Veen leidt zwalkende formatie naar succes

Een illustere hockeygeneratie dreigde bij het naderende vertrek haar waardigheid te verliezen, maar nam zaterdag met de tweede olympische titel op rij in stijl afscheid....

Uit zijn broekzak haalde hij de bal waarmee hij Nederland in de finale tegen Zuid-Korea eigenhandig naar de overwinning had geschoten. 'Dit is 'm nou', zei hij, vol ongeloof. De anders zo nuchtere Veen had 'twee steken in zijn buik' gevoeld toen hij de beslissende strafbal moest nemen, maar hield zijn zenuwen in bedwang en maakte een passend einde aan zijn imponerende carrière.

'Wat moet ik hier in hemelsnaam op zeggen?', zei hij toen de koele cijfers - het tweede olympische goud, vier doelpunten in de finale - tot hem doordrongen. 'Ik heb nog nooit zo'n krankzinnig toernooi meegemaakt. Een paar dagen geleden waren we in tranen, omdat we uitgeschakeld waren. En nu zijn we kampioen.'

De rol die Veen op zijn afscheidsfeestje had gespeeld werd zeker niet alleen in doelpunten uitgedrukt. Roelant Oltmans, de voorganger van bondscoach Maurits Hendriks, had een vooruitziende blik gehad toen hij na het goud van Atlanta vice-aanvoerder Jacques Brinkman passeerde en de jongere en minder ervaren Veen als aanvoerder voor de ploeg zette. Brinkman en doelman Jansen konden het bij hun afscheid opnieuw niet nalaten spelers en coach te bekritiseren, maar Veen sloot de gelederen.

'Ik heb me verschrikkelijk gestoord aan de kritiek. We hadden dat binnenskamers moeten oplossen. Maar dit team bestaat uit zestien bv'tjes, die het allemaal zelf het beste denken te weten. Gelukkig kwamen we er net op tijd achter dat dat niet zo is. We moesten van heel ver komen, maar we zijn als team overeind blijven staan.'

Het overschot aan ervaring werd Nederlands grootste tegenstander. Twee keer hadden de hockeyers een plaats in de halve finales binnen handbereik, maar door concentratiegebrek, gemakzucht en onderlinge irritaties kwam de ploeg net zo vaak met lege handen te staan. Pas toen Nederland definitief uitgeschakeld leek, drong het besef bij de spelers door dat het wel erg slordig was omgesprongen met de kans op een legendarische overwinning.

In plaats van een glorieus afscheid dreigden de scheidende internationals, Jansen, Brinkman, Veen en Van Pelt, hun waardigheid te verliezen nu ze gedoemd waren te spelen voor de plaatsen vijf tot en met acht. Altijd hadden ze voor medailles gestreden en de klap kwam daarom hard aan.

Door de onverwachte overwinning van Groot-Brittannië op Duitsland werd de ploeg weer in het zadel geholpen, maar het natuurlijk overwicht waarmee de ouderen in het verleden orde op zaken stelden was definitief verdwenen. Jansen werd slechts uitgelachen toen hij de jongeren een 'IT-mentaliteit' verweet. Zijn kritiek, om de boel weer op scherp te zetten, had een tegengesteld effect. 'Dit toernooi is net een stationnetje te ver', gaf hij toe.

De samenhang in het team had hersteld kunnen worden met een meer ervaren en alom gerespecteerde coach. Maar Hendriks ontbeerde de communicatieve vaardigheid om van die bv'tjes een team te smeden. Hendriks zag zich genoodzaakt van zijn eigen lijn af te wijken en tussen alle individuen door te laveren. Dat leverde hem de hoon van enkele spelers op.

'De afgelopen vier dagen zijn onbeschrijfelijk zwaar geweest', zei Hendriks dan ook. 'Er is met het begeleidingsteam en de spelers enorm veel werk verzet om het schip drijvende te houden.'

Dat Nederland er desondanks in slaagde het goud te veroveren was grotendeels te danken aan de individuele kwaliteiten. Maar hoe wankel dat evenwicht was, bleek zaterdag opnieuw uit de moeizame wijze waarop tegen Zuid-Korea de overwinning werd binnengesleept. Vijf minuten voor het einde van de wedstrijd zette Veen de ploeg op een 3-1 voorsprong. Waar Nederland de wedstrijd vervolgens slechts diende uit te spelen, gaf het de voorsprong middels twee strafcorners weer knullig uit handen.

Voor de tweede keer liet Nederland het op strafballen aankomen, waarin opnieuw niemand verzaakte. Zelf had Veen zijn naam deze keer als laatste op het lijstje gezet. 'Toen ik eenmaal bij de stip stond voelde ik dat het niet meer mis kon gaan.'

In de emotionele ontlading die volgde op het bevrijdende schot was de harde kritiek op de aanpak van de bondscoach plotseling verstomd. Op de naakte feiten - in anderhalf jaar tijd goud bij de Champions Trophy en goud bij de Olympische Spelen - was volgens de hockeyers ineens niets meer af te dingen, hoe moeizaam die winst ook tot stand was gekomen. Veen: 'Een bondscoach wordt nu eenmaal afgerekend op resulaten. En dat heeft hij goed gedaan.'

Hendriks, die nog een contract heeft tot 2002, stond zelf overigens niet te springen bij de gedachte aan de komende jaren. Daarvoor waren de afgelopen dagen te zwaar geweest. 'Ik heb nooit gedacht dat het makkelijk zou worden. Maar ik heb me anderhalf jaar geleden iets voorgenomen en dat hebben we bereikt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden