Column

'Verliest Israël in Iran een heimelijke bondgenoot?'

Het meten met twee maten: dat zorgt voor het grote geloofwaardigheidsprobleem van het Westen in het Midden-Oosten, schrijft columnist Thomas von der Dunk.

De Iraanse president Hassan Rohani. Beeld reuters

Welk volk houdt er in meerderheid extremere politieke opvattingen op na - de Israëli's of de Iraniërs? De overeenkomst tussen verkiezingen in beide landen is immers groot: echt gematigde krachten maken geen kans.

In Iran niet doordat, zoals een theocratie betaamt, de extreem-rechtse geestelijke leiding geen hervormers tot de verkiezingen toelaat, mede uit angst dat die anders mogelijk zouden winnen. In Israël is een dergelijke wettelijke inperking helemaal niet nodig: de meerderheid van de bevolking stemt uit zichzelf al jarenlang extreem-rechts.

De zege van Hassan Rohani in Iran afgelopen weekend geeft aan dat de meerderheid van de Iraniërs een opening naar het Westen wil: van alle kandidaten was hij de meest redelijke. Zeker: ook Rohani claimt het recht van Iran op civiele kernenergie, en ontkent dat Teheran aan een atoomwapen werkt. Maar, zoals hier al vaker betoogt, niemand kan een ander land het recht op civiele kernenergie ontzeggen, en ook Israël ontkent dat het atoomwapens bezit, zonder dat dat tot inspecties en sancties leidt.

Stugheid
Het meten met twee maten: dat is het grote geloofwaardigheidsprobleem van het Westen in het Midden-Oosten. Dat betreft overigens ook het opkomen voor democratische vrijheidsidealen. Die worden door 'bondgenoot' Saoedi-Arabië niet minder met voeten getreden dan door Iran. Of zet de feitelijk getolereerde Israëlische landroof in Palestina tegenover de zwaar bekritiseerde Syrische usurpatie van Libanon.

Een niet onbelangrijke oorzaak van de stugge houding van Teheran in het nucleaire vraagstuk - die qua stugheid niet onder doet voor de stugge houding van West-Jeruzalem in het koloniale - vloeit voort uit de wens door het Westen eindelijk volwaardig behandeld te worden.

Gelukkig heeft Obama op de zege van Rohani welwillend gereageerd - ook in de wetenschap dat hij beter toch niet zal kunnen krijgen en het wel veel slechter had kunnen zijn. Maar het paradijs breekt ginds morgen natuurlijk niet uit, evenmin als na de verdrijving van Saddam Hussein in Irak, waar de bijbelse Hof van Eden vanouds werd gelokaliseerd.

De enige zure reactie op de Iraanse verkiezingsuitslag kwam uit Israël. Begrijpelijk: als Teheran niet langer meer onappetijtelijke taal uitslaat die het Westen op de kast jaagt, is Netanyahu zijn grote boeman kwijt, achter wiens rug hij ongestoord zijn Apartheidspolitiek voort kan zetten. Zijn kabinet doet er immers alles aan om door facts on the ground een Tweestatenoplossing fysiek onmogelijk te maken. Alleen moet Netanyahu dit naar buiten toe verdoezelen omwille van de betrekkingen met Washington.

Overigens vormen de extremisten in Iran ook in een ander opzicht de stille bondgenoot van Israël: in Syrië. Oud-generaal Uri Sagi wond er in de NRC van 3 mei geen doekjes om: liever de seculiere despoot Assad - 'hij is relatief stabiel en betrouwbaar'- dan een islamistisch alternatief.

Schurkenstaat
Dankzij de alle aandacht opeisende Syrische burgeroorlog kan Netanyahu in de praktijk nu weliswaar nog meer zijn gang gaan, maar tot enige concrete strafmaatregelen leidde zijn permanente schending van VN-resoluties bij alle obligate gesputter in Washington of Brussel toch al nooit.

Hier valt een merkwaardige discrepantie te bespeuren in de houding van het Westen jegens de schurkenstaat Iran en die jegens de schurkenstaat Israël. In het eerste geval wordt een enorm geloof gehecht aan sancties om het desbetreffende regime in het gareel te dwingen. In het tweede heet het steevast dat sancties volledig averechts werken en bij het 'vredesproces' - welk vredesproces? - juist zullen hinderen.

Ook Paul Brill vervalt in de Volkskrant soms in die merkwaardige denkfout. Brill gisteren: 'Ik heb me er altijd over verbaasd hoe verklaarde tegenstanders van de Amerikaanse heerszucht in één moeite door eisten dat Washington allerlei tirannieke regimes resoluut aan de kant zou schuiven en de oprichting van een Palestijnse staat zou decreteren.'

Wel: wat het eerste betreft zou het al heel wat zijn als Washington niet meer blindelings bepaalde regimes (als het Saoedi-Arabische) steunde. Wat het tweede betreft: het zou al heel wat zijn als Washington bij de oprichting ervan niet in de VN een veto uitsprak. En als er één land is, dat door Washington wèl tot bepaalde stappen gedwongen zou kunnen worden, dan juist Israël, dat jaarlijks miljarden aan militaire steun ontvangt en voor zijn behoud op de langere termijn volledig van Washington afhankelijk is.

De crux: strafmaatregelen tegen onwillige kleine, van jou afhankelijke bondgenoten die voor jou geen alternatief hebben (lees: Israël) hebben eerder effect dan tegen onwillige grote, niet van jou afhankelijke tegenstanders die al over machtige medestanders beschikken (lees: Iran).

Fratsen
Is dat niet ook precies de reden waarom men in het geval van Noord-Korea de ogen richt op China? Of denk aan ons eigen koloniale verleden: toen Washington in zowel de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog als later de Nieuw-Guinea-kwestie Den Haag te verstaan gaf dat het met onze recalcitrante fratsen afgelopen moest zijn, was het daarmee inderdaad snel voorbij.

Dat het Westen geen eind aan de Israëlische fratsen durft te maken, heeft dan ook niet zozeer internationale oorzaken, als wel intern nationale: in Amerika kan geen president het zich electoraal veroorloven om Israël als troetelkind van christenfundamentalisten en islamofoben echt aan te pakken - en dat weet men ginds.

Dat geldt ook voor Nederland, waar Frans Timmermans het afgelopen half jaar - van de erkenning van de Palestijnse staat tot de etikettering van producten uit de illegale nederzettingen - te gemakkelijk is gecapituleerd voor de tegenstand van de VVD die, zoals steeds wanneer zijzelf elk moreel besef ontbeert, dat laatste zelfs 'aan de markt' wil overlaten.

Thomas von der Dunk is cultuurhistoricus en columnist van Volkskrant.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.