Verkademeisjes dolden samen in Verkadespeeltuin

Lellebellen waren het, fabrieksmeisjes. Een net meisje bleef thuis tot ze ging trouwen of ging, als er geld nodig was, in een dienstje....

Die van Verblifa waren erger dan die van Verkade. Als de Verkademeisjes eraan kwamen, gilden de Verblifameiden uit de raampjes: 'De deur blijft dicht voor die Verkadeshoeren!'

De Verkademeisjes stonden in de trein onder toezicht van een 'voorjuffrouw' en hadden aparte coups. Toch werd ook op hen neergekeken. Fabrieksarbeid was in die tijd voor jonge vrouwen per definitie onzedelijk.

Ruytermeisjes en Verkadevrouwen is een reconstructie van de arbeidslevens van die vele duizenden meisjes en jonge vrouwen die sinds 1891 de Verkadefabrieken bevolkten. De auteurs interviewden er zestig.

De oudste begon in 1915 op veertienjarige leeftijd. Ze moest zes dagen per week koekjes inblikken. 'Af en toe kreeg je stukkene vingertoppen door de suiker op die koekjes. Dan moest je vloeipapier om je vingers doen.'

De herinneringen van de vrouwen zijn ontroerend. Zeker in de eerste helft van de vorige eeuw blijken ze allesbehalve sloeries. Naïef en dociel voeren ze hun productie aan de lopende band zo hoog mogelijk op. Ze werken voor een hongerloontje. Hele avonden overwerk worden niet uitbetaald, en op hun vrije zondag moeten sommigen nog blikken gemengde biscuits thuisbezorgen bij de 'hoge heren'.

Toch wekt het boek geen medelijden op. De eerste drie generaties Verkadevrouwen kijken onvoorstelbaar positief terug op hun fabriekstijd. Laaiend enthousiast zijn ze over de warme onderlinge contacten en de lol die ze hadden. Het monotone werk was bijzaak.

De broers Verkade deden ook wel meer dan andere fabrikanten om de slechte reputatie van de jonge vrouwen te logenstraffen. Ze selecteerden de meisjes op netheid, stelden hen onder strak toezicht en regelden in werktijd naai- en kookles om ze klaar te stomen voor de huwelijksmarkt.

Ook kwamen er extraatjes zoals, in 1916, een speeltuin met schommels en wippen naast de biscuitfabriek. 'We waren net een stelletje dolle honden als we tussen de middag op de weide gingen spelen', aldus een voormalige inpakster. De kantine had echte borden en bestek, voor sommigen een ongekende luxe. Veel van de bejaarde geïnterviewden zeggen zó weer terug te willen.

Een moderne personeelschef schampert aan het eind van het boek dat de geïnterviewden slechts hun jeugd verheerlijken. Maar de gedetailleerde anecdotes en de haarscherpe archieffoto's maken het sprookje geloofwaardig. Kennelijk zongen vele honderden tieners en twintigers in kuitlange schorten aan de machines jolig hun dag vol.

Na de Tweede Wereldoorlog veranderde alles. Het boek rept niet van de Verkademeisjes die eind jaren veertig een man molesteerden in de trein - schrijfster Tessa de Loo zette dit later succesvol om in fictie -, maar wel van wat er voor de vrouwen verloren ging.

De geschiedenis eindigt in de hedendaagse realiteit van flexibele arbeid en harde rendementseisen. Verkade werd in 1990 opgeslokt door multinational United Biscuits. In de fabriekshallen schallen al jaren de arbeidsvitaminen. De huidige generatie Verkadevrouwen zingt niet meer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden