Veel rashonden zijn zo doorgefokt dat ze constant lijden - waar vind je er een die wél gezond is?

Een te kleine schedel met altijd hoofdpijn tot gevolg, een stompe snoet en dus ademhalings-problemen. Veel rashonden zijn zo doorgefokt dat ze constant lijden. Op zoek dus naar een gezonde rashond - maar waar vind je die?

Flo (8) is een mopshond ofwel pug. Diony van den Berg, haar eigenaar, maakt voor mopshonden deze halsbanden op maat. Een gewone halsband verergert de ademhalingsproblemen van het beestje. Foto Jeroen Hofman

'We hebben hier zeven honden rondlopen. Merk jij het?' De aanwezigheid van de kleine roedel waterhonden in het huis van Alex (70) en Greet Los (77) valt inderdaad nauwelijks op. Alleen als de bel gaat, springen de beesten - groot van postuur, weelderig krulhaar - op om te blaffen. De rest van de tijd brengen ze liggend door op de tegelvloer in de keuken of op een van de banken in het huis in Driebergen-Rijsenburg. De woning van het echtpaar Los - zij is fokker, hij voorzitter van de rasvereniging - is zelfs nog veel meer viervoeters rijk. In de woonkamer, achter een hekje op kniehoogte, liggen acht puppies te slapen. Deze Franse waterhonden ofwel barbets, zijn 4 weken oud, kleiner dan een onderarm en van een onweerstaanbare schattigheid. 'Het is een prachtig ras', vertelt Alex. 'Van de waterhonden is de barbet het meest open naar mensen en andere honden toe.'

De honden ogen fit, bewegen en springen met gemak en hebben een zachte vacht, de lange haren als een dweil voor de ogen. Het ras is redelijk gezond, het echtpaar Los laat zich voorstaan op een strikt fokbeleid. Maar, vertelt Alex: 'Bij de barbet komt wel epilepsie voor, dat is erfelijk.'

Erfelijke aandoeningen

Eén kwaal valt nog alleszins mee.

Veel rashonden in Nederland worden namelijk geplaagd door veel meer erfelijke aandoeningen. Van aantasting van het ruggemerg, de heupgewrichten en de ellebogen tot aan huidziekten en oogaandoeningen. Hoe meer een fokker gebrand is op een 'raszuivere' hond, die alle uiterlijke kenmerken van een soort heeft, des te kleiner op den duur de genenpoel ('familie') wordt waaruit kan worden geput; daarmee stijgt de kans op aangeboren afwijkingen. Wie een rashond wil met minimale erfelijke gebreken, moet hard zoeken.

Dus waar precies vindt je zo'n hond, laten we zeggen, een scharrelhond? 'Dat is lastig', zegt Kelly Kessen, dierenarts en werkzaam voor stichting Dier & Recht, de dierenrechtenorganisatie die onvermoeibaar lijkt in de strijd tegen het doorgeschoten fokbeleid in Nederland. Voor wie een rashond wil kopen, heeft Kessen een even simpel als opmerkelijk advies: 'Vraag je af of het dier dat je koopt líjkt op een hond.' Wie één blik werpt op een mops, Franse bulldog of chihuahua, begrijpt onmiddellijk wat de dierenarts en -activist bedoelt. Deze hondenrassen konden niet verder verwijderd zijn van hun voorouder, de wolf. 'Als de hond die je wil kopen uiterlijk niet op een wolf lijkt, kun je je al afvragen of het dier wel gezond is. Kies in ieder geval een hond met een snuit, een staart, zonder huidplooien en met een normaal postuur. Dus niet veel te klein of te groot.'

Om potentiële hondenkopers te informeren, introduceerde Dier & Recht de Rashondenwijzer, een inventarisatie van hondenrassen en hun gezondheidsproblemen. De populaire mopshond, bijvoorbeeld, geldt als een zogeheten 'ramphond'. Een aantal veelvoorkomende erfelijke aandoeningen bij dit mediagenieke, doch mismaakte ras: de stompe vorm van de schedel, te klein in breedte, heeft ademhalingsproblemen tot gevolg. Een te kleine snuit, met zeer nauwe neusgaten, verergert dit. Uit de abnormale ademhaling volgen een verminderd uithoudingsvermogen, slaapproblemen en vatbaarheid voor braken en flauwvallen. Blijft u er nog even bij? Een gebrek aan traanvocht veroorzaakt oogontstekingen. En omdat de oogleden naar binnen krullen, schuren de wimperharen het hoornvlies, dat op den duur beschadigd raakt. De huidplooien van het dier veroorzaken - afgezien van heftige jeuk - ontstekingen, vooral in lippen, kop en staart. Tot slot ontstaat in ieder geval één medisch probleem nog voor de geboorte: de schedelvorm maakt een natuurlijke bevalling van de mops onmogelijk. Een keizersnede is voor dit ras dan ook de norm.

De mops maakt deel uit van een bont gezelschap lijdende honden. Ook de Franse bulldog ontbeert een normale snuit en moet al snel naar adem happen. Evenals de Engelse bulldog, die worstelt om zich voort te bewegen. De piepkleine chihuahua heeft een kop waar de hersenen niet in passen, met constante hoofdpijn tot gevolg. Hetzelfde geldt voor de cavalier King Charles spaniel (u weet wel, die van Pim Fortuyn).

Maar inteelt en erfelijke aandoeningen komen enkel voor bij hondjes die in een tas passen, toch? Mis. Ook grotere honden die op het oog normaal lijken, worden gefokt op uiterlijke kenmerken en krijgen dus te maken met inteelt en dus met gezondheidskwalen. De Duitse herder en de labrador, twee van Neerlands' favoriete viervoeters, worden op den duur gekweld door hun heupgewrichten die niet goed op elkaar aansluiten. Heel grote honden als de Berner sennenhond (te herkennen aan zijn zwarte vacht met bruine en witte vlekken) en de Deense dog (die van de records voor grootste hond op aarde) worden bewust zo groot mogelijk gefokt. De enorme groeisnelheid van de pups komt met een reeks gezondheidsproblemen, waaronder pijnlijke gewrichtsaandoeningen. De leeftijd van 6 jaar passeren deze twee honden zelden, waarbij de Berner sennenhond vaak op jonge leeftijd door kanker wordt geveld.

Scharrelhond

Wie een vroegtijdig afscheid van zijn viervoeter wil voorkomen met de aanschaf van een een scharrelhond, zou eens aan de wetterhoun kunnen denken. Eigenlijk is de wetterhoun precies zo'n rashond met een mate van inteelt en de erfelijke aandoeningen die daarbij komen kijken. De populatie van dit Friese ras is klein, zo'n negenhonderd honden in Nederland. Dat maakt de honden kwetsbaar voor erfelijke ziekten. Maar: daar wordt aan gewerkt. De rasvereniging van de wetterhounen heeft besloten het beest uit te kruisen met zogeheten outcross. In een outcrossfokbeleid wordt een hond van het ene ras gekruist met één of meerdere honden van een ander erkend ras om de inteelt terug te brengen. De honden die uit de kruising volgen, hebben 50 procent 'vreemd bloed' en dus aanzienlijk minder kans op erfelijke aandoeningen.

'We hebben een periode gehad waarin veel pups doodgingen, zowel voor als kort na de geboorte', vertelt Dick Greve, oud-voorzitter van de fok-adviescommissie bij de Nederlandse Vereniging voor de Stabij- en Wetterhoun. De fokadviescommissie van een rasvereniging is er om te adviseren welke teef het best gedekt kan worden door welke reu, zodat de gezondheid van het ras wordt gewaarborgd. 'Het werd steeds moeilijker combinaties te maken zonder hoge inteelt, waar geen gezondheidsproblemen van kwamen', legt Greve uit. 'Kort nadat ze waren ingetrokken bij hun nieuwe baasjes, gingen de pups dood aan de gevolgen van een auto-immuunziekte. Gillend van de pijn', zegt Greve, woonachtig in het Gelderse Hattem. Door genetisch te testen werd de ziekte voorkomen bij nieuwe pups, maar het probleem van de hoge inteelt bleef. Dus kwamen er meerdere outcrossnestjes, met pups uit een kruising tussen de wetterhoun en achtereenvolgens de labrador, grote poedel en de airedale terriër. Het zijn de pups uit deze nestjes die misschien nog het dichtst in de buurt komen van een scharrelhond. Het is een echte rashond (of eigenlijk twee in één) en bovendien het resultaat van een poging het ras gezonder te maken. In de volgende generaties worden de wetterhounen weer ingekruist, zodat de raszuiverheid terugkeert.

Diede (3) uit Haaksbergen is een bewuste kruising tussen een wetterhoun en een labrador. Foto jeroen hofman

Outcross

De outcross is dus dé oplossing voor de hoge inteelt en erfelijkheidsziekten onder rashonden in Nederland, zou je denken. Maar het uitkruisen van een bestaand ras geldt nog altijd als zeer controversieel. 'Van de ene fokker kreeg ik een steen door de ruit en van de ander een kopje koffie om erover te praten', omschrijft Greve 'bij wijze van spreken' de reactie van de fokkers op het voorstel de wetterhoun te kruisen met de vreemde rassen. 'Dieren zijn emotie', voegt Elly van der Helm, Greves opvolger als voorzitter van de fokadviescommissie, eraan toe. 'Je kunt een mooi plan hebben, maar dan krijg je met fokkers te maken en wordt de dynamiek totaal anders.'

Het is een eufemistische manier om te zeggen dat veel fokkers niets willen weten van verandering. Greve: 'Ze denken: blijf met je poten van mijn honden af. Ik heb hier een mooie hond, met een mooie vacht en een mooie krul. Straks ga ik die kruisen met een Duitse herder, bijvoorbeeld, en dan blijft er niks van mijn ras over.' Maar het bestuur van de vereniging hield vol en de leden stemden in meerderheid voor het plan de wetterhoun te kruisen.

Ook de Raad van Beheer, de koepelorganisatie voor de rashonden, liet zich overtuigen en gaf toestemming voor de outcross (de organisatie stelt overigens dat juist zij het initiatief nam tot de outcross).

De Raad van Beheer wordt door dierenbelangengroepen verweten dat de raszuiverheid van de honden en niet hun gezondheid prioriteit is. Volgens onderzoek in opdracht van de organisatie zelf was in 2014 naar schatting 40 procent van de rashonden in Nederland ziek. Uit een presentatie voor een groep fokkers in 2015 blijkt dat de organisatie zich bewust is van het groeiend maatschappelijk bewustzijn over de slechte toestand waarin rashonden verkeren. Dat mensen steeds vaker met opgetrokken wenkbrauwen kijken naar het hijgende mopshondje op straat, is niet onopgemerkt gebleven. Maatschappelijke verontwaardiging over het leed van de rashonden werd een 'groot risico' genoemd en een mogelijk 'fatale klap' voor de sector. De Raad van Beheer zegt daarom dat zij zich met succes, heeft ingespannen voor de verbetering van de gezondheid onder de rashonden.

Strikt fokbeleid

Als we de Raad van Beheer mogen geloven, hebben de meeste fokkers even goede bedoelingen als Alex en Greet uit Driebergen. Alex Los hoopt binnenkort met zijn waterhondenclub groen licht te krijgen van de Raad van Beheer voor de outcross. Niet voor de barbets, die grotendeels gezond zijn, maar voor de Italiaanse waterhond, de zogeheten lagotto. Fokker Greet, zijn echtgenote, legt uit waarom dat nodig is: 'Het is een leuke hond, maar het ras is heel populair aan het worden en dan gaat het de verkeerde kant op.' Het roept de vraag op welke instantie ingrijpt in zo'n situatie. 'Ja, dat is een goeie', antwoordt Greet licht-cynisch, alsof ze inmiddels beter weet. 'Dat zou de Raad moeten doen, hè.'

De reden dat hun barbets veel erfelijke ziekten bespaard zijn gebleven, is omdat de waterhondenvereniging van Los zweert bij een strikt fokbeleid. 'Alle fokkers bij onze vereniging zijn verplicht om MyDogDNA te raadplegen', vertelt voorzitter Los, verwijzend naar het Finse bedrijf dat met een databank inzicht geeft in de genetica van rashonden. 'Zo kun je precies zien in hoeverre de honden waarmee je fokt aan elkaar verwant zijn.' Als de hondjes 9 weken oud zijn en verhuizen naar hun nieuwe eigenaren, wordt een monster afgenomen en opgestuurd naar het lab in Helsinki. Los: 'Dna, in tegenstelling tot een stamboom, liegt niet.' Naast de dna-testen wordt de vereniging in het fokbeleid bijgestaan door een geneticus en twee dierenartsen. En er zijn meer voorwaarden. Zo mag een reu in zijn leven maar vier dekkingen verrichten.

Halbe, roepnaam Joes (3) uit Emmen is een kruising tussen een wetterhoun en een grote poedel. De kruising is een poging het wetterhoun-ras gezonder te maken. Foto Jeroen Hofman

Regelementen

Lang niet alle fokkers hanteren zulke strenge regels. Het fokreglement van de Raad van Beheer stelt geen beperkingen aan het aantal dekkingen door een en dezelfde reu. Dat is aan rasverenigingen zelf om te bepalen. Zonder al te strikte wet- en regelgeving voelen veel fokkers zich niet gedwongen zichzelf beperkingen op te leggen bij het fokken. Dierenarts Kessen: 'Er zijn rashondenverenigingen die het wel goed doen, die de fokreglementen aanpassen om de gezondheid van de honden te verbeteren. Maar veel fokkers willen dat niet. Ze zeggen dan gewoon hun lidmaatschap op en richten een nieuwe vereniging op.' De wetterhounvereniging van Dick Greve en Elly van der Helm maakte het mee. Toen bleek dat de outcross doorging, stapten meerdere fokkers uit de vereniging om een nieuwe club te beginnen. Toch acht Greve zijn gelijk bewezen: 'De mooiste dag vorig jaar kwam toen een van die fokkers, de grootste tegenstander van allemaal, bij ons een pup van het outcrossnest kocht.'

Volgens Hans Baaij, oprichter en directeur van Dier & Recht, moet verandering van bovenaf, door de overheid, worden opgelegd. In 2014 leek dat te gebeuren. Er werd een verbod geïntroduceerd op het fokken met mismaakte dieren. 'Toen die wet er kwam dachten wij: nou, dat is dan geregeld. Maar er veranderde niets.' De wet wordt niet nageleefd, aldus Baaij, een horecaondernemer en fiscaal jurist die dierenrechtenactivist werd. 'De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (verantwoordelijk voor de handhaving, red.) zegt: wij hebben geen normen. Ze hebben geen idee wat voor een hond een 'normale' snuit is, bijvoorbeeld. Of hoe groot de schedel moet zijn en wat de hond zou moeten wegen.'

Huiswerk

Rest de vraag wat de consument met een hondenwens kan of wíl doen om iets te veranderen. Of al die baasjes die zorgeloos met een mops of een Franse bulldog over straat lopen. Zien ze niet hoe zwaar hun viervoeter het te verduren heeft? Of willen ze het niet zien? Dierenarts Kessen: 'Ik denk niet dat iemand bewust een rashond koopt die lijdt. Maar als je ze vertelt dat hun hond hoofdpijn heeft, bijvoorbeeld, zijn veel mensen geneigd dat te ontkennen.' Wat vaststaat, is dat de consument voorlopig zelf zijn huiswerk moet doen. En misschien komt de hondenkoper wel uit bij de kruising met de wetterhoun. Of bij de barbet van het echtpaar Los.

Alex en Greet hebben hun allerlaatste nestje gefokt. Het is mooi geweest; het kost veel tijd en moeite om het goed te doen. Dat zij alles op alles zetten om de gezondheid van hun honden te waarborgen, vindt Los vanzelfsprekend: 'Het lijkt mij logisch dat als je gek bent op een bepaalde hond dat je het ras gezonder wilt maken en in stand wilt houden. Maar daar wordt bij veel rasverenigingen anders over gedacht.' Los wendt zijn blik af naar het hekje met de duttende puppies erachter en is even stil. 'Je moet er toch niet aan denken dat zo'n prachtig ras als de barbet er niet meer zou zijn?'