Vermoorde liefde

VOOROORDELEN kunnen zo hardnekkig zijn doordat we ze koesteren. Bijna iedereen cultiveert graag zijn rechtlijnigheid. Karel van het Reve en zijn afwijzen van Dostojewski blijft een mooi voorbeeld....

Ik heb ook een ferme lijst vooroordelen. Een van de onschuldigste is die tegen Madama Butterfly van Puccini. Ik zag die opera ruim veertig jaar geleden in een Japans decor; je keek in een gestoorde prent van Hokusai of Hirosjige, want de Amerikaanse marine was sterk vertegenwoordigd: Pinkerton natuurlijk in zijn witte officiersuniform en nogal wat figurerende matrozen, met die vrolijke kleine mutsjes van de Amerikaanse zeemacht. Ik dacht bij een operette aanwezig te zijn, een variant van De Jantjes. En dat heb ik de hele voorstelling en de volgende veeertig jaar maar zo gehouden. La bohème, Tosca - schitterend. Maar nooit meer die exotisch aandoende musical.

Ik ben bekeerd. De Amerikaan Robert Wilson heeft dat bewerkt. Hij regisseert de nu bij de Nederlandse Opera lopende uitvoering van Madama Butterfly. Hij maakte ook de decors en schiep het licht. Aan de decors zal hij niet veel werk hebben gehad, want die waren er niet. Alle ruimte werd gemaakt met licht en dat schitterend. Als aan de ruimte was ook aan de personages elke anekdotiek ontnomen: Pinkerton liep in een lang wit gewaad, waardoor hij wat op een missionaris leek. Het bewonderde huis was er niet. Pinkerton en de Amerikaanse consul drinken in het eerste bedrijf whisky, maar zij hebben geen glas in de hand. Alles is geabstraheerd en aan zijn historische inkadering onttrokken ook. Pinkerton en Butterfly komen bijna als archetypen tegenover elkaar te staan: de opportunistische man en de vrouw met de eeuwige toewijding en trouw. De muziek doet dat alles recht.

Maar in die muziek doen de paar flarden Amerikaans volkslied nu ineens vreemd aan, wat komisch ook. (Ze glorieerden natuurlijk bij de operette-uitvoering die ik zag). De abstractie raakt soms in conflict met de concreetheid van de tekst. In het tweede bedrijf komt de consul op bezoek bij Butterfly. Pinkerton is met zijn schip vertrokken. Hij heeft een brief bij zich van Pinkerton, waarin deze het huwelijk opzegt.

Na de begroeting vraagt Butterly hem: 'Uw grootouders en voorouders maken het goed?' Dat is de ene cultuur. Het antwoord van de consul: 'Ik hoop het', is de andere. De huishoudster maakt een pijp voor de consul klaar. Hij raakt die niet aan. Daarop zingt Butterfly : 'Heeft u misschien liever Amerikaanse sigaretten?' Op dat moment moest ik even lachen (en ook heel even denken aan Puccini die een heel zware roker was).

In de verhevenheid van de abstractie het gevolg passen de Amerikaanse sigaretten niet. De consul neemt een sigaret aan, steekt die op, maar dat is niet zichtbaar, als het glas whisky in het eerste bedrijf. Ik denk dat in mijn opvoering van veertig jaar geleden lustig gedronken en gerookt is. Hier verdroeg de enscenering de concreetheid van de taal niet. Het is niet storend, maar wel lichtelijk hilarisch. Maar misschien werd mijn reactie bepaald door een vooroordeeltje dat aan het ontstaan was.

De grootheid van een concert, een toneelstuk of een opera meet ik af aan mijn moeite met het applaus. Butterly heeft zich voor onze ogen gedood, het donker valt, een laatste spot belicht Pinkerton en dan is het donker volkomen. Het doek valt. Geef mij tien minuten minstens om alles te verwerken. Maar daar gaat het doek al weer op en Butterfly staat weer levend voor ons, buigt en buigt nog eens onder luid geklap. Het was maar een spel. Maar mijn werkelijkheid is nog steeds die vermoorde liefde. Ik geloof wat ik zie en hoor. En van dat geloof val je niet meteen af.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden