Interview

Verdronken, op de bodem van zwembad 't Gastland

De 9-jarige Salam overleefde de bombardementen in Syrië, maar stierf bij het schoolzwemmen in Rhenen. Haar ouders vragen zich nog steeds af wat er precies is gebeurd.

Vader, zusje en moeder van Salam. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Op het schoolplein hoort ze de naam van haar oudste dochter: 'Salam.' En opnieuw: 'Salam.' Het is maandag 21 september 2015, kwart over drie 's middags en Jumana Hamada (37), vier maanden geleden uit Syrië naar Nederland gevlucht, komt haar kinderen ophalen bij de Ericaschool in Rhenen.

Klasgenootjes van Salam dringen zich om haar heen. Ze praten snel, ze lijken opgewonden. Maar Jumana, nog maar zo kort in dit land, verstaat ze niet. Ze herkent alleen, keer op keer, de naam van haar dochter: 'Salam.'

Er is iets gebeurd met Salam, begrijpt ze, maar wat?

Salam Beeld Privébezit

'Salam'

Als ze merken dat zij het niet begrijpt, rent de zwerm kinderen naar hun eigen moeders, die hier ook staan te wachten bij het schoolplein. Weer verstaat Jumana alleen die naam: 'Salam.'

Ze gaat het schoolgebouw binnen. De politie is er ook. Inderdaad is er een probleem met Salam, weten ze haar duidelijk te maken.

Straks blijkt nog dat Salam is weggelopen, denkt Jumana.

'Er is iets gebeurd met Salam', zegt een moeder die Arabisch spreekt en zich over haar ontfermt. Salam ligt in het ziekenhuis. Zojuist, tijdens de schoolzwemles in sportcentrum 't Gastland, is iets helemaal verkeerd gegaan.

Salam, die niet kan zwemmen, is gevonden op de bodem van het zwembad.

Wachten op een antwoord

Haar oudste dochter, Salam, 9 jaar. Een meisje met lange zwarte vlechten, dat uitblonk in rekenen. De foto's staan op haar telefoon: Salam in Damascus, de stad waar ze in mei vandaan vluchtten. Salam vlak na aankomst in Nederland, in een speeltuin in Rhenen met zusje Lamis (5) en broertje Jamal (7), onder de grijze lucht van een Europese zomer.

Als Jamal kattenkwaad had uitgehaald, wist hij heel goed dat hij zijn grote zus moest inschakelen. 'Zeg jij het maar tegen mama, dan wordt ze tenminste niet boos.'

Wat is er in het zwembad gebeurd? Jumana en haar man Naser (41) wachten op een antwoord. Ze zijn nieuw in Nederland, ze spreken de taal niet. Er loopt een onderzoek, dat weten ze. Jumana wijst naar buiten. 'Ik ken de straten in deze wijk niet eens echt.'

In de portiekflat in Rhenen zijn de muren net geverfd, de kasten nog maar half ingericht. 'We zijn hierheen gevlucht voor de toekomst van onze kinderen', zegt Jumana Hamada. 'We dachten dat onze kinderen in Nederland veilig zouden zijn.'

Gebombardeerd huis

Salam is geboren in de Syrische hoofdstad Damascus. Ze groeit op in de Palestijnse wijk Yarmouk. Haar vader werkt in de bouw, haar moeder ontwerpt tuinen. Als zij werkt, zijn de kinderen bij de schoonfamilie.

Maar als de oorlog uitbreekt, wordt hun huis gebombardeerd. Naser Hamada trekt naar Egypte, om daar in een naaiatelier geld te verdienen voor de overtocht naar Europa. Als hij zegt dat hij naar Nederland wil, weet Salam waar hij over praat.

'Ze had er op school over geleerd. Het land van de tulpen.'

In juni 2014, na een 'tocht des doods' over de Middellandse Zee, vraagt Naser Hamada asiel aan in het Groningse Ter Apel. Jumana blijft achter met drie jonge kinderen in Damascus. Ze trekt in bij haar ouders. 'Dat was een vermoeiende tijd.'

Maar de situatie wordt onhoudbaar: de kinderen kunnen niet eens meer veilig naar school. 'Ze moesten er naartoe langs sluipschutters.' In 2014, zegt ze, ontploft bij de school en bom en kunnen de leerlingen maar tenauwernood in veiligheid worden gebracht.

'We komen weer terug'

Naser Hamada besluit: mijn kinderen moeten veilig naar school kunnen. Hij gaat zijn gezin naar Nederland halen.

Salam, die zo verknocht is aan opa en oma in Damascus, moet maar niet weten wat gaat gebeuren, beslist Jumana. Het is mei 2015 en terwijl zij de laatste voorbereidingen treft om met de drie kinderen illegaal de grens over te steken naar Turkije, vertelt ze Salam: 'We gaan een tante in Turkije ontmoeten en dan komen we weer terug.'

Opa en oma blijven achter in Damascus. De collectie poppen die Salam zo koestert, kan ook niet mee. Als Salam zich realiseert dat ze niet naar Syrië zullen terugkeren, is ze kwaad. 'Waarom heb je het ons niet verteld?'

In Ankara, Turkije, zien de kinderen hun vader na twee jaar weer terug. Broertje Jamal rent bij het weerzien hard weg. Pas als grote zus Salam hem aan de hand neemt, durft hij de man te begroeten die hij zo lang niet heeft gezien.

Salam is niet op haar mondje gevallen. 'Ze noemde me vaak geen papa', zegt Naser Hamada. 'Ze gebruikte mijn voornaam. Naser, zei ze dan, Naser, moet je eens luisteren, ik heb je nodig.'

Politie-onderzoek

De politie onderzoekt in samenwerking met sportcentrum 't Gastland hoe Salam tijdens het schoolzwemmen kon verdrinken. 'We proberen na te gaan: wanneer is dit meisje voor het laatst gezien?' zegt een woordvoerder. 'Op dit moment is niet bekend wanneer zij precies in het water is gevallen. We willen weten wat er wel en niet is gebeurd. Was er toezicht aanwezig op het moment dat zij in het water is beland?' De kinderen uit de klas van Salam worden door de recherche ondervraagd. 'Wij proberen na te gaan wat zij hebben gezien.' Wanneer het onderzoek wordt afgerond, is niet bekend.

Goed onderwijs

In Nederland mag Salam voor het eerst weer naar school. Een medewerker van Vluchtelingenwerk schrijft de kinderen in op de christelijke Ericaschool, vlak achter hun nieuwe flat. 'Een goede school', zegt Naser. 'Wat er ook is gebeurd, ze kreeg daar goed onderwijs.'

Salam krijgt er Nederlandse les van een juf die ook Arabisch spreekt. Ze mag over van groep vier naar groep vijf. Als na een paar weken de zomervakantie begint, is ze teleurgesteld: 'Wanneer mag ik weer naar school?'

Na de vakantie krijgen haar ouders voorlichting over een typisch Nederlands fenomeen: schoolzwemmen. In Syrië wordt geen zwemles gegeven, en zeker niet aan meisjes. Maar in Nederland, zo wordt hen op het hart gedrukt, is het belangrijk dat kinderen leren zwemmen.

Naser Hamada loopt naar de kast. Hij pakt drie zwempasjes. Voor al zijn kinderen eentje. En hun roosters, voor de lessen bij zwembad 't Gastland. 'Ik heb ze natuurlijk gelijk allemaal opgegeven voor zwemles.'

Salam gaat graag naar het zwembad. Op maandag 21 september, als ze haar derde zwemles krijgt, pakt ze zelf haar rugzak in met badpak en handdoek.

De laatste keer

Om vijf over één loopt ze vanaf de flat naar school. Moeder Jumana kijkt haar na. Haar oudste dochter in het midden, Jamal aan de rechterhand, Lamis links. 'Dat is de laatste keer dat ik haar heb gezien.'

De dokter in het ziekenhuis schudt zijn hoofd. Jumana spreekt zijn taal niet, maar ze begrijpt wat hij wil zeggen, ook zonder tolk.

Haar oudste dochter, die in Syrië langs de sluipschutters naar school moest en een bombardement overleefde, is overleden tijdens het schoolzwemmen in zwembad 't Gastland in Rhenen. 'Ik heb alles gedacht, maar niet dat een van mijn kinderen zou omkomen op een school in Nederland.'

Haar man Naser neemt zijn mobiele telefoon niet op. Hij zit op de fiets vanaf Veenendaal, waar hij een cursus Nederlands volgt. Een moeilijke taal, vindt hij. 'Ik begrijp er nog niets van.'

Wat is er gebeurd? 'Dat is het enige wat we willen weten,' zegt Jumana. 'We willen de waarheid weten.'

Tien minuten

Met handen en voeten doen de school en het zwembad hun verhaal. Salam volgde zwemles in het ondiepe bad. Bij het aankleden bleek ze te zijn verdwenen. Ze is teruggevonden op de bodem van het diepe bad, waar haar klasgenootjes hadden gezwommen.

'Terwijl ze haar zochten, haar riepen in de kleedhokjes, was Salam in dat zwembad aan het doodgaan, met niemand om haar heen', zegt Jumana.

Tien minuten heeft hun dochter nog in het water gelegen, kregen ze in het ziekenhuis te horen. Jumana steekt haar vingers op. Tien minuten! 'Dit is Nederland. Dit is zo'n georganiseerd land. Waar was de wereld in die tien minuten?'

Niet huilen

Zij dept haar ogen. Even niet huilen nu, haar andere kinderen kijken mee. 'De politie, de school, het zwembad: ze zeggen dat het onderzoek nog loopt. Niemand geeft antwoord.'

Hij vraagt zich af hoe zoiets in Nederland gaat. Misschien is inmenging van hooggeplaatste personen belangrijk, net als in Syrië. 'Misschien moeten ze de koning en koningin betrekken bij het onderzoek. Die hebben immers ook kinderen.'

Zij: 'Je vertrouwt je kind toe aan het toezicht van de school.'

Hij: 'Verdrinken in het zwembad, dat kan ook andere kinderen overkomen die net in Nederland zijn.'

Hun dochter is overleden en zij staan er in Rhenen alleen voor. 'Ik ken hier bijna niemand', zegt Jumana.

De enige moskee in het stadje, pal tegenover het zwembad waar Salam omkwam, bleek bereid een gebedsdienst voor haar te organiseren. Op de begrafenis komen veel mensen - maar de meesten van hen kennen ze niet.

Salam is begraven in Veenendaal. Niet in Syrië, legt haar vader uit. 'Hier is ze dichtbij en kunnen we haar nog bezoeken.'

Alle familie is nog in Syrië. Jumana kan tegen haar eigen vader en moeder, de opa en oma van Salam bij wie ze met de kinderen in huis woonde voordat ze naar Nederland kwam, niet door de telefoon zeggen hoe ze zich voelt.

'Sprak ik maar een beetje Nederlands'

'Ik moest hen juist laten weten: met mij gaat het goed. Anders zouden zich nog veel meer zorgen maken dan ze nu al doen.' Waren ze maar hier, verzucht ze.

Zoon Jamal van 7 jaar stuitert door huis. In deze doorzonwijk in Rhenen kan hij niet zomaar buitenspelen, want zijn grote zus is er niet meer om een oogje in het zeil te houden.

Naar het zwembad durft hij niet meer.

Als Jumana niet aan haar dochter denkt, denkt ze aan het schoolplein, waar al die kinderen haar tevergeefs probeerden duidelijk te maken wat er met Salam is gebeurd. 'Sprak ik maar een beetje Nederlands, dan had ik het verstaan.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden