Vechten met de taal en zeker weten dat je in het stof bijt

83 mensen slaagden erin de voorronde van het Groot Dictee der Nederlandse Taal foutloos door te komen. Is er op 16 december ook iemand die dat bij het dictee van taalvirtuoos Gerrit Komrij lukt?...

Ruim 2.700 Nederlandse deelnemers aan de voorronde van het twintigste Groot Dictee der Nederlandse Taal: hoe bestaat het dat zoveel dapperen elk jaar weer bereid zijn de uitdaging aan te nemen? Om toch te proberen het gevecht met de weerbarstige grammaticale regels in hun voordeel te beslechten, terwijl ze bijna zeker weten dat ze weer in het stof zullen bijten?

Van hen slaagden 83 helden erin in elk geval de voorronde foutloos door te komen: chapeau. En van dat keurkorps zijn er twintig uitverkoren om in de Eerste Kamer tegen onze Vlaamse taalbroeders in het strijdperk te treden. Hun namen vindt u elders op deze pagina.

Behalve degenen die zich manmoedig door de voorronde hebben geworsteld, zullen in de Eerste Kamer ook weer de zogenoemde ‘prominenten’ aantreden. Ook zij moeten voor hun moed worden geprezen: hoge bomen vangen veel wind en elke fout kan op eeuwige hoon komen te staan, laat staan een stuk of vijftig missers.

Dapper, Joost Zwagerman en Sara Kroos! Dapper Frits Barend, Nelli Cooman, Catherine Keyl, Jan Siebelink en Frank Lammers! Hoe moedig, Inez Weski, Mieke Sterk, Annemarie van Gaal, Frits Wester, Jan Siemerink, Theo Hiddema en Nilgün Yerli!

Zet ’m op tegen die dekselse Vlaamse prominenten met hun rappe tong en pen: Saskia De Coster, Carl Huybrechts, Hilde van Mieghem, Goedele Wachters en Jef Rademakers.

Geprezen zij het eeuwig heldendom van Bart Chabot, dicteeschrijver sinds mensenheugenis, die zich voor het twintigste jaar blijmoedig in valkuilen stort.

Wat is taal? Wat zijn taalregels? Wij dachten aanvankelijk dat Gerrit Komrij een dictee had geschreven dat behalve prettig leesbaar ook opviel door de gewonemensentaal waarin het was geschreven. We waren even bang dat het zo eenvoudig en alledaags Nederlands was, dat het nul fouten zou regenen, op woensdag 16 december.

Maar dat was voorbarig. Pas de gedetailleerde eindredactie van een dictee toont hoe oneindig gecompliceerd taalregels kunnen zijn. Of beter: hoe moeilijk levende taal zich in eenduidige regels laat vangen.

En tevens hoe het in de wereld van het geschreven woord moet wemelen van de fouten.

Acht zinnen schreef Gerrit Komrij, van in totaal 315 woorden. Komrij wist het zelf ook niet altijd, hij verschilde althans een aantal malen van mening met de officiële voorschriften. Komrij: ‘En ik sta nog wel bekend als taalvirtuoos. Kijk maar op Wikipedia!’

Het was aan Anneke Neijt (hoogleraar Nederlandse taalkunde aan de Radboud Universiteit van Nijmegen) en Ludo Permentier (Neerlandicus, taaljournalist en medewerker bij Van Dale Lexicografie) te danken dat we eruit kwamen. Gelukkig zitten beiden straks ook in de jury.

En toch is er straks een taalheld met nul fouten; dat is het wonder.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden