Verleidelijk eiland

Wordt de Hoeksche Waard het distributiecentrum van Nederland, een tweede Westland of de bouwplaats voor een grote stad? Die vragen komen deze dagen aan de orde op een conferentie over het eiland dat nu nog 'braak' ligt....

DE WIEKEN zetten aan en na veel geknars van de draaiende molenstenen glijdt het meel in een houten bak. Terwijl molenaar Hunink meel schept in bruine papieren zakken, luistert hij nauwlettend of de wind wegvalt.

De wind is de baas in de wijde polder en de seizoenen bepalen het ritme. Het is een gegeven waarmee Hunink zijn molen Landzigt draaiende houdt. En het is volgens hem de kracht van de Hoeksche Waard. 'Het polderland is mij heilig', zegt Hunink.

Aan de overkant van de weg bij Zuid-Beijerland liggen twee boeren op hun knieën aardappels te rooien. 'Ze halen alvast een paar zakken voor eigen gebruik en voor de verkoop aan huis', legt de molenaar uit. Hunink is geboren in Zevenhuizen, aan de noordkant van Rotterdam. Na twintig jaar op de Hoeksche klei kent hij de streek en zijn bewoners als zijn broekzak.

De Hoeksche Waard, ten zuiden van Rotterdam, staat onder druk van de verstedelijking. De Stichting Architecture International (AIR) wijdt daaraan een manifestatie onder het motto: 'AIR Zuidwaarts, waar het landschap begint.' Een van de activiteiten is een conferentie, deze dagen in Rotterdam, waar gedebatteerd wordt over de toekomst van stad en landschap.

Molenaar Hunink beseft dat het leven in de Hoeksche Waard niet altijd blijft zoals het nu is. Hij heeft 'de berichten in de bladen' wel gelezen. Wat hem betreft, zou hij 'alleen bedrijven voor de eigen bevolking' toelaten, als dat dan toch moet. 'Dat is mijn gedachte', zegt hij terwijl hij de meelzakken op tafel schikt.

'Vooral op zondag kan ik van dit land intens genieten. Dan fiets ik in mijn eentje over de dijk van Zuid-Beijerland, naar Goudswaard en dan naar Piershil en over de Dwarsweg de polder door en weer terug. Die verte. Ik moet van me af kunnen zien.'

De Hoeksche Waard ligt tussen het water van de Oude Maas, het Hollands Diep, de Dordtse Kil, het Spui en het Haringvliet. Tot halverwege de jaren vijftig reed er weliswaar een tram van Rotterdam naar dorpen als Oud- Beijerland, Puttershoek en Strijen, toch hield het water het eiland in een isolement. De aanleg van de Heinenoordtunnel bracht daarin pas wezenlijk verandering.

Door zijn ligging is de Hoeksche Waard tamelijk ongerept gebleven. Zwarte akkers liggen nat en verstild in het lage zonlicht en in de verte hangt een rij populieren scheef in de wind. Als bastions heersen majestueuze boerderijen over de landerijen.

M AAR DE STAD rukt op. Een snelweg snijdt scherp door het vlakke land. Het tracé voor de hogesnelheidstrein is in aantocht en daarna volgt de rijksweg A4, die Amsterdam, via Rotterdam, met Antwerpen moet verbinden. In de zuidelijke strook van de Hoeksche Waard, langs het Haringvliet, zijn de bieten en de dijken nog dominant. In de noordelijke helft wordt hun positie bedreigd door kopergroene nieuwbouwwoningen, brede wegen en strakke loodsen.

Een zeehaven, een vliegveld, een stad van de omvang als Almere, allerlei bespiegelingen zijn al eens losgelaten op de lege hectares rond Oud-Beijerland en Piershil. Steeds gingen ze van tafel, maar nu lijkt er geen ontkomen meer aan. Verstedelijking en industrialisatie zijn geen papieren begrippen meer.

In het streekplan van de provincie staat het gebied nog een industrieterrein van 250 hectare te wachten. Voor tuinderskassen is een evengroot areaal gereserveerd. En dat terwijl het kabinet-Kok in de regeringsverklaring opriep niet te hard van stapel te lopen met de invulling van de ruimte en een samenhangende visie te ontwikkelen.

Het pleidooi van de regering voor een fundamenteel debat over de stad en het land werd bij de Stichting Architecture International (AIR) met instemming begroet. Directeur Anne-Mie Devolder: 'De Hoeksche Waard zal nooit meer het geïsoleerde eiland zijn van voor de bruggen en de tunnels. Rond het eiland valt geen muur te bouwen die alle invloeden buiten de deur houdt. Het staat vast dat het gebied de komende decennia zal veranderen. De vraag is alleen op welke manier dat gebeurt.'

Devolder is op zoek naar nieuwe visies op stedenbouw, de identiteit van de Hoeksche Waard en vooral naar de polemiek. In het magazine dat de manifestatie begeleidt, somt zij de uitdaging op: 'De visies moeten het bijzondere karakter van de Hoeksche Waard respecteren, met zijn uitgestrekte korenakkers en bietenvelden, buitendijkse aanwassen van slikken en gorzen, het vlakke land met zijn lage horizon en Ruysdaelse wolkenvelden, beboomde dijken en kronkelende kreken, de monumentale boerderijen, dorpskernen en buurtschappen en de nog steeds aanwezige lokale culturen. Tegelijkertijd moeten deze visies ruimte bieden aan ruimtelijke veranderingen die een gevolg zijn van de aanleg van bedrijventerreinen, wegen en het bouwen van woningen.'

Achitecture International Rotterdam (AIR) past in het rijtje van Rotterdamse festivals zoals Poetry International en Film International. AIR is opgezet als brainstormsessie over een stedenbouwkundig thema. Zo werden eerder manifestaties gehouden over de Alexanderpolder ('waar de stad verder gaat') en de cultuur en de stadsontwikkeling van een nieuwbouwwijk. Ook werd nagedacht over de inrichting van Rotterdam na de aanleg van de Willemsspoortunnel en het afbreken van de spoorbrug en bijbehorende viaducten in het stadscentrum.

AIR begon in 1982 met een manifestatie over de ontwikkeling van oude havenloodsen op de zuidoever van de Nieuwe Maas. Daaruit ontsproot de naam Kop van Zuid. Daar ontstond ook de idee dat dit stadsdeel tot een nieuw centrum moest uitgroeien met een oeververbinding die later Erasmusbrug zou gaan heten.

T OT EIND volgend jaar is de Hoeksche Waard aan bod. Acht architecten brengen de toekomst van het gebied in kaart. Hun ontwerpen vormen een bijdrage aan de discussie over de potentie van de Hoeksche Waard. Een aantal fotografen legt de sfeer van het Zuid-Hollandse eiland vast. Het vergt een cultuuromslag om de tegenstelling tussen stad en het platteland te doorbreken en de mogelijkheden van de stad en het platteland samen te brengen.

Op een groot parkeerterrein langs de snelweg wijst Devolder op de grote hoeveelheid auto's. 'De tegenstelling tussen stad en platteland is veel kleiner dan je zou denken. De mensen die hier wonen, parkeren hun auto en nemen de bus naar Rotterdam. Zij hebben een abonnement op de schouwburg, werken en winkelen in de stad en denken als een stedeling. Maar zij zijn hier gaan leven om de drukte te ontvluchten en hebben nu argwaan. Zij zien Rotterdam als boosdoener: die pakt hun lege land af.'

Roos Bosua is burgemeester van Cromstrijen, een gemeente met ruim 12 duizend inwoners in het hart van de Hoeksche Waard. Zij merkt hoe de argwaan van de bewoners van het eiland tegen de stad toeneemt. 'En dat terwijl deze streek vol zit met ex-Rotterdammers die hun brood verdienen in Rotterdam, de Botlek en Europoort.'

Bosua relativeert de waarde van de streek. Uniek? 'Ach, iemand die op Voorne woont vindt dat gebied het mooist, de inwoner van de Hoeksche Waard is ook fan van zijn eigen gebied. Dat is zo subjectief. Wat mij echter wel aanspreekt is dat bewoners sterk betrokken zijn bij hun gebied en er zorg voor hebben.'

Een fors kassengebied gaat ook haar te ver ('Ik heb mijn twijfels over al dat licht in de nacht'), maar overigens zijn industrialisatie en woningbouw niet te keren, meent zij. Het is juist een uitdaging om nieuwe bouwwerken aan te laten sluiten bij de landelijke omgeving. 'Als je alleen maar roept wat je niet wilt, geef je de regie uit handen', zegt zij. De inwoners van de Hoeksche Waard denken te weinig aan kansen en te veel aan bedreigingen. 'Een deel van dit gebied zal drastisch veranderen.'

D EVOLDER SPREEKT met afgrijzen over de komst van een industrieterrein van honderden hectares. Terreinen en loodsen dienen te worden gebouwd op de schaal die bij het gebied hoort, meent zij. De schaal van de Hoeksche Waard is bescheiden.

Zij legt de nadruk op 'de kwaliteit van het landelijke' en meent dat vooral gezocht moet worden naar de functie van het landschap van de Hoeksche Waard als aanvulling op de stad. Inwoners van Londen trekken in het weekeinde naar de platteland, de Rotterdammers doen dat niet. Zij gaan naar Brabant en naar de Veluwe, maar niet naar de Hoeksche Waard, dicht bij huis. 'Hoe kan dat? Je moet de schoonheid van de natuur, de dijken en het open land willen zien', zegt Devolder. 'Kan het agrotoerisme de stad en het eiland perspectief bieden? Moet de Hoeksche Waard op zoek naar identiteitsdragers?'

De manifestatie AIR Zuidwaarts levert meer vragen dan antwoorden op. Devolder maalt daar niet om: 'Niet realiseren maar discussiëren ligt ten grondslag aan het maken van ontwerpen voor de Hoeksche Waard. Soms is het effect later duidelijk en blijkt dat er iets in gang is gezet.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden