Vanaf nu hoor je geen judoka meer

PAPENDAL - Toen iemand van NOC*NSF hem had aangeschoten over de plichtplegingen die zijn judoka's in Londen te wachten staan, reageerde Cor van der Geest met een klassieke uithaal. 'Daar ben ik helemaal niet in geïnteresseerd', moet de oud-judocoach hebben gebulderd door de gangen van nationaal sportcentrum Papendal.


Als een roofdier ging de technisch directeur van de judobond woensdag voor zijn sporters liggen. Als het aan Van der Geest ligt, is de rust rond hen ingetreden tot de Spelen beginnen. Een laatste persmoment, waarvoor meer cameraploegen waren uitgerukt dan de laatste vier jaar in een judohal te zien waren, leek ook de judoka's gestolen te kunnen worden.


Negen van hen laten hun telefoons rinkelen tot hun wedstrijddag in het Excel Center is beslecht. Het bezoek van de media, gearrangeerd namens NOC*NSF, voelde als een inbreuk op hun voorbereiding. Tot en met vrijdag werken ze een trainingskamp af op Papendal, waar ook wordt overnacht. Volgende week gaat ieder zijns weegs bij zijn club, tot ze gefaseerd naar Londen vertrekken.


Birgit Ente en Jeroen Mooren, als Nederlands lichtgewichten een zeldzaamheid, krijgen als eersten de kans het olympisch dorp te verkennen. Luuk Verbij, uitkomend in de klasse boven de 100 kilo, sluit de rij. Met Marhinde Verkerk, de wereldkampioene van 2009, maken ze hun eerste olympische opwachting.


Medailles worden niet direct van hen verwacht. Die druk rust vooral op de schouders van anderen, al beweerde Van der Geest logischerwijs anders. 'Noemen we er vijf op die medaillekandidaat zijn, dan noemen we er vier niet. Lekker is dat voor een judoka, als je bij die vier hoort.'


Van Edith Bosch, Elisabeth Willeboordse en Henk Grol wordt het meest verwacht. Dex Elmont, die de afgelopen twee WK's pas in de finale het hoofd boog, geldt als de grote outsider van de ploeg. Bij zijn broer Guillaume is het afwachten, na jaren vol lichamelijke trammelant.


Het is daarmee vooral aan de routine om Van der Geest ook na deze Spelen met gunstige papieren op weg te sturen naar de beleidsmakers van NOC*NSF. Die verdelen de gelden volgens het principe: de succesvolste sporten worden het vetst beloond voor hun olympische prestaties.


Het zwemmen staat bekend als de medaillefabriek van de Nederlandse sport. Maar Van der Geest kent de statistieken van het judo als geen ander. Vijf van de zestien medailles kwamen bij de vorige Spelen op de mat tot stand, meer dan bij het zwemmen. In 2004 waren dat er vier uit 22.


Met een ploeg die bijna even groot is als het tiental dat in vrijwel alle vorige edities sinds 1992 werd afgevaardigd, scheppen de Spelen verplichtingen. Van der Geest kan er moeilijk omheen, maar heeft altijd een grote slag om de arm gehouden.


Alsof andere landen hebben stilgezeten de afgelopen vier jaar, bast hij. Behalve judonaties als Japan, Zuid-Korea, Frankrijk en Brazilië rukt ook Oost-Europa op. 'Reken maar dat ze daar precies zo'n persconferentie houden. En dat ze vertellen over net zo'n mooie ploeg als wij hebben.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden