Vaticaan blijft aardig voor Castro

ALLART HOEKZEMA

In januari 1998, bij het historische bezoek van de toenmalige paus Johannes Paulus II aan Cuba, circuleerde er een geslaagde mop op het communistische eiland. Tijdens een wandeling van de paus en de 'líder máximo' Fidel Castro over de Malecón, Havana's boulevard, doet een windstoot opeens het priestersmutsje van de Heilige Vader in zee belanden. Fidel bedenkt zich niet, wandelt over het water, pakt het mutsje op en geeft het terug aan de kerkvorst. De volgende dag schrijft het Cubaanse partijorgaan Granma: 'Fidel is God.' In Rome kopt de Osservatore Romano: 'De paus schept een mirakel.' El Nuevo Herald, een Spaanstalige krant uit Miami en het lijfblad van veel Cubaanse ballingen, sneert: 'Fidel kan niet eens zwemmen.'

Tijdens het bezoek deze week van paus Benedictus XVI aan Cuba - waarbij hij voorging in twee indrukwekkende missen, sprak met de gebroeders Castro en vroeg om de erkenning van Goede Vrijdag als feestdag - was er geen ruimte voor grappen. Het was een delicaat verblijf: het Vaticaan wilde de regering vooral niet voor het hoofd stoten.

De paus volgt in grote lijnen de visie van kardinaal Jaime Ortega, leider van de Cubaanse katholieke kerk, die de laatste jaren met een jobsgeduld steeds meer concessies heeft weten af te dwingen bij president Raúl Castro, Fidels opvolger. Ortega is een tegenstander van het communisme, maar ook een antikapitalist. Hij wil niet dat bij een eventuele overgang van socialisme naar democratie op Cuba het marxistische materialisme wordt ingeleverd voor een feitelijk materialisme. Het Vaticaan staat niet alleen in zijn analyse dat een ongeremd consumentisme ten grondslag ligt aan de huidige economische crisis in het Westen.

Kardinaal Ortega (75), die in 1967 gedwongen werd acht maanden suikerriet te kappen in een werkkamp van het regime, begon op 19 mei 2010 een verrassende dialoog met Raúl Castro. Het gevolg was de geleidelijke vrijlating van 130 politieke gevangenen. Bovendien kon de kerk sindsdien haar sociale activiteiten in het land uitbreiden, mocht ze beroepsopleidingen gaan verzorgen en kreeg ze de kans voor het eerst in 50 jaar een nieuw seminarium te bouwen.

De katholieken op het eiland hopen nu dat ze toegang krijgen tot de publieke televisie en radio. Ook willen ze graag religieuze scholen openen en vele kerken restaureren. Deskundigen verwachten dat deze veranderingen na het driedaagse pausbezoek voor een deel zullen worden toegelaten: een paar kerkjes erbij, wat meer presentie in de staatsmedia. Maar katholieke scholen blijven uit den boze. Dat zou rechtstreeks ingaan tegen een van de pilaren van de revolutie: gratis, massaal en niet-confessioneel onderwijs.

Ortega steunt de recente marktgerichte hervormingen van Raúl Castro, maar beseft dat er duidelijke limieten zijn. Toen de paus deze week Cuba opriep tot vernieuwing en meer openheid, was de aartsbisschop van Havana niet verbaasd dat 's lands vicepresident Marino Murillo namens de regering zei dat enkel de nationale economie en niet het hele politieke stelsel wordt gerenoveerd.

Sommige Cubaanse dissidenten noemen Ortega 'te toegeeflijk' of zelfs een 'marionet'. Maar de kardinaal gelooft in geleidelijkheid en weet dat de harde confrontatie met het regime averechts werkt. Een begrijpelijke en verdedigbare houding.

Allart Hoekzema is correspondent in Latijns-Amerika.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden