Verdiende straf

Zowel de openbare aanklager als Mohammed B. heeft reden tevreden te zijn met het vonnis van de Amsterdamse rechtbank. De veroordeling tot levenslang was conform de eis en de dader kan er een bevestiging in zien van Commentaar zijn geperverteerde opvattingen over de westerse samenleving....

De dood van Theo van Gogh was meer dan een moord op een individu, maar een aanslag op de democratische rechtsorde, onderstreept door de op het lichaam van Van Gogh achtergelaten dreigbrief aan het adres van het VVD-Kamerlid Hirsi Ali.

Juridisch stond de rechtbank voor de vraag of ook bewezen kon worden dat de moord een terroristische aanslag was, volgens de omschrijving zoals die vorig jaar in de wet is opgenomen. De rechtbank toont in dat opzicht weinig twijfels, al is de definitie van terrorisme voor meerdere uitleg vatbaar. De wijze waarop Van Gogh om het leven is gebracht en de bedreiging van Hirsi Ali rechtvaardigen volgens het vonnis de conclusie dat verdachte welbewust heeft beoogd de bevolking vrees aan te jagen, een van de criteria om van een terroristisch misdrijf te kunnen spreken. Dat hij zelf zegt te hebben gehandeld uit religieuze motieven, is daarmee volgens de rechtbank niet in strijd.

Een tweede reden het vonnis met belangstelling tegemoet te zien, was de strafmaat. Levenslang is in Nederland nog altijd een straf die slechts bij hoge uitzondering wordt opgelegd en dat hoort, stelt de rechtbank terecht, ook zo te blijven. Ook bij de ernstigste misdrijven moet de dader in beginsel het perspectief worden geboden op enig moment weer in de samenleving terug te keren. Mohammed B. maakte het de rechtbank in dit opzicht makkelijk door duidelijk te maken dat hij, mocht hij ooit vrij komen, weer hetzelfde zou doen. De rechter hechtte daarbij terecht veel gewicht aan het feit dat Hirsi Ali ernstig is belemmerd in haar functioneren als Kamerlid, een misdrijf dat door de wetgever als zeer ernstig wordt beschouwd omdat het functioneren van de volksvertegenwoordiging in het geding is.

Het vonnis tegen Mohammed B. levert belangrijke jurisprudentie op, maar onderstreept tegelijkertijd dat het strafrecht een gebrekkig middel is in de strijd tegen het terrorisme. Het verhinderen van een aanslag is belangrijker dan bestraffing achteraf. Hoewel ook het voorbereiden van een terroristische aanslag strafbaar is, maken de nog lopende strafzaken tegen de leden van de zogenoemde Hofstadgroep duidelijk dat een verdenking nog niet betekent dat ook het wettig en overtuigend bewijs voor het beramen van een terreurdaad kan worden geleverd. Mohammed B. had reeds toegeslagen en deed geen moeite zijn schuld te verhullen. De vraag of hij handelde als lid van een terreurgroep heeft de rechtbank niet kunnen beantwoorden.

Mohammed B. heeft zijn verdiende straf gekregen. Te hopen is dat eventuele navolgers onschadelijk kunnen worden gemaakt voor zij toeslaan. Ook als zij daarmee een veroordeling ontlopen.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden