Vanuit een andere hoek

Het IDFA - en dat deed nog nooit een filmfestival - zet speelfilms en documentaires over dezelfde gebeurtenissen naast elkaar. Wat ligt dichter bij de waarheid?

Aan het begin van Manhunt wordt het letterlijk gezegd: zo spannend en sexy als in films is het werk van de data-analisten van de CIA niet. De documentaire van Greg Baker over de werkwijze van de groep CIA-analisten die de afgelopen twintig jaar het Al Qaida-netwerk in kaart bracht en daarmee de jacht op Osama Bin Laden aanzwengelde, biedt een aangenaam ontnuchterende reality check tegenover de swingende filmwerkelijkheid.


Een ieder die dankzij Homeland of Zero Dark Thirty vermoedt dat internationale terroristen worden opgespoord door knappe, in relatieve eenzaamheid opererende vrouwen als Carrie (Claire Danes) en Maya (Jessica Chastain), die tijdens hun werk ternauwernood ontsnappen aan bomaanslagen of rennend door smalle steegjes in griezelige verre landen op zoek moeten naar een of andere geheime disk, is na Manhunt van dat beeld genezen.


De documentaire, die begin dit jaar in première ging tijdens het Amerikaanse Sundance Film Festival, valt tijdens het IDFA onder het 'Based on the same story'-programma, waarin films en documentaires over hetzelfde onderwerp met elkaar worden vergeleken. Dat is bijzonder - nooit eerder nam het documentairefestival speelfilms op in haar programmering -, maar komt niet onverwacht.


De tijd lijkt rijp voor een explicietere vergelijking tussen documentaire en film, nu documentairemakers de grenzen van het genre meer en meer verkennen door gebruik van narratieve en filmische elementen uit fictie, en die aanpak niet onder stoelen of banken schuiven. Zo vertelde de maker van The Imposter, een ingenieuze documentaire over een oplichter die een Amerikaans gezin wijsmaakte hun verloren zoon te zijn (vorig jaar een van de favorieten van het IDFA-publiek) hoe hij de esthetiek van Amerikaanse film noir-thrillers overnam om de geënsceneerde scènes in zijn verhaal vorm te geven. Gewoon naspelen volstond niet; de kijkervaring moest zo filmisch mogelijk zijn.


Kijk naar Manhunt en je bent geneigd te zeggen dat de fictie-equivalent een vereenvoudigde, gelikte en spannende versie van de werkelijkheid biedt, waarin de frustrerende uitzichtloosheid van een zoektocht, met zijn voortdurend veranderende spelregels, plaatsmaakt voor een wereld vol verhalende logica, waarin persoon A leidt naar bewijsstuk B dat resulteert in de executie van terrorist C, bijvoorbeeld.


De echte analisten in Manhunt, veelal vrouwen, binnen de CIA tot 'The Sisterhood' gedoopt, ogen ook nog eens allesbehalve glamoureus. Meer schooljuf dan spion, zoals de ietwat voluptueuze Cindy Storer, met haar ruimvallende donkergroene vest en grijzende krullen. Ze werkt gewoon in een saai kantoor achter een computer, een wit wandbord met een zwarte stift bij de hand. En maar bezig om patronen te herkennen in gegevens over personen die volgens heersende logica helemaal niet met elkaar verbonden kunnen worden.


Dat gebeurde jarenlang met ijzeren geduld en doorzettingsvermogen, zonder zicht op direct resultaat. In groepsverband, waardoor in retrospect onduidelijk is wie precies welk niet-passende puzzelstukje bijdroeg. Met stemverheffing weerlegt ze de veelgeoorde waarom-verbind-je-die-gegevens-niet-gewoon-met-elkaar-aanbeveling: 'Omdat de hele pagina zwart is!'


Iemand als Maya in Zero Dark Thirty, volgens de CIA na de première gebaseerd op een bestaande analist, heeft nooit bestaan, blijkt uit Manhunt. Het zijn er althans veel meer dan één geweest.


Toch staat het aloude 'gebaseerd op een waargebeurd verhaal' niet per se synoniem voor oeverloze versimpeling. Fictie kan een onderwerp ook eenvoudigweg op een andere manier blootleggen dan een documentaire dat doet. Neem de documentaire One Day in September van Kevin Macdonald, ook te zien in het programma, over de gijzeling van Israëlische atleten tijdens de Olympische Spelen van 1972 in München. Daarin wordt het verhaal verteld dat destijds in het openbaar was te volgen - de voltallige wereldpers was aanwezig om het sportevenement te verslaan - terwijl de speelfilm Munich met de wraakacties van de Israëlische geheime dienst alles toont dat zich achter gesloten deuren afspeelde.


Of kijk naar Little Dieter Needs to Fly en Rescue Dawn van Werner Herzog, respectievelijk docu en speelfilm over gevechtspiloot Dieter Dengler, die in 1966 neerstortte boven Laos en door de Vietcong gevangen werd genomen. Herzog heeft het nooit zo nauw genomen met de grens tussen documentaire en fictie. De leden van de Cinéma Vérité, makers die alledaagse situaties zonder bemoeienis van een regisseur in beeld trachten te brengen, omschreef hij ooit als 'accountants van de waarheid'. In het universum van Herzog heet alles gewoon film. 'Ook mijn non-fictiefilms zijn behoorlijk fictief', zei hij eens.


De Amerikaan Joe Bini, editor van zowel Herzogs film als documentaire, antwoordt via mail dat de fictievariant soms meer realisme leek te bevatten dan de documentaire. 'Het interessantst vind ik dat Little Dieter Needs to Fly een documentaire is die met zijn droomsequenties sterk op fictie is gericht, terwijl het in Rescue Dawn meer om direct realisme gaat. Kijk bijvoorbeeld hoe Christian Bale als Dieter door een waterbuffel wordt voortgesleept of in een put wordt geduwd - hij heeft dat voor zijn rol daadwerkelijk doorgemaakt, en volgens mij zie je dat in de film.'


Ook Bini bekommert zich niet om vervagende grenzen tussen documentaire en fictie. 'Film is voor mij op zijn interessantst wanneer het mijn brein op verschillende manieren tegelijk laat werken. Neem de scène in Little Dieter waarin Werner Dieter door de jungle laat rennen met zijn handen gebonden op zijn rug. Je vraagt je af wat er op dat moment door Dieter heenschiet, terwijl je je ook afvraagt hoe hij de daadwerkelijke gebeurtenis ervoer die hij hier naspeelt. Ik denk dat het dan niet meer gaat over waarheid of leugens - ik weet alleen dat het resultaat van zo'n scène fucking amazing is.'


NAGESPREKKEN MET MAKERS TIJDENS HET 'BASED ON THE SAME STORY'-PROGRAMMA:


ZATERDAG 23 NOVEMBER, 19.00U, EYE CINEMA 3DOCU MANHUNT MET NAGESPREK REGISSEUR GREG BARKER, GEVOLGD DOOR FILM ZERO DARK THIRTY (OVER DE JACHT OP OSAMA BIN LADEN).


MAANDAG 25 NOVEMBER, 19.00U, EYE CINEMA 2DOCU GENERAL IDI AMIN DADA MET NAGESPREK REGISSEUR KEVIN MACDONALD, GEVOLGD DOOR FILM THE LAST KING OF SCOTLAND (OVER DE OEGANDESE DICTATOR IDI AMIN).


DINSDAG 26 NOVEMBER, 18.45U, EYE CINEMA 2DOCU DONT LOOK BACK MET NAGESPREK CAMERAMAN ED LACHMAN, GEVOLGD DOOR FILM I'M NOT THERE (OVER MUZIKANT BOB DYLAN).


'JEAN-LUC GODARD ZEI OOIT DAT HIJ DE CAMERA GEBRUIKTE ALS EEN SCHRIJVER'

Edward Lachman, cameraman


3 vragen aan Edward Lachman


3 vragen aan Edward Lachman (Verenigde Staten, 1948), cameraman van de Bob Dylan-biopic I'm Not There (Todd Haynes, 2007), samen met de documentaire Dont Look Back (1967) te zien in het Based on the same story-programma van het IDFA. In I'm Not There wordt het grillige, onvoorspelbare en voortdurend veranderende karakter van Dylan belichaamd door vijf acteurs en één actrice.


Een biopic doet in zijn premisse vaak denken aan een documentaire. In hoeverre hield u rekening met het bestaan van de documentaire Dont Look Back toen u I'm Not There filmde?

'De documentaire bekijkt Dylan van de buitenkant, wij wilden hem van binnenuit belichten. Dylan was een kameleon, waardoor de buitenwereld zelden grip op hem kreeg. Wij wilden die veranderingen laten zien door gebruik van verschillende filmstijlen uit de jaren zestig. Een film als 8¿ van Federico Fellini was in 1963 bijvoorbeeld heel modern in zijn subjectieve vertelstijl, met beelden van dromen en gedachten van het hoofdpersonage. Door de stijl van bestaande films aan te nemen wilden we onze film zo authentiek mogelijk maken.'


Wat betekent het woord authentiek voor u?

'Wanneer je verwijst naar een bepaalde stijl betekent dit dat je de middelen gebruikt die de oorspronkelijke maker ook gebruikte. Jean-Luc Godard zei ooit dat hij de camera gebruikte als een schrijver - in een aantal gevallen liet hij zijn camera bewust afdwalen van de actie om dingen te laten zien die normaal gesproken buiten beeld blijven.


'In de proloog van I'm Not There doe ik dat ook. Je ziet Dylan in het mortuarium, je hoort stemmen van mensen die met elkaar praten en je merkt hoe de camera van de een naar de ander glijdt, zonder per se het personage in beeld te brengen dat op dat moment aan het woord is - dat is volledig Godardian.'


Hoe erg is het om met documentairetechnieken realisme te veinzen?

'Verschrikkelijk. Zo'n wiebelige handheld-camera in oorlogsfilms bijvoorbeeld; volgens mij ligt het er inmiddels te dik bovenop dat dit een middel is dat slechts manipulatie als doel heeft. Het is immers nooit de intentie van een documentairemaker om wiebelig beeld te draaien - in fictie heeft het zijn geloofwaardigheid wat mij betreft verloren.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden