Verjaring kunstroof naar 30 jaar

Dieven van kunst die geen beschermd cultuurbezit is, worden straks pas na dertig in plaats van twintig jaar eigenaar van het geroofde goed....

Van onze verslaggever Joost Ramaer

Dat heeft staatssecretaris van Cultuur Medy van der Laan gezegd tijdens een overleg met de Tweede Kamer. Van der Laan vroeg onlangs alle ministeries aan te geven waar de kunstwerken zijn die zij hebben geleend uit de collectie van het Rijk. Een onbekend aantal werken, volgens de staatssecretaris vermoedelijk 'van geringe waarde', blijkt onvindbaar.

Met de langere verjaringstermijn voor de diefstal van niet beschermde kunst komt Van der Laan tegemoet aan een wens van de Kamer na een grote kunstroof uit het Westfries Museum in Hoorn. Daar ontvreemdden dieven in januari het hart van de collectie, met een totale waarde van minstens tien miljoen euro. Van de werken en de dieven ontbreekt nog steeds ieder spoor, aldus het museum.

Voor deze roof is de verjaringstermijn nu al dertig jaar, omdat museumkunst beschermd cultuurbezit is. Duiken de geroofde werken later elders in de EU op, dan is de termijn zelfs 75 jaar. Die langere termijnen gelden ook voor kunst in particulier bezit die is aangemerkt als nationaal erfgoed.

Sommige kamerleden willen dat de verjaring van diefstal van niet beschermde kunst nog verder wordt opgerekt, bijvoorbeeld tot vijftig jaar. De VVD'er Jan Rijpstra wil kunstroof bovendien uitzonderen van de zogenoemde verkrijgende verjaring, een internationaal unieke regel uit het Nederlandse Burgerlijk Wetboek. Daardoor wordt de dief na afloop van de verjaringstermijn automatisch eigenaar. 'Eens gestolen blijft gestolen', vindt Rijpstra. 'Het uitgangspunt moet zijn dat gestolen kunst teruggegeven wordt.'

Volgens Van der Laan is de verkrijgende verjaring geen onoverkomelijk probleem in de strijd tegen kunstdieven. Ook na afloop van de verjaringstermijn loopt zowel de dief als de koper van zijn roofkunst het risico van een strafvervolging wegens heling van gestolen goed, zo antwoordde de staatssecretaris vorig jaar op vragen van Rijpstra.

Bovendien blijven zij allebei aansprakelijk wegens onrechtmatige daad, waarbij de schadevergoeding kan bestaan in de teruggave van de gestolen kunst aan de oorspronkelijke eigenaar. De bestolene heeft vijf jaar de tijd om zijn eigendom via de rechter op te eisen, te rekenen vanaf het moment dat hij weet waar en tegen wie hij moet procederen - bijvoorbeeld wanneer een schilderij weer opduikt omdat de dief probeert het te verkopen, ook al is hij inmiddels al jaren eigenaar.

'Op zich klopt die redenering', aldus Chris Brunner, de oudhoogleraar Burgerlijk Recht die zich bij de invoering in 1992 fel verzette tegen de verkrijgende verjaring. 'Maar het wringt natuurlijk wel. Een dief moet gewoon nooit eigenaar kunnen worden, punt uit.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden