Vernieuwing hoger onderwijs urgenter dan universitair reveil

De vijftig hoogleraren die in een manifest hun zorg uitspreken over het universitair onderwijs, richten hun pijlen verkeerd. Het schort niet aan het bestuur van de universiteit, maar aan de organisatie van ons hoger onderwijs, meent H....

AAN de Nederlandse universiteiten studeren ongeveer honderdzestigduizend studenten. Al deze studenten moeten in kleine groepen worden opgeleid tot intellectuelen met een 'intense nieuwsgierigheid' en een zucht naar 'onafhankelijke waarheidsvinding'. Het feit dat dat niet geschiedt, is de schuld van de bestuurders van de universiteiten. Met deze boodschap richtten vijftig hoogleraren zich in de afgelopen week tot het Nederlandse volk, in onvervalste ongenuanceerde manifestentaal. De boodschap kreeg de bijna religieuze titel 'Naar een universitair reveil' mee.

Kort samengevat komen de grieven van de hoogleraren op het volgende neer: er gaat te veel geld zitten in het apparaat van de universiteit, de arbeidsmarkt heeft een te grote invloed op het onderzoek gekregen en het onderwijs is verschraald tot louter overdracht van informatie en vaardigheden. Hiertegenover plaatsen de schrijvers hun ideaal: ruimte voor de reeds genoemde intense nieuwsgierigheid, inspirerende docenten met kleine groepen en een stimulerend intellectueel klimaat.

Het manifest bevat een aantal observaties over het huidige universitaire onderwijs en onderzoek, die ook door anderen worden gedeeld. Zo komen momenteel aan verschillende universiteiten studenten in het geweer tegen de strakke structurering van het onderwijs. De schrijvers van het manifest komen echter niet verder dan die opsomming en een vage oproep tot 'reactivering van de universiteit als belangrijk instituut van intellectuele elitevorming en als prominente speler op de kennismarkt.'

Zouden ze iets kritischer hebben nagedacht over de oorzaken van de door hen gesignaleerde verschijnselen, dan was hun conclusie ongetwijfeld minder vrijblijvend geworden. De oorzaak van de problemen ligt natuurlijk niet in een paar foute bestuurders. Was het maar waar. De oorzaak ligt veel meer in de organisatie van het hoger onderwijs in ons land.

De behoefte aan hoger opgeleiden is in de laatste tien tot vijftien jaar sterk toegenomen. Dat heeft voor een belangrijk deel te maken met het zware accent van de westerse economie op kennisintensieve producten en diensten.

Deze toegenomen behoefte aan hoger opgeleiden is (gelukkig) gepaard gegaan met een sterke vergroting van de deelname aan het hoger onderwijs - wo en hbo. Er heeft in tien jaar tijds onder de jongeren tot de leeftijd van 27 jaar een stijging in de deelname aan het hoger onderwijs plaats gevonden van 34 naar 45 procent.

De krimpende arbeidsmarkt verwacht echter geenszins van alle afgestudeerden dat ze een wetenschappelijke vorming hebben genoten, zeker niet de wetenschappelijke vorming die de schrijvers van het manifest voor ogen hebben. Ook de meeste universitaire studenten zijn niet uit op een dergelijke, wetenschappelijke vorming. Die willen na afloop van hun (vierjarige) studie klaar zijn voor hun eerste baan.

Nederland kent een zogenoemd binair stelsel van hoger onderwijs, verzorgd door universiteiten en hogescholen. De wet schrijft voor dat de universitaire studenten een wetenschappelijke opleiding krijgen. Zoals gezegd leert de praktijk dat ze die niet krijgen, dat ze die niet willen en dat de maatschappij ook niet om verlegen zit om een jaarlijkse instroom van zo'n dertigduizend wetenschappelijk opgeleiden.

Toch gaat 70 procent van de leerlingen van het VWO naar de universiteit, want het hoger beroepsonderwijs is voor hen om uiteenlopende redenen niet aantrekkelijk genoeg.

Het is tijd voor een herkaveling van het hoger onderwijs, waarbij de universiteiten opleidingen aanbieden die wetenschappelijke kennis en wetenschappelijk onderzoek hoog in het vaandel voeren en waarbij de hogescholen opleidingen aanbieden die gericht zijn op informatie en vaardigheden die nodig zijn om te functioneren op de hedendaagse, complexe arbeidsmarkt.

In 1999 hebben negenentwintig Europese landen, waaronder Nederland, in Bologna afgesproken hun hoger onderwijs in te richten naar het Angelsaksische model met twee fasen: een bachelorfase en een masterfase. Deze afspraak staat bekend als de Bologna-verklaring.

Dit betekent voor Nederland dat over enige jaren de graad van bachelor aan een hogeschool en een universiteit gehaald kan worden. De universiteiten kunnen vervolgens aan een aantal studenten nog een masteropleiding aanbieden, wat niet automatisch geldt voor de hogescholen. De hogescholen claimen deze mogelijkheid echter ook, wat voor de hand ligt, gezien het feit dat zij al jaren masteropleidingen aanbieden, waarvan de accreditatie via een buitenlandse universiteit, veelal een Engelse, is geregeld.

Dat dit aanleiding tot verwarring zal geven, is ook voor de huidige minister van Onderwijs duidelijk, die in het Hoger Onderwijs en Onderzoek Plan 2000 (HOOP 2000) weliswaar aangeeft voorstander te zijn van handhaving van het binaire stelsel, maar daar tot tweemaal toe aan toevoegt dat dit stelsel 'zich echter voortdurend in internationale zin zal moeten blijven bewijzen'. In een aantal Europese landen heeft men echter reeds de consequentie van het bachelor-master-systeem aanvaard en gekozen voor één universitair stelsel.

Een stelselwijziging in Nederland is pas zinnig als zij gepaard gaat met een herverkaveling van het hoger onderwijs. De universiteiten zouden zich moeten richten op de opleidingen voor wetenschappelijke beroepen en voor beroepen waarvoor een wetenschappelijke opleiding noodzakelijk is. De hogescholen zouden de opleidingen moeten verzorgen die studenten voorbereiden op de complexe beroepen in onze kennisintensieve samenleving. Langs deze weg wordt bereikt dat de universiteiten weer instellingen voor wetenschappelijk onderwijs en onderzoek worden.

Het manifest heeft de kenmerken van een geschrift van een aantal dames en heren met een sterk verlangen naar de tijden van weleer. Het door hen nagestreefde universitaire reveil kan echter beter gerealiseerd worden door een radicale vernieuwing van het hoger onderwijs.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.