorme raderen. Een imposante constructie, in zeven vrachtwagens vervoerd van Rotterdam naar Marseille. Een geestig werk ook: de hoogoven heeft een slaapkamer, een zithoek en een keukentje, zodat de arbeiders helemaal een kunnen worden met de machine.


Het is Van Lieshouts commentaar op een Europa waar niets meer gemaakt wordt, waar mensen vervreemd zijn van het produceren van hun spullen. 'Je kunt voor een euro een lepel kopen, een wegwerpproduct. Maar als je hem zelf produceert, met je eigen zweet en je eigen inspanningen, ga je er heel anders mee om', zegt hij. Zo produceert Van Lieshouts hoogoven een soort 'biologisch' staal.


Hoe serieus moeten we deze gedachte nemen? Zo aantrekkelijk is het niet om een bloedhete, lawaaiige hoogoven handmatig in beweging te zetten. Maar de Blast Furnace is karakteristiek voor de methode-Van Lieshout. Hij creëert een fantasiewereld als commentaar op de echte wereld. Die fantasiewereld blijkt ook weer haar nadelen te hebben. 'Wat is beter? Dat is het thema van mijn werk. Mijn wereld heeft goede en slechte kanten. Daar speel ik mee.'


Hij is een artiste romantique, zegt hij tegen Franse journalisten. Zijn hoogoven is een ode aan een verdwenen wereld. 'De Blast Furnace is een voortzetting van de 19de-eeuwse arts and crafts-beweging, die het ambacht wilde beschermen tegen de opkomende industrie. Nu moeten we de industrie beschermen tegen de diensteneconomie. We zijn allen kunstenaar, journalist, pr-functionaris of consultant geworden.'


Het tweede deel van Van Lieshouts tentoonstelling in La Friche bestaat uit ouder werk, Slave City, een imaginaire stad die helemaal gericht is op maximale rationaliteit en productiviteit. Iedereen werkt er 14 uur per dag, in ruil waarvoor hij of zij recht heeft op bordeelbezoek. De rijkdom is enorm, maar de inwoners worden geëxploiteerd en zelf weer gerecycled als ze niet productief genoeg meer zijn. Slave City wordt gepresenteerd met tekeningen en maquettes, als een uitgewerkt ontwerp voor een fantasiestad. 'Het is mijn commentaar op een overgerationaliseerde wereld', zegt Van Lieshout.


Een van de inspiratiebronnen voor Slave City is de utopische architect Le Corbusier (1887-1965). In Marseille opende Le Corbusier in 1952 zijn beroemde Cité Radieuse. Een flat als een stoomboot van beton, even bruut als schitterend. Le Corbusier wilde niet alleen een 'verticale tuinstad' bouwen, maar ook het leven van de bewoners naar zijn hand zetten. In het park rond de flat, in de binnenstraten met winkels, een restaurant en een wintertuin zou een rijk gemeenschapsleven tot stand moeten komen.


Sinds kort is ook het dak van de Cité Radieuse voor bezoekers geopend. Daardoor wordt nog duidelijker wat Le Corbusier voor ogen stond. Het dak bood plaats aan een kleuterschool, een sportschool, een zonneterras en een pierebadje voor de kinderen. Allemaal vormgegeven in die merkwaardig sensuele betontaal van de grote architect.


Maar van dat rijke gemeenschapsleven kwam niet veel terecht. 'In 1987 was ik voor de eerste keer in Marseille', zegt Van Lieshout. 'Ik ben meteen naar de Cité Radieuse gegaan. Het gebouw lag er vervallen bij, er woonden arme mensen, je zag er verbrande auto's staan, zoals nu in de quartiers nord.'


Nu is de Cité opgeknapt en wonen er respectabele burgers, constateert hij. Dat geldt een beetje voor heel Marseille. De ellende is naar de quartiers nord verbannen, de stad zelf is mooier dan ooit. Symbool van die herrijzenis is het onlangs geopende MuCEM, museum voor de mediterrane cultuur. Het museum zelf wordt allerwegen als weinig opwindend ervaren, maar het gebouw van Rudy Ricciotti is een enorm succes. De architect heeft zijn doos van staal en beton van buiten bekleed met een soort betonnen kantkloswerk.


Vooral het dakterras met café en loungestoelen is buitengewoon spectaculair. Door het raster zie je de zee liggen, terwijl het scherpe Zuid-Franse licht wordt gebroken. Het museum is voorbeeldig verbonden met de publieke ruimte. Via een loopbrug bereik je het middeleeuwse Fort Saint-Jean en de haven, via een galerij langs de buitenkant van het museum daal je af naar de zee.


Van Lieshout blijft nog even in Marseille, op zijn geheel eigen wijze. In september zal hij eigenhandig drie koeien bereiden op een groot diner, voor een kunstcongres in augustus heeft hij een Excrementorium gemaakt, een ronde tafel waaraan de gasten op wc-potten zitten die met leidingen aan elkaar verbonden zijn. Zo kunnen de kunstbobo's 'schijtend één worden', met de broek op hun enkels. Van Lieshout: 'Nou ja, ik verwacht dat de meeste mensen hun broek gewoon zullen aanhouden.'


Extra: Stimulans of niet

Elk jaar wijst het Europees Parlement twee culturele hoofdsteden van Europa aan. Dit jaar wordt de titel gedeeld door Marseille/Provence en het Tsjechische Kosice. Soms vormt de titel een stimulans om de stad eens flink op de schop te nemen. Dat gebeurde in Marseille. In andere steden is het effect een stuk kleiner. Zo is het menigeen jammerlijk ontgaan dat Kosice dit jaar de tweede culturele hoofdstad van Europa is.


Extra: Hoogtepunten Marseille-Provence 2013

Villa Noailles, Hyères

Modernistische villa van Mallet-Stevens uit 1925, omgetoverd tot mode- en designpaleis. Overzichtsexpositie van Nederlandse ontwerper Bertjan Pot. Aandacht voor Aldo Bakker, die nieuw werk maakte voor porseleinfabrikant Sèvres.


Rencontres d'Arles

Jaarlijks fotofestijn met talloze exposities. Speciale aandacht voor Erik Kessels en Viviane Sassen, voor wie hun exposities in Amsterdam heeft gemist.


Le Grand Atelier du Midi

Dubbeltentoonstelling in Marseille en Aix-en-Provence, met de grote namen van de Zuid-Franse schilderkunst, van Cézanne tot Van Gogh.


Les Envies Rhonements

Theaterfestival geïnspireerd door Oerol op Terschelling, opgevoerd in de Camargue.


Zie verder: mp2013.fr, en voor de Nederlandse inbreng: ohpaysbas.com

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden