Veel liefs uit Warschau

Nu te boek: het leven van de mooie Christine Granville, 'The Beautiful Spy', de muze van schrijver Ian Fleming. Een vrouw zonder angst, behalve om te fietsen.

Het kwik schommelt rond min 15 wanneer Christine Granville door het Tatragebergte naar bezet Polen skiet, haar vaderland. Achter haar haarspeld zit een kompas en in de naad van de broek heeft ze voor haar vertrek vanuit Slowakije een cyanidepil genaaid. Volgens de overlevering zat er een vergrootglaasje in één van haar sigaretten. Op de terugweg zou ze microfilms met informatie over de bezettingsmacht in haar skihandschoenen verborgen houden. Voor de Duitse Luftwaffe ziet de geheim agente eruit als een mier op een tafellaken, maar ze weten haar niet te raken.


Dit avontuur aan het begin van de Tweede Wereldoorlog staat beschreven in de pas verschenen biografie The Spy Who Loved: The Secrets And Lives Of Christine Granville. Dat de titel van Clare Mulley's boek refereert aan de bijna gelijknamige Bond-film, berust niet op toeval. Immers, door haar moed én schoonheid had deze Pools-Britse aristocrate niet alleen een overweldigende indruk gemaakt op vijandelijke officieren, collega-spionnen en Winston Churchill, maar ook op Ian Fleming.


De voormalige inlichtingenofficier van de Britse marine had Granville leren kennen in het naoorlogse Londen. Er bestaan zelfs geruchten dat de twee een affaire hadden. Wat zeker is, is dat de Fleming grote waardering koesterde voor de 'beeldschone brunette' met een 'fabelachtige carrière in de spionage'. Haar verhalen inspireerden hem bij de creatie van zijn eerste Bondmeisje, Vesper Lynd, de mysterieuze geheim agente uit Casino Royale. Dat Lynd een relatie had met een Poolse Royal Air Force-piloot is een knipoog van Fleming aan zijn muze.


Christine Granville (1908) heette eigenlijk Krystyna Skarbek. Deze joods-katholieke bankiersdochter uit aristocratisch milieu beleefde een onbekommerde jeugd, waarin ze paard reed, skiede en haar talen leerde, Frans voorop, de spreektaal van de adel. Mannen raakten betoverd door haar dietrichiaanse voorkomen. Na een mislukt huwelijk trouwde ze met de oudere diplomaat Jerzy Gizycki. Haar vaardigheden, karakter en contacten zouden tot volle wasdom komen tijdens de oorlog.


Ze was in Kaapstad toen Polen onder de voet werd gelopen door de buren en nam meteen de boot naar Engeland. Daar meldde ze zich bij de Special Operations Executive (SOE). Leden van 'Churchill's privéleger' zouden in de bezette gebieden het verzet steunen, sabotageacties uitvoeren en, later in de oorlog, de weg effenen voor de bevrijders. Terwijl haar eega zich nuttig probeerde te maken in Parijs, trok Christine als eerste vrouwelijke geheim agente naar het oosten.


In het nog vrije Boedapest mengde Christine zich tussen de vluchtelingen, journalisten en verzetsstrijders. Ze kreeg affaires met twee oorlogshelden, graaf Wladimir Ledochowski en Andzrej Kiworski, een legerofficier die naam zou maken als de eerste éénbenige oorlogsparachutist. Zodra de mogelijkheid zich voordeed, trok ze door de bergen naar Polen, om het verzet te helpen en informatie te verzamelen. Tevens probeerde ze haar moeder over te halen om te vluchten. Ze weigerde en zou sterven in een vernietigingskamp.


Ze pendelde enkele keren heen en weer, met verschillende kompanen. Eén keer werden Christine en Wladimir, op weg naar Polen, opgepakt door de pro-Duitse Slowaakse politie. De twee wisten de benen te nemen nadat Christine voor een schermutseling had gezorgd door een dure halsketting tevoorschijn te toveren. Enkele maanden later werd ze met haar andere geliefde gearresteerd, ditmaal door de Hongaarse politie. Ze kwamen vrij na tussenkomst van de Britse consul, die een oogje had op Christine (zijn dochter werd verliefd op Andzrej).


Kort na de vrijlating smokkelde de diplomaat Christine het land uit in de achterbak van zijn diplomatieke wagen, waarna ze samen met Andzrej via Belgrado, Sofia, Istanbul en Palestina naar Caïro reed. Daar zou 'the Beautiful Spy' enkele jaren blijven, ongeduldig wachtend op een nieuwe missie. Groot was haar blijdschap toen haar nieuwe baas Colin Gubbins, de inspiratie voor 'M' uit de Bond-films, besloot haar begin juli 1944 te droppen in het zuidoosten van Frankrijk.


Daar vormde ze een schakel tussen Francis Cammaerts, één van de beste SOE-agenten, en het Franse verzet. Op 14 juli 1944, een week na haar landing, was ze getuige van de slachting van Vercors, één van de wreedste oorlogsmisdaden van de nazi's. Zelf wist Christine telkens weer te ontkomen aan de Gestapo en de nazi's. Eén keer wist ze het vege lijf te redden door twee granaten uit haar tas te halen, waarmee ze iedereen dreigde op te blazen.


Het enige wat haar een zekere angst inboezemende was fietsen. Uitgerekend dit vervoermiddel gebruikte ze bij haar grootste coup. Nadat haar Francis en twee van zijn collega's waren gearresteerd bij een routinecontrole, fietste ze naar het Gestapobureau. Daar maakte ze zich doodleuk bekend als geheim agente en blufte ze, al haar charme aanwendend, dat de bevrijdingstroepen al waren geland. Ze beloofde de Belgische Gestapo-officier die verantwoordelijk was voor het lot van de drie gevangenen een vrijgeleide als hij hen van het schavot zou redden. Met succes.


Granville's voornaamste drijfveren waren een hang naar avontuur en een liefde voor vrijheid. Echter, toen dat laatste eenmaal bereikt was, belandde ze in een zwart gat. Het vinden van passende arbeid voor deze avontuurlijke einzelgänger bleek onbegonnen werk. In een poging haar aan een betrekking te helpen, bracht een journalist die ze nog kende uit haar Boedapester dagen haar in contact met Fleming. De geestelijk vader van 007 kon haar niet helpen, maar wist haar wel te vereeuwigen. Granville heeft echter niet de kans gekregen die eerste Bond-roman tot zich te nemen.


Op 15 juni 1952 werd ze in een luizig Londens hotel doodgestoken door een stalker.


The Spy Who Loved: The Secrets And Lives Of Christine Granville, Britain's First Female Special Agent of World War II - Clare Mulley. MacMillan, 2012.


23.35 euro.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden