Verhard vreemdelingenbeleid mondt uit in tragedie

De eerste die belde was Radio Ireland. Daarna kwamen de Britse kranten, de Belgische, de Duitse, een Italiaanse en toen de Amerikaanse media....

Ze vroegen of Nederland niet was doorgeschoten in de strenge behandeling van buitenlanders. Of het Nederlandse vreemdelingenbeleid nu zijn gezicht laat zien in elf lijken.

Het is een interessante en nauwelijks te beantwoorden vraag. In elk geval is het met de jaren normaal geworden illegalen en andere vreemdelingen op te sluiten in on-Nederlandse omstandigheden. De gevangenis op Schiphol-Oost, maar ook die in Rotterdam en Zeist waar illegalen worden vastgezet, zijn toonbeeld van het nieuwe denken over ongewenste vreemdelingen. Snelheid, efficiëncy en souplesse zijn daarin belangrijke woorden.

De cellen die nu zijn uitgebrand, werden in grote haast gebouwd. In driekwart jaar, staat op de website van bouwer Pegu, ‘waar normaliter meerdere jaren overheen gaan’. Er was commotie over bolletjesslikkers die de Nederlandse gevangenissen overspoelden en de prefab-gebouwen waren een mooie oplossing. Noodgebouwen onder een noodwet, waar mensen kort onder sobere omstandigheden, twee-op-één-cel worden ondergebracht. Die methode was niet alleen bruikbaar voor drugskoeriers, maar ook voor (niet-criminele) vreemdelingen zonder papieren.

Het uitzetten van illegalen had jarenlang nauwelijks prioriteit, maar dat verandert in 2002 als er meer aandacht komt voor de overlast die ze veroorzaken. De Tweede-Kamer roept om stevige maatregelen, en krijgt gehoor. De grote steden houden ‘veegacties’ waarbij tientallen illegalen tegelijk worden opgepakt. Om ze efficiënt naar huis te krijgen, zijn er vliegtuigen en een heel nieuw systeem van met elkaar samenwerkende ambtenaren.

Vlak voor de opening van het uitzetcentrum op Rotterdam Airport vertellen justitie-ambtenaren dat ze trots zijn op het resultaat: in drie maanden tijd een detentiecentrum erbij, in daadkrachtige samenwerking van immigratiedienst, marechaussee en vreemdelingenpolitie. Een hangar vol zeecontainers vlak aan de startbaan, waar de deportees met hun bewakers mens-erger-je-niet spelen in de recreatieruimte, wachtend op een vlucht naar huis. De commissie van toezicht heeft er weinig problemen mee, zolang de bewoners er niet langer dan vier weken wonen.

Maar nu de ramp op Schiphol een spotlicht op de omstandigheden heeft gezet, rijst de vraag of zo’n doorgangsgevangenis wel past bij de mensen die het moet huisvesten. Dat is een allegaartje; van jonge Nigerianen die solo het geluk zoeken tot Bosnische gezinnen die al tien jaar in Nederland wonen op zoek naar asiel. Het zijn mensen die soms niets schuwen om in Nederland te mogen blijven. Ze vechten, schreeuwen, liegen en houden hun identiteit geheim. Ze stichten brand: in de cellen van Schiphol-Oost ontstonden meermaals ‘prullenbakbranden’.

Dat de illegalen er slechts ‘tijdelijk’ worden opgesloten klopt niet. Er zijn vreemdelingen die maanden doorbrengen in een noodcel, om vervolgens weer te worden vrijgelaten. Meer dan de helft van de mensen in vreemdelingenbewaring belandt uiteindelijk op straat, blijkt uit onderzoek. De gemiddelde verblijfsduur is tachtig dagen, de kans op uitzetting 35 procent.

De brand op Schiphol was donderdag belangrijk, maar geen breaking nieuws. Daar is een reden voor: de mensen die er wonen zijn geen mensen die we kennen. Deze ramp is geen Enschede of Volendam. Wel zal hij de personen die getroffen zijn een gezicht geven en de discussie openen over de vraag hoe ver een land kan gaan in de strijd tegen de illegale vreemdeling.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden