Veeteelt kon niets beters overkomen

Wie zich rekenschap geeft van de barbaarse fokmethoden in de hedendaagse veeteelt, kan zich nauwelijks nog druk maken over de mond- en klauwzeer epidemie....

VIJFENDERTIG procent van de 770 duizend in Nederland levende mestkalveren wordt in individuele mestboxen opgemest. Enkele dagen na de geboorte wordt het kalfje in een houten of metalen kist opgesloten waarvan de afmetingen ongeveer 70 bij 170 centimeter bedragen. Het kalfje staat op een rooster, waardoor zijn urine en dunne mest makkelijk kunnen weglopen, waarmee de kosten van het onderhoud worden beperkt.

Het dier staat in een verduisterde hal. Twee maal per dag gaat het licht aan en dan krijgt het kalfje een emmer kunstmelk. Dit duurt enkele minuten, waarna het weer donker wordt. Doordat het kalfje letterlijk een zuigeling is en het leegdrinken van de emmer de zuigbehoefte niet kan bevredigen, begint het dier de eigen vacht te likken. Hierdoor slikt het veel haren in, die in de maag samenballen en irritaties veroorzaken.

De bedoeling van deze behandeling is het produceren van blank kalfsvlees, dat in Frankrijk en Italië in trek is. Ofschoon de kleur van het vlees geen effect heeft op de smaak, is de blanke kwaliteit van het hoogste belang en wordt hierdoor het voedsel vrij van ijzer gehouden. Dit brengt chronische bloedarmoede teweeg.

Ondanks de overvloedige toediening van antibiotica lijden de kalveren aan vele ziekten. Vijf procent sterft voortijdig. Zes maanden na de geboorte volgt de dood in een slachthuis. Ze wegen dan gemiddeld 230 kilo. De dieren zijn twee keer in de buitenlucht geweest: op weg naar de stal en op weg naar het slachthuis.

Er leven in Nederland ook 'meststieren'. Binnen zestien maanden wegen deze dieren rond de zeshonderd kilo, waarop hun beendergestel niet berekend is. Door hun geforceerde overgewicht lijden ze aan gewrichtspijnen, waardoor ze ongewoon veel liggen om de druk op hun gewrichten te verminderen en de pijn te verlichten. De meststieren staan in hokken van drie bij viereneenhalve meter - met z'n vijven. De vloer is van ruw beton, wat pootbeschadigingen veroorzaakt.

Dikbillen zijn runderen met een erfelijke afwijking die grote spier ontwikkeling, vergrote tong, en hart- en orgaanafwijkingen veroorzaakt. Doordat het bekken te smal is, kunnen ze niet op een natuurlijke manier bevallen, zodat een keizersnede nodig is. Fokkers en dierenartsen zijn niet te beroerd om dit jaren achtereen bij dikbilkoeien toe te passen.

Fokzeugen - de varkens die gehouden worden voor het baren van biggen - leven tussen metalen hekken die geen enkele beweging toelaten; de zeug kan staan of liggen. Door deze inperking van bewegingsmogelijkheden ontwikkelt de zeug gedragsstoornissen. Zij gaat stangbijten, schuimbekken, tandenknarsen.

Ofschoon het varken een zindelijk dier is, staat of ligt de zeug op een betonnen of metalen roostervloer in de dampen van haar eigen uitwerpselen. Enkele weken na het werpen van biggen wordt de zeug opnieuw gedekt. Na twee jaar, in de loop waarvan zij nimmer in de openlucht is geweest, is de zeug door leefomstandigheden en hoge big-productie 'versleten'.

Haar kinderen mogen de eerste vier weken van hun leven bij de moeder blijven, waarna ze worden verplaatst. Ten gevolge van ziekten of ruimtegebrek sterft 15 procent van hen binnen vijf weken. Binnen zes maanden krijgen de biggen een gewicht van honderd kilo.

Ze leven in hokken die hen één vierkante meter ruimte per dier bieden en de vloeren bestaan uit roosters van beton of kunstof. Ze kunnen geen gevolg geven aan hun natuurlijke wroetbehoefte en nieuwsgierigheid en beginnen daardoor aan elkaars oren en staarten te knagen, wat kan uitmonden in regelrecht kannibalisme. Om dit te voorkomen knipt men zonder verdoving de tanden en staarten van de dieren af.

Door de grote aantallen varkens in een beperkte ruimte komen veelvuldig besmettelijke ziekten voor, waartegen de varkens, door de stress waaronder zij voortdurend leven, nauwelijks weerstand kunnen opbouwen. Na een half jaar zien zij voor het eerst daglicht, op weg naar het slachthuis. Velen komen dood aan, bezweken onder de druk van het transport.

Melkkoeien - het internationale symbool van het groene, landelijke, lieflijke Nederland - worden in toenemende mate in de stal gehouden en brengen hun leven door op betonnen vloeren. Zij kunnen daar weliswaar vrij rondlopen, maar moeten het leven in de buitenlucht missen.

Voor de melkproductie moet een melkkoe elk jaar een kalf voortbrengen. Na drie dagen wordt haar kind bij haar weggehaald. Steeds vaker lijden melkkoeien - waarvan de gemiddelde melkproductie maar liefst 7700 liter per jaar bedraagt, dat is meer dan 21 liter per dag - aan uierontsteking, slepende melkziekte, verminderde vruchtbaarheid. De hoge melkproductie vergt veel van de moderne koe; zij is vaak na vijf jaar versleten en verdwijnt naar de worstfabriek.

De 230 Ierse kalveren die MKZ naar ons land hebben gebracht, waren bedoeld voor de mest. Het leven dat zij zouden hebben geleid als kist- of groepskalf, een door mensen bedacht en geleid lot waarvoor mensen de verantwoordelijkheid dragen, is een beschaafde samenleving onwaardig. Dankzij MKZ moest de boerderij waar zij leefden geruimd worden. Hierdoor is hun lijden beperkt gebleven.

Ik beschuldig de Nederlandse samenleving van het dulden van barbaarse dierenmishandeling op industriële schaal.

Ik beschuldig de veeteeltindustrie van het instandhouden van barbaarse fokpraktijken.

Ik beschuldig ons allen, mezelf incluis, van wegkijken bij de oorsprong van de vleesproducten in supermarkten en slagerijen.

Ik beschuldig onze veeboeren van hypocrisie.

Ik beschuldig ons allen van hypocrisie.

Ik verwelkom de kaalslag die MKZ in de bioindustrie veroorzaakt - er had de Nederlandse veeteelt niets beters kunnen overkomen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden