RECONSTRUCTIE

Verliest het NFI stilaan de daders uit het oog?

Gebrekkige robots; lange levertijden: de roem van het Nederlands Forensisch Instituut staat op het spel, zeggen medewerkers. En: 'Het is wachten op de eerste verdachte die vrijuit gaat doordat het hier zo'n puinhoop is.'

Elsbeth Stoker en Wil Thijssen
Nederlands Forensisch Instituut (NFI). Beeld anp
Nederlands Forensisch Instituut (NFI).Beeld anp

Het is 5 augustus 2015 als het eerste nieuws naar buiten sijpelt. 'Gaan we dit vaker meemaken?', vraagt de radiopresentator.

'Nee', antwoordt de NFI-woordvoerster, 'dit is een uitzondering.'

Door de vliegramp MH17 en de duizenden monsters met erfelijk materiaal van de doden die het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) moet onderzoeken, zijn 250 strafzaken vertraagd, vertelt de woordvoerster op de radio. Maar het NFI 'doet er alles aan om de rechtsgang, de verdachten en slachtoffers zo min mogelijk last te bezorgen'. Een deel van de MH17-monsters is naar buitenlandse laboratoria gestuurd, ook delen van andere strafrechtelijke onderzoeken worden uitbesteed. Is er bij het NFI een structureel probleem? 'Geen sprake van.'

De medewerkers luisteren vol ongeloof naar het verhaal. 'Er is veel meer aan de hand', zegt een van hen. De MH17-monsters én de normale stroom strafzaken hadden ze best aangekund, als hun organisatie niet zo'n puinhoop was geweest. Er is meer uitbesteed dan nodig was. Sterker: de logistiek van het uitbesteden leverde juist extra werk op, en kostte meer geld. Rapporten van buitenlandse laboratoria moesten worden vertaald door gekwalificeerde vertalers. En doordat forensisch onderzoek deels door andere laboratoria werd gedaan, verliep dat proces sterk versnipperd.

Niet MH17 maar het management, het gedwongen vertrek van hoognodige, zeer ervaren dna-collega's en de 'visieloze' reorganisatie waarover dan al bijna een jaar wordt gesteggeld, eisen hun tol, stellen de medewerkers op die 5de augustus.

En dat niet alleen op de dna-afdeling.

Afglijdende organisatie

Uit een rondgang van de Volkskrant langs medewerkers - die veelal anoniem spreken uit angst voor ontslag - rijst het beeld van een afglijdende organisatie. Het instituut dat internationaal tot de forensische top behoort, waar het mysterie van de Utrechtse serieverkrachter is ontrafeld, waar de werkelijke dader in de Puttense moordzaak werd ontdekt en waar de afperser van Linda en John de Mol werd ontmaskerd, gaat gebukt onder een 'onbenullige, incompetente directeur'. Medewerkers spreken over een 'angstcultuur' en 'een oorlogssituatie'. Ze voelen zich onbegrepen en vrezen dat het NFI ten onder gaat aan het mismanagement van de 'VVD-klusjesman die zichzelf directeur noemt': Reinout Woittiez.

Uit interne documenten blijkt dat de onvrede breed wordt gedragen. 'Het is wachten op de eerste verdachten die vrijuit gaan doordat het hier zo'n puinhoop is', zegt Marnix Hoitink, voorzitter van de ondernemingsraad.

Vorige week werden robots al 'onder curatele gesteld' - werknemers moesten ernaast 'babysitten' omdat onderzoeksmonsters mogelijk zijn geruïneerd. De oorzaak: programmeerfouten. Het is een van de symptomen van de ziekte waaraan het NFI lijdt, stelt de OR-voorzitter.

Ook productieafspraken met opdrachtgevers worden steeds vaker niet op tijd nagekomen. 'Vroeger mochten we bovendien bij een lastig spoor de tijd nemen om door te zoeken, zodat we toch iets over dat spoor zouden kunnen zeggen', zegt een medewerker. 'Nu wordt er eerder gezegd: schrijf een negatief rapport waarin je zegt: we konden zo snel niks vinden. Als justitie toch verder onderzoek wil, moet een nieuwe aanvraag worden ingediend. De standaarden glijden af.'

null Beeld anp
Beeld anp

Handschriftonderzoek

Het is 30 oktober 2014 als de vier handschriftdeskundigen samenkomen in kamer D3.10 in de Haagse zwarte modernistische blokkendoos van het NFI. De avond ervoor hebben ze een mail gekregen dat ze zich hier - in de werkkamer van handschriftdeskundige Wil Fagel - moeten melden voor een gesprek met het afdelingshoofd. Dit wordt geen fijn gesprek, vermoeden ze.

Bij het NFI wordt geregeld bekeken welke onderzoeksgebieden nog bestaansrecht hebben. Zo werd een streep gezet door typemachine-onderzoek. Het was zelden nodig, in noodgevallen kan expertise uit het buitenland worden ingehuurd. Nooit was de conclusie dat handschriftonderzoek moest verdwijnen. Het is weliswaar een klein onderzoeksgebied, maar, zegt een handschriftdeskundige, na elke terroristische aanslag volgt een hausse aan dreigbrieven. Ze zagen het na 11 september 2001, na de moord op Theo van Gogh en ze maken het weer mee na de jongste aanslagen in Parijs en Brussel. Het zijn de handschriftonderzoekers die samen met politie, dna-deskundigen, vingersporenspecialisten en documentonderzoekers het kaf van het koren scheiden en die proberen de identiteit van de écht gevaarlijke dreigers, terroristen, te achterhalen.

Niet alleen daarvoor worden ze ingeschakeld. Hun oordeel wordt ook gevraagd bij handtekeningen op vervalste kunstwerken en bij witteboordencriminaliteit. Fagel: 'En als wordt getwijfeld over zelfmoord, onderzoeken we de afscheidsbrief.'

null Beeld anp
Beeld anp

Al sinds 1983 werkt Fagel voor het NFI, hij zag het instituut groeien van een club van tachtig medewerkers naar een organisatie van zeshonderd man, die in strafrechtelijk onderzoek een steeds belangrijker rol inneemt. Ja, geeft Fagel toe, 'er wordt minder vaak een beroep op handschriftdeskundigen gedaan'. Andere vakgebieden, zoals dna en digitaal, namen een vlucht. 'Maar nog steeds wordt zo'n zestig keer per jaar onze hulp gevraagd.'

Desondanks is Fagel verontrust, die 30ste oktober.

'Jullie vakgebied wordt opgeheven', hoort hij even later het afdelingshoofd zeggen. Fagel zelf loopt tegen zijn pensioen. Zijn collega's zijn stil, kijken verslagen. Begrijpen de argumenten niet.

Nog meer bezuinigingsplannen

Voor een uitgebreid gesprek is geen tijd. Aansluitend worden alle medewerkers in de centrale hal verwacht. Daar zal de nieuwe directeur Reinout Woittiez - die op 1 september 2014 benoemd is door voormalig directeur-generaal Gerard Roes van het ministerie van Justitie - nog meer bezuinigingsplannen aankondigen. Het NFI moet 9 miljoen euro bezuinigen van het kabinet, zo'n 15 procent.

Volgens de wetenschappers is er op veel afdelingen geen 'rek' meer. Jaren geleden zijn ze door 'verandermanagers' onderzocht. Met succes: binnen de overheid geldt het NFI als voorbeeld, efficiënt georganiseerd. 'Destijds was het nodig. Maar de lucht is er nu echt uit', zegt een medewerker. In januari 2016 wordt zijn mening bevestigd door onderzoekers van het registeraccountantskantoor Dubois+co.

In de hal drommen de NFI'ers samen. Ze zijn benieuwd naar de plannen van de nieuwe directeur, een man zonder forensische achtergrond. Iemand over wie veel NFI'ers zeggen: 'Wie is hij eigenlijk?'

Reduceren

Woittiez begint zijn presentatie. Hij gaat de vakgebieden langs, vertelt waarop wordt bespaard en hoeveel mensen verdwijnen. Op het management wordt niets bespaard, zegt de directeur. Sterker: de divisiemanagers gaan een schaal omhoog: van 15 naar 16.

Verontwaardiging golft door de zaal, gevolgd door hoongelach. Wel bezuinigen op de inhoud van het werk, maar een hoger salaris voor de top. Menigeen blijft met onrust achter: ze hebben geen goede argumenten gehoord waarom juist handschriftonderzoek, verfonderzoek en morfologisch vergelijkend haaronderzoek moeten verdwijnen. De visie van de directeur is onduidelijk, vinden ze. Woittiez is een fervent VVD'er, actief bij de Waterschappen. 'Misschien zit hij hier gewoon om de politieke agenda uit te voeren: het aantal ambtenaren reduceren', zegt Hoitink. Het is een gevoel dat bij veel medewerkers blijft hangen, samen met de onzekerheid dat hun afdeling morgen eveneens kan worden opgeheven.

De handschriftdeskundigen mogen na de presentatie doorpraten met de directeur. Van een gesprek is nauwelijks sprake. Woittiez begint de bijeenkomst met de mededeling: we kunnen erover praten, maar mijn besluit staat vast.

null Beeld anp
Beeld anp

Als minister Van der Steur van Justitie een jaar later Kamervragen krijgt over hoe het nu verder gaat met onder meer handschriftonderzoek, antwoordt hij dat dat voortaan wordt uitbesteed. Want de vraag naar dergelijk onderzoek neemt minder snel af dan verwacht. 'Uitbesteden is niet goedkoper en het kost meer tijd', zegt een medewerker. De enige manier om op handschriftonderzoek te besparen, zegt een ander, 'is om het niet meer te doen. Maar dan moet je jezelf de vraag stellen: willen we mensen veroordelen als we onderzoek dat we wél hadden kunnen doen, niet hebben gedaan?'

De minister zegt ook dat het NFI de kwaliteit van het onderzoek zal bewaken. Maar van die woorden snappen de NFI'ers niets. 'Begrijpt de minister niet dat wij de kwaliteit juist niet kunnen bewaken als je het uitbesteedt: wij hebben de expertise niet meer in huis om het te beoordelen, die is wegbezuinigd', zegt de een. 'We hebben daardoor het récht niet om er een inhoudelijk oordeel over te vellen', zegt een ander. Een derde voegt toe: 'We kunnen ook niet garanderen dat een document juist wordt behandeld: gaat er iets fout in de bewijsketen, dan kan dat sporen verpesten.'

Bandrecorder

De broodjes staan klaar. De powerpointpresentatie is gereed. Aan de muur hangt een vervalste Karel Appel - te herkennen aan de stempel 'vals'. In de kleine vergaderzaal drommen de medewerkers samen. Het is 17 maart en het onderwerp van dit lunchgesprek: de onvrede.

Afgelopen jaar is het vooral de OR die openlijk botst met de directeur. In augustus is zelfs het vertrouwen in Woittiez opgezegd nadat deze een negatief OR-advies over de reorganisatieplannen als 'voldoende positief' had geïnterpreteerd. De OR heeft inmiddels een contract laten opstellen waarin staat dat bij elk gesprek een advocaat aanwezig is en een bandrecorder meeloopt, om soortgelijke 'misverstanden' te voorkomen.

Niet alleen de OR doet dat. Ook een andere NFI'er zegt dat medewerkers heimelijk gesprekken opnemen met managementleden, uit wantrouwen, om de NFI-top te dwingen zich aan gemaakte afspraken te houden.

Het personeel verbaast zich over wat ze meemaken onder de nieuwe directeur. Als voorbeeld noemen ze ABN Amro-medewerkers die komen vertellen hoe ze efficiënter kunnen werken. Onder het motto 'Continu Verbeteren' wordt hen gevraagd enige tijd lijsten in te vullen met wat ze op een dag doen. Tot op de minuut. Voer je een gesprek? Moet worden genoteerd. Is het privé of werkgerelateerd? Ook dat gaat in de computer. Net als de tijd die je kwijt bent aan een rapport. Zelfs een bezoek aan het toilet moet worden vastgelegd. Vergeet je aan te vinken dat je daarvan terugkomt, dan kan het systeem zomaar registreren dat je urenlang op de wc zat. De OR moet eraan te pas komen om deze meldplicht af te schaffen.

De hooggekwalificeerde forensisch experts - die dagelijks worden geconfronteerd met bewijsstukken van overvallen, moorden en verkrachtingen - moesten bovendien elke dag een smiley plakken op het 'humeurbord'. Zodat consultants kunnen peilen of ze zin hadden in hun werkdag.

'We voelen ons als kleuters behandeld', zegt een medewerker. 'We zijn overgenomen door spreadsheetmanagers die alleen geïnteresseerd zijn in aantallen en levertijden, en niet in de kwaliteit', zegt een volgende. 'Als iemand me nog één keer vraagt een smiley-sticker te plakken, verkoop ik hem een klap', zegt een ander.

Werknemersblog

Een maand eerder, op 10 februari, verschijnt de eerste werknemersblog waarin openlijk kritiek wordt geuit. De schrijver is een middenmanager: Gerard Stor. Hij beschrijft hoe de top onvoldoende luistert naar het personeel - en dat terwijl het hele pand gevuld is met hoogopgeleide, betrokken mensen.

Als voorbeeld beschrijft Stor hoe hij per mail instructies kreeg om verder te praten met zijn team na een emotionele OR-bijeenkomst. In de mail kreeg hij een protocol, opgesteld door een extern adviesbureau: de 'doorpraatsessie' mocht een uur duren, moest plaatsvinden in een ruimte waar iedereen kon zitten. Het onderwerp moest op een flipover worden geschreven. Met een streep eronder. 'Tsja', schrijft Stor. 'Dat kunnen medewerkers kennelijk niet zelf verzinnen.'

Meer dan tachtig instemmende reacties volgen op de blog, en dat niet alleen: ook anderen durven nu hun onvrede te uiten. Het resulteert in de lunchbijeenkomst op die 17de maart. Iedereen mag komen. Ook de directeur. Een enkeling kijkt verbaasd als hij Woittiez ziet zitten in het overvolle zaaltje. Durven ze nu wel te praten? Na enige tijd barst het los. We zien je nooit, krijgt Woittiez te horen. 'Wat doen jij en je collega-managers eigenlijk? Jullie weten niet wat wij doen, maar jullie beslissen wel over ons.'

NFI-directeur Reinout Woittiez. Beeld anp
NFI-directeur Reinout Woittiez.Beeld anp

Druk tikt de directeur op de iPad. 'Wat tik je eigenlijk?', willen de medewerkers weten. 'Wie het woord voert misschien? Wie kritiek op je uit?' De directeur ontkent. Anderhalf uur lang duurt de bijeenkomst. 'Er was eindelijk sprake van een dialoog', zegt een van de aanwezigen.

Er is ook verbazing. Aan beide kanten. Woittiez zegt zich te verbazen over de angst onder het personeel.

En de medewerkers? Die zijn daar weer verbaasd over. 'Speelt hij toneel?', vraagt een aanwezige zich achteraf af. 'De kritiek kan toch geen verrassing zijn? Of heeft hij zich al die tijd op de wc opgesloten?'

Reactie NFI-directeur Reinout Woittiez

'Ik herken me niet in het beeld dat door deze medewerkers wordt geschetst. Het is niet representatief. Reorganiseren doet pijn. Het is vreselijk als je zo betrokken bent, en je ziet dat iets op een lager pitje wordt gezet, of wordt gestopt. Die pijn en boosheid maak ik met ze mee. Onvrede wordt op de directeur geprojecteerd.' Lees hier de complete reactie van directeur Reinout Woittiez.

Verantwoording

Dit verhaal is gebaseerd op gesprekken met twaalf betrokkenen, uit verschillende lagen en afdelingen van de organisatie. De meesten willen anoniem blijven uit angst voor consequenties. Daarnaast baseert de krant zich op interne documenten waaronder kritische blogs over de managementcultuur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden