Column

Verongelijkten hebben de Publieke Omroep niet meer nodig

De Publieke Omroep gaat leren van Donald Trump. Dat dreigement uitte Shula Rijxman gisteren op de opiniepagina van de Volkskrant; althans, zo luidde de kop boven de bijdrage van de voorzitter van de raad van bestuur van de NPO. Nu de 'mainstream'-media er net als de opiniepeilers naast zaten bij het voorspellen van Trumps winst, moeten zij zich volgens Rijxman ook in Nederland vragen stellen: wordt de stem van alle groepen wel voldoende gehoord? Weten wij wel wat er speelt op straat?

Donald Trump. Beeld afp

Ze bedoelt: luisteren wij genoeg naar PVV-stemmers? Een soortgelijke vraag werd eerder gesteld, rond de spectaculaire opkomst van Pim Fortuyn en de 26 zetels voor diens LPF bij de parlementsverkiezingen van mei 2002. De media hadden het niet zien aankomen, hadden in hun ivoren toren zitten slapen en de onvrede onder 'het volk' aangezien voor lichte irritatie. Tot zelfgeseling behoorde in 2001 onder meer de komst van het radioprogramma Stand.nl, dat nog altijd is te beluisteren - voor wie niet de radio uitzet omdat het loze gezwets van de inbellers hem op de zenuwen werkt.

Het was lang niet het enige mea culpa. Ik weet niet of daar ooit onderzoek naar is gedaan, maar volgens mij klinkt de vox populi op Rijxmans Publieke Omroep sinds Fortuyn krachtiger dan ooit - als het al niet de overheersende stem is geworden. Het onderwerp kan zo ingewikkeld niet zijn, of er trekt vanuit het Mediapark een verslaggever naar de dichtstbijzijnde markt om daar aan willekeurige voorbijgangers te vragen wat ze ervan vinden. De antwoorden kom je dan vaak later weer tegen bij DWDD of in andere programma's met lollige items over mensen die menen dat China in Scandinavië ligt. Ik vermoed dat ook de infantilisering van het Journaal is voortgekomen uit de diepe angst te worden aangezien voor elitair.

Rijxman vraagt zich af of de Publieke Omroep niet louter het geluid van de 'hoogopgeleide kosmopolitische Nederlander' laat horen. Ik ben geen fervente televisiekijker, maar kennelijk breng ik nog altijd meer uren voor de buis door dan Rijxman. Ik zie tenminste heel wat mensen voorbijkomen die overduidelijk niet behoren tot de hoogopgeleide kosmopolitische Nederlanders; en gelukkig maar, anders zou het saai worden.

Het probleem lijkt me vooral het negatieve zelfbeeld van de Publieke Omroep. Misschien dat er bij de VPRO zo nu en dan eens een programma tussendoor glipt waarvoor je de havo moet hebben afgemaakt, maar verder lijkt het me dik in orde, met de diversiteit van de geluiden bij onze publieke omroep. Er mag er hooguit wel wat meer aandacht komen voor het geluid van de meerderheid van gewone, tolerante Nederlanders.

Media hebben de neiging op kritiek te reageren door de critici bij te vallen of er zelfs nog een schepje bovenop te doen - dit in de hoop dat de kritiek dan weer even verstomt. Het is de platte angst voor het geschreeuw van een verongelijkte minderheid.

Rijxman moet gewoon investeren in goede journalistiek, voor iedereen en van iedereen. Maar dat gaat ze niet doen: ze gaat u 'veel nauwer betrekken bij de keuzes die wij maken'. Wat dat precies betekent, is mij niet duidelijk, maar ik ben bang dat het in elk geval niet gaat werken. De verongelijkten zijn al weg en hebben zich opgesloten in hún gelijk op Twitter, Facebook en scheldblogs: ze hebben de Publieke Omroep niet meer nodig.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden