Verdenkingen Rob Scholte maken van fotograaf alsnog beroemdheid

Als 'verdachte' bereikt hij dezer dagen roem die hij als de Nederlandse Mapplethorpe nimmer heeft vergaard. Maandagavond nog in Jan Lenferinks RUR, de dinsdagmorgen erna in het Amsterdamse gerechtsgebouw opgewacht door een pelotonnetje schrijvende en audiovisuele media....

Van onze verslaggever

Rob Gollin

AMSTERDAM

Een doorsnee-zitting bij de politierechter met als aanklacht het bezit van een gaspistool, krijgt onverwachte lading. Want hier verschijnt Paul Blanca (36), avantgarde-fotograaf en free-lance-verslaggever voor Nieuwe Revu, maar nu vooral bekend als de mogelijke dader van de aanslag op beeldend kunstenaar Rob Scholte.

Deze vermoedt dat Blanca verantwoordelijk is voor de bomaanslag in de Jordaan, waarbij de schilder op de vroege ochtend van 24 november vorig jaar beide benen verloor. Jaloezie en afgunst zouden tot een gewelddadig afscheidsakkoord hebben geleid; Blanca's vaarwel van een scene met Amsterdamse kunstenaars waarvan hij door overmatig drugsgebruik en vechtpartijen geen deel meer uitmaakt.

Scholte vertelde zijn verdenking eerst aan de politie en enkele intimi, maar de dag na zijn vertrek naar Tenerife lag de beschuldiging op straat: Het Parool publiceerde op 11 februari een vraaggesprek met hem.

De fotograaf wordt daarin nog als 'Z.' omschreven - bewijzen kan ook Scholte niets. Maar de inner en outer circle van de kunstenaarswereld wisten onmiddellijk wie hij bedoelde: Blanca.

De verdachte weet dinsdag de spanning erin te houden. Aanvankelijk komt hij niet opdagen. Hij staat terecht omdat de politie hem op 21 december vorig jaar op een metrostation betrapte met een gaspistool. Blanca was voor Nieuwe Revu bezig met een reportage over de aankoop van wapens. 'Een voorbeeld van slechte timing', vond hij achteraf ook zelf.

Nadat officier van justitie mr E. de Ruiter duizend gulden boete heeft geëist, begint rechter mr B. van Dijk met het uitspreken van het vonnis. Maar op dat moment komt de mededeling: Blanca is onderweg, met de taxi. Hij had 'autopech'. Van Dijk slikt de uitspraak in, toont begrip en schorst.

Na enige tijd stopt een taxi voor het gerechtsgebouw. Het voertuig trekt snel op als een fotograaf komt aanrennen, de inzittende, Blanca, slaat een arm voor het gelaat.

Maar even later komt hij doodgemoedereerd, in het zwart gekleed en op oude gympen, met een statief onder de arm het gebouw binnenwandelen. De zaak Vlaswinkel, zijn eigenlijke naam, wordt hervat.

De naam Scholte valt niet in de rechtszaal. Blanca is er niet rouwig om. Hij bekent na de zitting 'doodmoe' te zijn van die 'Scholte-aandacht'. Op vragen wil hij nog wel ingaan. Ja, nog steeds weet hij zich gevolgd door de politie. En ja, het is 'te grof voor woorden' dat Scholte hem aanwijst. 'Maar Rob moet kennelijk een dader hebben. Dat geeft hem rust.'

Enkele dagen eerder klinkt hij iets genuanceerder. Op de vraag of hij boos is op Scholte, antwoordt hij: 'Als Rob werkelijk niet weet wie het gedaan heeft, kan ik wel leven met zijn verdachtmakingen. Je zoekt naar een verklaring als je zoiets overkomt. Maar als Rob het wel weet, en ik dènk dat hij het weet, zal ik hem hierom voor de rest van zijn leven blijven haten.'

Ooit, in de jaren tachtig, waren ze vrienden. Ze hadden, vertelt Blanca, zelfs samen een dansje. Onder hypnotiserende beats en lichtpalet van de Mazzo of Richter, drukten ze, al ritmisch bewegend, de voorhoofden tegen elkaar. Het waren dikwijls met cocaïne bepoederde nachten. Maar er waren ook veel ruzies. Over elkaars gedrag, over elkaars relaties. Ze vielen nogal eens voor dezelfde vrouwen.

Ze behoorden tot een uit de kraak- en punkbeweging voortgekomen generatie Amsterdamse kunstenaars, die zwelgde in het genot van aandacht en verdovende middelen - op zoek naar nieuwe belevenissen, nieuwe grenzen. Living on the edge. Door wisselende successen en onderling gekift viel de groep goeddeels uit elkaar.

En dan zijn er op 24 november drie tikjes, gevolgd door een 'grijs geel licht', een 'implosie'; op de hoek van de Laurierstraat en Eerste Laurierdwarsstraat ontploft een explosief onder Scholte's auto. En enkele weken later, als Blanca zich voor verhoor bij de politie meldt, wordt duidelijk dat Scholte de fotograaf beschuldigt.

De tijd die daarop volgt, is een beproeving die Blanca naar eigen zeggen nog nooit heeft meegemaakt. Terwijl hij wel wat gewend is. Als fotograaf liet hij een Mickey Mouse-figuur in zijn rug kerven. Hij stak een levende rat in zijn mond, of een bundel krioelende palingen. Hij doorboorde zijn wang met een pijl of nagelde zijn hand op een balk. Als verslaggever begeeft hij zich in de spelonken van de samenleving. Hij beschrijft zijn eerste crack-ervaring in een plakkerige pornobioscoop in New York.

Heeft hij enig idee waarom Scholte het op hem heeft voorzien? 'Van het hele clubje van toen, leef ik het meest aan de zelfkant.' Hij zegt dat hij de politie voor de 24 uur die vooraf gingen aan de aanslag, een sluitend alibi heeft verschaft. De dagen ervoor zijn er leemtes. 'Maar wie heeft die niet, over zo'n lange periode?'

De grachtengordel giert inmiddels van de geruchten. 'Blanca zou tot zo'n aanslag in staat zijn.' 'Scholte is paranoia.' 'Heeft Rob zelf soms iets te verbergen?'

Blanca kiest, niet verrassend, voor de laatste variant. Hij meent dat Scholte een rookgordijn optrekt en beweert van 'vier bronnen in het criminele milieu' te hebben vernomen dat Scholte schulden had; gokken of cokehandel.

De politie zwijgt. Het onderzoek loopt nog. 'Alle opties zijn open.'

De officier van justitie komt dinsdag tot haar eis tegen Blanca voor het bezit van het gaspistool: 750 gulden boete. Ze is kennelijk gevoelig voor het wankele kunstenaarsbestaan. Blanca had aangegeven dat hij nogal wat financiële verplichtingen heeft. Bij een oeuvre-tentoonstelling in Frankfurt zijn werken beschadigd. Er liggen nogal wat claims.

Rechter Van Dijk vonnist conform de eis. Hij vindt het 'minder aardig' van de veroordeelde dat hij de omstanders op het metrostation heeft laten schrikken door het gaspistool te tonen. En er staat nog een vonnis van twee maanden wegens diefstal van twee sculpturen uit een Amsterdamse galerie. En hij was al een keer beboet na een handgemeen met een politie-agent.

Blanca is niettemin tevreden. 'Een sympathieke straf.' De rechter en de officier krijgen een hand. Buiten bekent hij dat hij geen autopech had. Hij was aan het werk: met heroïne tekeningen maken, en dan in de oven. 'Nogal arbeidsintensief.' Hij was domweg de tijd vergeten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.