Vanaf snelweg moet je helemaal geen landschap willen beleven

Klagen over de groei van bedrijfsterreinen die vanaf de snelweg het zicht op het landschap belemmeren, is onzin. Landschap zie je vanaf de fiets, zegt Jan Uri....

In het Betoog van 28 april wordt paginagroot uitgepakt over de oprukkende verrommeling van ons dierbare Nederlandse landschap door een tsunami van bedrijventerreinen. Om de nationale kwaal te illustreren, wordt een kaartbeeld gegeven van de ontwikkeling van zichtbare bedrijventerreinen langs snelwegen in het gebied tussen Barneveld en Boxmeer. Laten we die kaart, als simpele befietser van de regio rond Arnhem, met jarenlange expertise op het gebied van het ontwikkelen en revitaliseren van bedrijventerreinen in het land, eens goed onder de loep nemen:

– ten oosten van Ede, aan de provinciale weg N224 naar Arnhem, staat een al in 1996 zichtbaar bedrijventerrein aangegeven. Het was ons de afgelopen dertig jaar nooit opgevallen en we zijn er voor de zekerheid nog even heen gefietst om uit te komen bij het landschappelijk fraai gelegen restaurant Juffrouw Tok op de locatie Zuid-Ginkel, tegenover de schaapskooi. Nergens een bedrijventerrein te bekennen dus. Wellicht is hier het Rijksbedrijventerrein achter wegenwachtstation Planken Wambuis bij Wolfheze bedoeld, maar dat valt echt vanaf geen enkele langslopende snelweg op;

– ten noordoosten van Ede is de eveneens provinciale weg N304 aangeduid, naar wat knooppunt Otterlo moet zijn, met vandaar uit de lokale binnenweg via Wekerom naar Barneveld. Daar is helemaal geen snelweg of bedrijventerrein, wel wijnhoeve De Veluwe;

– we zakken af naar Heelsum, waar de A50 de oude provinciale weg van Arnhem naar Wageningen kruist. Daar staat vanaf de snelweg amper waarneembaar precies één oude fabriekspijp en het complex van een vroegere papierfabriek. Die fabriek stond daar van oudsher vanwege het water van de Heelsumschebeek en kan het toch ook niet helpen dat Rijkswaterstaat uitgerekend daar de A50 door het prachtige beekdal moest knallen;

– doorfietsend over de Drielse Rijndijk arriveren we uiteindelijk bij bedrijventerrein De Overmaat in Arnhem-Zuid, midden in het stedelijk landschap tussen de woonwijken De Laar en Rijkerswoerd, aan de A352 naar Nijmegen. Niks aantasting van een weids landschap, het ligt gewoon midden in de stad.

Kortom, laten we eerst goed in kaart brengen over welke bedrijventerreinen we het hebben en dan nagaan of er eigenlijk wel wat te somberen valt.

De vraag is natuurlijk wel waar al die bedrijventerreinen langs snelwegen opeens vandaan komen. Die vraag is verrassend eenvoudig te beantwoorden.

In de eerste plaats is het zo dat geen enkele zichzelf respecterende Nederlandse stad nog een nieuw bedrijventerrein aan de rand van zijn bebouwde kom wil. Daar bouwt men liever woningen, die de gemeente ook nog meer opleveren. In de tweede plaats verwordt Nederland tot het doorgangsgebied tussen onze mainports in het westen en hun Europese achterland in het oosten.

Kernbegrippen in het beleid dat deze ontwikkeling heeft gefaciliteerd, zijn hoofdtransportassen en de bundeling van economische activiteiten in vervoercorridors. Deze combinatie van het uit het stedelijk gebied plaatsen van nieuwe bedrijventerreinen en de vestigingsplaatsvoordelen van snelweglocaties, resulteert in een reeks nieuwe grootschalige regionale bedrijfslocaties langs autowegen. Zoals hier in de regio ten zuiden van Heteren langs de A50, tussen Ede en Veenendaal langs de A12 en vanaf knooppunt Velperbroek langs de A12 richting Duitsland.

Deze ontwikkeling zal doorgaan omdat de snelweglocaties de lokale binnenwegen niet met vrachtverkeer belasten en omdat zij landschappelijk het buitengebied het minst schade berokkenen.

De hele commotie over het verrommelen van het Nederlandse landschap komt vooral voort uit de landschapsbeleving vanaf autosnelwegen en de daarbij ondervonden visuele belemmeringen vanwege bedrijventerreinen. De vraag is wat nu de lol is om vanaf de snelweg het landschap waar te nemen.

In de eerste plaats is tussen de oprukkende geluidsschermen helemaal niks te beleven en weet je zonder tomtom niet eens meer waar je bent. Vervolgens, wij rijden al jaren consequent links, kijk je links en rechts tegen de zijkanten van toenemende colonnes vrachtauto’s aan. En plaatselijk, zoals op de A12 bij Duiven/Westervoort rij je gewoon dwars tussen bedrijventerreinen links en rechts door. Kortom, vanaf de snelweg moet je gewoon helemaal geen landschap willen beleven.

Wat dan wel? Om te beginnen moeten we ermee doorgaan de nieuwe bedrijventerreinen zoveel mogelijk langs de snelwegen te situeren, om ze vervolgens, ook de bestaande, met hoge groene wallen aan het zicht te onttrekken. Daarmee compartimenteren we het land in grote blokken, bijvoorbeeld van het formaat Veluwe. Binnen die blokken duwen we de snelwegen waar mogelijk onder de grond, zoals de A1 van Apeldoorn tot Barneveld en de A50 van Hattem tot voorbij Heteren, terwijl het er gemeenten en provincies verboden wordt er nog bedrijventerreinen te realiseren.

Vervolgens gaan we echt het landschap beleven, liefst per fiets over binnenwegen en fietspaden. Dus van Arnhem naar Emmerich niet over de A12 maar via de Huissensedijk naar Doornenburg en verder over de Pannerdensedijk naar Spijk en Elten. Voor de Betuwe moet je niet op de A50 of A15 zijn, maar op de Drielse Rijndijk van Arnhem naar Heteren, en over de Randwijkse Rijndijk naar Opheusden. Daar knappen we allemaal van op!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden