Vanaf de Filipijnen: 'Zelfs de agenten lopen hier met tranen in hun ogen rond'

'De nieuwe hel ligt op de Filipijnen en heet Tacloban', schreef correspondent Michel Maas vanochtend in de Volkskrant. De provinciestad, op het zwaar getroffen eiland Leyte, ligt er zes dagen na supertyfoon Haiyan desolaat bij. 'Mensen willen niet weg, ze gáán weg.'

Een man loopt over de restanten van een trap in de verwoeste stad Tacloban. Beeld ap
Een man loopt over de restanten van een trap in de verwoeste stad Tacloban.Beeld ap

Een politieagent wees hem er toevallig op: over niet al te lange tijd zou er een marineschip vertrekken. Van Tacloban naar Cebu, het eiland dat zo'n 150 kilometer verderop ligt. Ook daar heeft Haiyan zijn sporen achtergelaten, maar vergeleken met Tacloban is het op dit moment een heilzame bestemming. De supermarkten zijn nog open (en niet zoals in Tacloban afgesloten met een rolluik of leeggeplunderd) en er trekken geen gewapende bendes door de provinciehoofdstad.

Op het schip was plaats voor 1.000 personen, er gingen er uiteindelijk 2.500 mee. 'De autoriteiten hadden het tijdstip van vertrek bewust geheim gehouden om een stormloop te voorkomen', vertelt Michel Maas, die morgen in de Volkskrant verslag uitbrengt van aan boord van het schip. Hij ging overigens niet mee naar Cebu, terugkomen zou een dag duren. Volgens Maas willen de mensen eigenlijk helemaal niet weg uit Tacloban. 'Maar ze gáán wel weg. Ze hebben geen andere keus. In Cebu hebben ze vaak familieleden of kennissen zitten waar ze tijdelijk onderdak kunnen krijgen. Daar is tenminste ook wat eten en drinkwater voorhanden.'

null Beeld getty
Beeld getty

Slapen op karton, onder een golfplaat
Veel inwoners van Tacloban hebben het echter minder getroffen en zitten als het ware gevangen in de zwaar verwoeste stad. Hun huizen staan niet meer overeind, maar toch blijven velen in de buurt van de 'persoonlijke' brokstukken. Dat zijn op dit moment hun bezittingen, hoe schamel ook. En die moeten bewaakt worden, zodat plunderaars er niet mee vandoor gaan.

'Mensen knutselen van alles in elkaar van de resterende rommel', vertelt Maas. 'Ze zijn arm en dus uit zichzelf al erg creatief. In principe heb je ook niet meer nodig dan een kartonnen ondergrond om op te slapen en een golfplaat om een afdakje van te maken. Sommigen weten zelfs een soort keukentje te creëren.'

Niet dat er uitbundig gekookt kan worden: voedsel is nog altijd erg schaars, evenals drinkwater. De hulp komt wel op gang, vertelt Maas, maar het gaat allemaal nog erg langzaam. 'Er is weinig coördinatie. Sommige delen van de stad hebben wel al hulppakketten ontvangen, andere delen nog helemaal niet.'

Toch ziet Maas kleine tekenen van herstel. Zo heeft hij vandaag in zijn slaapplaats Ormoc, op 120 kilometer van Tacloban (de bus doet daar momenteel zes uur over) de eerst werkende geldautomaat gezien. Ook arriveren er steeds meer vrachtwagens met hulpgoederen aan boord op het eiland. En er zijn hulpverleners gearriveerd die de dode lichamen in lijkzakken stoppen. Afgelopen dagen lagen die oneerbiedig op straat weg te rotten. Open of bloot, en soms deels afgeschermd met een deken of stukje karton. De geur was ondragelijk.

null Beeld getty
Beeld getty
Een inwoner van Tacloban met zijn eend die de storm heeft overleefd. Beeld ap
Een inwoner van Tacloban met zijn eend die de storm heeft overleefd.Beeld ap

Dokter doodgeschoten en vrouw verkracht
Maar buiten deze spaarzame tekenen van vooruitgang overheerst nog altijd de chaos die de laatste dagen is uitgemond in een bandeloze anarchie. 'Er is bijna geen winkel meer te vinden waarvan het rolluik niet is opgeknipt en die niet is leeggeroofd', aldus Maas. 'De politie doet daar niets tegen. Die zeggen: als mensen plunderen omdat ze hongerig zijn, dan laten we ze. Anders is het als het om criminele plunderingen gaat. Tijdens de storm zijn 700 gevangenen van twee gevangenissen in de regio Tacloban vrijgelaten. Die gaan al stelend de hele stad door. Gisternacht is er een dokter doodgeschoten in zijn eigen huis en er is een vrouw verkracht door gewapende mannen. Dit soort verhalen maken mensen erg bang.'

Hoe die gevangenen aan wapens komen? 'Heel simpel', stelt Maas. 'De Filipijnen zijn wat dat betreft net Amerika. Iedereen vanaf 18 jaar kan met een identiteitsbewijs een gunshop binnenlopen en staan even later weer buiten het het gewenste product. Heel veel Filipijnen hebben wapens op zak of in huis.'

Solidair met de bevolking
Het is lastig voor de lokale politie om daartegen op te treden. De situatie is onoverzichtelijk en ze zijn maar met een klein clubje. Van de 300 agenten in Tacloban hebben er 20 gehoor gegeven aan de oproep om zich te melden. Ze zijn zelf slachtoffer, hebben geen huis meer, zijn familieleden verloren of worden vermist. Wel heeft de Taclobanse politie nu versterking gekregen van collega's uit de hoofdstad Manilla. 'Die staan in plukjes bij elkaar met hun shotguns tegen zich aangedrukt. Ze lopen zelf ook rond met tranen in hun ogen', zegt Maas. 'Zo nu en dan lukt het ze om criminele plunderaars op te pakken. Ik zag net nog een volgeladen politiebusje met vermeende criminelen langsrijden.'

Maas sprak ook één van die twintig agenten uit Tacloban die wel gehoor had gegeven aan de oproep om zich te melden. 'Deze man was zelf zijn huis kwijtgeraakt. Hij had nog vijf kilo rijst voor zijn gezin van vijf personen. Daar moeten ze een hele week van leven. Toch wilde hij gaan werken, omdat hij juist op dit moment nodig is. Dan moet je wel heel stevig in je schoenen staan.'

Brandweermannen dragen lijken in Tacloban naar een massagraf. Beeld ap
Brandweermannen dragen lijken in Tacloban naar een massagraf.Beeld ap
null Beeld getty
Beeld getty
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden