interview bauke koekkoek

‘Veel kwetsbare mensen hebben moeite met het leven, de zorg kan dat niet oplossen’

Bauke Koekkoek Beeld Marcel van den Bergh/ de Volkskrant

Het probleem met de zogenoemde ‘verwarde personen’ los je niet op met extra geld en zorg, zegt de expert op dit gebied. In zijn nieuwe boek waarschuwt Bauke Koekkoek voor te hoge verwachtingen. ‘Maar de zorg voor kwetsbare mensen kan wel beter.’

Een terugkerende mededeling van de politie: het aantal meldingen van incidenten met ‘verwarde personen’ is verder toegenomen. In de eerste helft van dit jaar waren het er 47.832, 8 procent meer dan in die periode vorig jaar. In 2018 kwamen 90 duizend meldingen binnen, eenderde meer dan vijf jaar geleden. Die toename zou de werkdruk van de politie verhogen, terwijl het volgens haar een taak is voor de zorg. 

Verwarde personen zijn steeds vaker het onderwerp van discussie. De term is in opmars sinds er in 2011 een speciale melding ‘verwarde mensen’ werd geïntroduceerd in het politiesysteem.

Bauke Koekkoek, lector onbegrepen gedrag en samenleving aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen en de Politieacademie, mengde zich drie jaar geleden in het debat met zijn voorstel de benaming ‘verwarde personen’ te schrappen. De term was in zijn visie te veel een vergaarbak geworden voor allerlei vormen van afwijkend gedrag.  In zijn nieuwe boek De kwestie verwarde personen gaat Koekkoek dieper in op de discussie.

‘Verward gedrag is geen nuttige term’, houdt hij vol. ‘Niet alleen de mensen die gevaarlijk zijn vallen onder die noemer, maar ook mensen die hopeloos, boos of ontregeld zijn. Alsof het een nieuwe menssoort betreft.’

In uw boek verwijst u naar een recente analyse van duizend meldingen van verward gedrag bij de politie Flevoland – de eerste diepgaande studie hiernaar. Wat komt daaruit?

‘Het is een bonte waaier van meldingen van onder meer psychotisch gedrag, het dreigen met zelfmoord, dementerend gedrag, geluidsoverlast, agressief gedrag, bedelen en overmatig alcohol- of drugsgebruik. Het merendeel van die meldingen gaat over mensen die de afgelopen drie jaar een vorm van psychische zorg hebben gehad. Degenen die dergelijke overlast veroorzaken kampen vaak ook met andere problemen: geldgebrek, verslaving of een verstandelijke beperking.’

Zou meer en betere zorg kunnen bijdragen aan een oplossing?

‘Zo simpel is het niet. Deze mensen kampen ook met moeilijkheden op het gebied van wonen, werken en leven. Het is een illusie dat alleen de zorg dat kan oplossen.

‘Er wordt nu drie keer zoveel uitgegeven aan de geestelijke gezondheidszorg als in de jaren zeventig, de bevolkingsgroei en de inflatie meegerekend. Het heeft de ellende nauwelijks verminderd. Van grote bezuinigingen op de ggz is geen sprake. Wel maken steeds meer mensen er aanspraak op. Er gaapt een kloof tussen wat de samenleving verwacht en wat deze zorg kan bieden.

‘Na een melding verwacht men vaak dat een professional het overneemt. Ik maak dit zelf mee, als ik bij de ggz-crisisdienst in Arnhem werk, een dag per week. Dan hoor je: jullie moeten het oplossen, daar zijn jullie voor en daar betaal ik mijn zorgpremie voor.’

Er wordt wel beweerd dat er meer meldingen van verward gedrag zijn omdat het aantal opname- en woonplekken de afgelopen tien jaar met eenderde is verminderd.

‘Meer mensen krijgen nu inderdaad ggz-hulp aan huis. Maar het is niet zo dat de mensen die nu verward worden genoemd voorheen opgeborgen zaten in psychiatrische ziekenhuizen in de bossen. Die groep is heel divers.’

Wat vindt u van die ggz-hulp aan huis?

‘Ambulante hulp betekent in de praktijk dat gemiddeld één keer per week een psychiatrisch verpleegkundige langskomt bij een thuiswonende psychiatrisch patiënt voor een gesprek en om te kijken of iemand zijn medicijnen inneemt. Daarmee hebben die mensen nog geen invulling van hun leven.’

Wat zou er dan moeten gebeuren?

‘We komen er niet met meer geld en meer meldpunten. Meer winst is te behalen als we opnieuw gaan nadenken over wat professionals, burgers en overheid van elkaar mogen verwachten. Meer potentieel kwetsbare mensen – ook zónder psychische stoornis – vallen buiten de boot omdat de samenleving ingewikkelder is geworden.

‘Er zit aardig wat druk op de ketel op het leven in Nederland. De arbeidsmarkt is flexibeler geworden, het inkomen onzekerder. Er is een tekort aan betaalbare woonruimte. Veel mensen kampen met schulden. Er zijn meer alleenstaanden – eenzaamheid is een risicofactor. Dat zijn maatschappelijke veranderingen die we niet met zorg oplossen.

‘Veel kwetsbare mensen hebben moeite met het leven. Ze hebben ellendige dingen meegemaakt, zijn eenzaam, geïsoleerd en doen niet mee. Maar als je op de man af vraagt wat ze zouden willen met hun leven, is vaak het antwoord: huisje, boompje, beestje. Je zou hen meer helpen met leefbare woningen, aangepaste werkplekken en met netwerken van gelijkgestemden. Het gaat dan dus niet om meer zorg en hulp, maar het verstevigen van hun sociale basis zodat ze een zo gewoon en onafhankelijk mogelijk leven kunnen leiden.’

Maar dat is toch niet voor alle kwetsbaren de oplossing?

‘Voor kwetsbare mensen die even aan het einde van hun Latijn zijn, zouden moderne time-outvoorzieningen lucht kunnen geven. In sommige regio’s zijn die er al: hotelachtige voorzieningen waar mensen tot rust kunnen komen. Dat kan soms een echte crisis en een opname op een gesloten afdeling voorkomen.’

Sinds de decentralisatie van de zorg in 2015 zijn de gemeenten verantwoordelijk voor de begeleiding van kwetsbare inwoners. Hoe gaat dat?

‘Dat komt niet altijd goed van de grond, zeker nu de gemeenten kampen met groeiende financiële tekorten. Lastig is bovendien dat de verschillende partijen die met deze groep te maken hebben – politie, GGD, ggz, gemeenten en hulpinstanties – onvoldoende gegevens met elkaar delen. Dat komt door de privacyregelgeving maar ook door de onmacht om daarvoor een goed systeem op te zetten. Het is toch te gek voor woorden dat Google en Facebook alles van ons weten, maar dat het niet mogelijk is om gezamenlijk beveiligde dossiers te beheren?’

Verward gedrag 

In zijn nieuwe boek beschrijft Koekkoek hoe verschillend meldingen van ‘verward gedrag’ kunnen zijn – en dat ze allemaal om een andere aanpak vragen.

Situatie 1: De ex van een vrouw meldt bij de politie dat hij zich zorgen maakt over haar gedrag. Als agenten bij haar langsgaan, is ze verbaasd. Ze ziet het soms niet meer zitten, vertelt ze de politiemensen, omdat ze zich schaamt tegenover haar familie over de scheiding. Ze vindt haar kinderen lastig en bovendien heeft ze een huurschuld. De politie raadt de vrouw aan contact op te nemen met het gemeentelijke wijkteam.

Situatie 2: Een huisarts en een medewerker van de crisisdienst bezoeken een als gevaarlijk bekendstaande man. Die heeft geweld gepleegd, en een kort lontje. De professionals die met hem te maken hebben beschouwen hem als een ‘tijdbom’. Maar er zijn niet genoeg strafbare feiten om hem te kunnen opsluiten met een justitiële maatregel. Als de medewerker van de crisisdienst een paar dagen later belt, neemt de man niet op.

Koekkoek: ‘Bij de gescheiden vrouw vraag ik me af waarom de ex niet zelf in de auto is gestapt om een kijkje te nemen, en bij de gevaarlijke man waarom het niet lukt grip te krijgen op de kleine groep gevaarlijke verwarde mensen. De overeenkomst tussen de situaties is dat er professionals worden opgeroepen om het probleem op te lossen. Maar dat lukt dus niet altijd.’

Landelijk meldnummer

Een jaar na de aankondiging dat er een landelijk meldnummer zou komen voor ‘verward gedrag’ is dat er nog steeds niet. Staatssecretaris Paul Blokhuis (Volksgezondheid) zegt dat hij ernaar streeft het nieuwe telefoonnummer per 1 januari 2020 in gebruik te laten nemen. Maar de koepel van gezondheidsdiensten (GGD’s), die volgens Blokhuis de uitvoering zou regelen, laat weten dat er ‘alleen nog maar gesprekken zijn geweest over hoe wij daarin een rol kunnen spelen. We weten nog niet of we het gaan doen en ook niet hoe.’

Stereotypen kunnen ervoor zorgen dat de pen in de hand van de psychotische ‘verwarde man’ verandert in een mes in de angstige en licht-verwarde cognitieve wereld van de agent, betoogt Karlijn Roex, socioloog en auteur van het boek In verwarde staat. ‘Daarmee kunnen stereotypen het verschil maken voor hoe een ontmoeting afloopt: met de knal van een politiekogel of met een gesprek.’ De recent uitgekomen film Joker versterkt volgens haar die stereotypen.

Circa 75 duizend Nederlandse patiënten met psychoses krijgen niet de zorg die ze volgens specialisten nodig hebben. De landelijke richtlijn schrijft voor dat deze mensen, bij wie het contact met de werkelijkheid vervaagt, veel baat kunnen hebben bij psychotherapie. Toch krijgt driekwart van de in totaal bijna 100 duizend psychotische patiënten die therapie niet

Halverwege de documentaire Verward levert hoofdpersoon Will bewijs voor zijn beweringen. Hij diept uit zijn vuilnisemmer kaaskorsten op van het ontbijt en houdt ze voor de camera. Dan loopt hij zijn portiek uit en wat ligt daar op de stoep? Juist, precies zo’n kaaskorst. Als dat geen onomstotelijk bewijs is dat zijn onderbuurman hem voortdurend in de gaten houdt. Dat hij alles van hem weet. Wat hij eet, wat hij doet, wat hij denkt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden