Verliezen is geen optie op de achtervolging

De achtervolgingsploegen starten vandaag in de sterkste opstelling aan de laatste olympische klus. Jorien ter Mors krijgt het dus druk. Na de eerste serie op de achtervolging wacht de 1.000 meter shorttrack.

DOOR JOHN VOLKERS

De Nederlandse schaatsers staan voor de afsluitende opdracht in Sotsji. De equipe, die met zes gouden medailles op de tien individuele onderdelen al onwaarschijnlijk succesvol is, wil op de twee ploegachtervolgingen de oogst tot acht olympische titels uitbreiden.

Het doel van tweemaal olympisch goud in de teamdiscipline werd drie jaar geleden duidelijk geformuleerd. De mislukte missies in Turijn en Vancouver van het sterkste schaatsland ter wereld werden als aansporing gebruikt. Aanvankelijk zou wielermanager Theo de Rooij het project leiden. Later werd dat Arie Koops. De directeur sport van de schaatsbond werd ook benoemd tot bondscoach.

Koops deed donderdag bij de presentatie van zijn achtervolgingsdrietallen aanvankelijk schimmig over de doelstelling. Hij had het bij herhaling over 'de beste taakuitvoering' die tot 'het beste resultaat' zou moeten leiden. Zaterdag, na de finales, zou hij pas zeggen of dat goud is geweest.

Na enig aandringen gaf Koops toe dat er geen andere vertaling kon zijn van 'beste resultaat' dan de gouden medaille. 'De beste technische uitvoering leidt tot goud', was zijn finale uitspraak voor een zaal vol toehoorders die de Nederlandse opdracht in de ploegachtervolging als een eenvoudige slotakkoord van het individuele toernooi beschouwen.

Het nationale gehakketak, teken van onmetelijke luxe, ontstond nadat Koops zijn opstellingen bekend had gemaakt. Hij had zijn teams na de laatste training geïnformeerd. Zij mochten in de persgesprekken niets zeggen over hun rol, voorbereid in twintig trainingsbijeenkomsten door het hele seizoen heen. Dat is ten opzichte van vroegere ondernemingen een degelijke aanpak voor een sport die per traditie individueel gericht is.

De verrassing bij het bekendmaken van de selecties, was dat parttime shorttracker Jorien ter Mors wordt opgesteld in het vrouwenteam op de langebaan. Haar uitverkiezing gaat ten koste van Marrit Leenstra, een schaatsster die normaliter op positie 2 voor een snelle ronde kan zorgen, na de gebruikelijk krachtige opening door kopvrouw Ireen Wüst.

Lotte van Beek, de winnares van brons op de 1.500 meter, is op de plaats van teamgenoot Leenstra gekomen. Ter Mors sluit het rijtje van drie bij de start. Zij moet twee uur na de eerste ronde van de ploegwedstrijd aantreden in de IJsberg voor maximaal drie ronden shorttrack over de 1.000 meter.

Het leek velen geen goed idee Ter Mors deze dag dubbel te belasten. Koops hield er donderdag aan vast. Hij wil vanaf de eerste race met zijn beste ploeg rijden. Hij had het doorgesproken met de shorttrackcoach Jeroen Otter. Wie honderd procent commitment toezegt in de zomer, bij een trainingskamp op Vlieland, die moet dat op de plaats van actie ook nog steeds zijn.

Ter Mors zei voor de bekendmaking van de ploeg dat zij best ontzien had willen worden, maar als Koops haar zou opstellen zij geen terugtrekkende beweging zou maken. De olympisch kampioene op de 1.500 meter: 'Ik ga zo goed mogelijk mijn energie verdelen. Als ik moet rijden, rijd ik. Als ik niet hoef te rijden, is dat mooi meegenomen.'

Koops zei overtuigd te zijn van de bewezen taaiheid van Ter Mors. Op zware dagen in het shorttrackcircuit komt zij soms zes, zeven keer aan de start. Vrijdag rijdt ze maximaal vier keer. 'Vooraf weten we dat Jorien hartstikke goed is. De waarheid achteraf zal zaterdag bekend zijn', aldus Koops.

In het streven naar 'prijzen pakken' hanteert de bondscoach de aanpak van een voetbaltrainer. Als het drietal Wüst, Van Beek en Ter Mors goed functioneert, dan zal Koops zijn winnende opstelling niet meer veranderen.

Bij de mannen begint hij ook in de sterkste formatie die vorig jaar wereldkampioen werd en deze winter al tweemaal het wereldrecord op de achtervolging ver- beterde. Het is het trio Sven Kramer, Koen Verweij en Jan Blokhuijsen. Volgens Verweij is dat het 'supertrio'. Jorrit Bergsma, de olympische kampioen op de 10 kilometer, is de reserve.

Hij heeft moeite aan te haken bij snelstartende schaatsers als Kramer en Verweij. 'We zijn een team. We pakken Jorrit wel op als het nodig is.'

Bergsma: 'Ik ben de laatste jaren beter geworden in mijn eerste ronde.'

Blokhuijsen: 'Als Jorrit achter ligt, dan krijgen we wel een seintje van de bondscoach.'

De communicatie is sterk verbeterd sinds de Spelen in Vancouver. Toen had het trio Kramer, Blokhuijsen en Tuitert nooit eerder samen gereden. In Sotsji moeten de Nederlanders met hun overmacht aan snelheid en talent in staat zijn te excelleren. Verweij: 'Als we doen wat we het hele jaar al doen, dan doen we het nu ook.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden