Van waterland tot welzijnsland

Uit de gezamenlijke strijd tegen het water ontstond het Nederlandse polderen, was in de jaren negentig een populaire gedachte. Maar zodra de eerste watermolen in het Hollandse landschap verscheen, kwamen ook dijkgraven en heemraden in beeld....

Wie de grondtrekken van de Nederlandse cultuur – de ‘Nederlandse identiteit’ – zien wil als de uitkomst van een gemeenschappelijke strijd tegen het water, staat voor een lastig vraagstuk. ‘Het poldermodel’ heet die uitkomst sinds een jaar of vijftien: de vaderlandse eigenaardigheid om op bestuurlijk terrein overleg te verkiezen boven opgelegd gezag.

Wie in zijn eentje tegen het water vecht is verloren, is de redenering. Wie de gelederen verbreekt, jaagt zichzelf en zijn lotgenoten de dood in. Commanderen helpt niet, motiveren des te meer. Oplossing: overleg, van hoog tot laag, verantwoordelijkheid delen tot de laatste man. Uit de strijd tegen het water is de cultuur van het trage overleg geboren, de parlementaire democratie staat op de palen van de waterhuishouding. ‘Polderen’ heet het, of zelfs ‘polderdenken’.

Het polderen is, gedurende een heel tijdvak, met grote tevredenheid gezien als de code om de maatschappelijke vrede én de welvaart van Nederland te begrijpen, om het hele spectrum van CAO tot SER, van stakingshuiver en inspraakrondes, ondernemingsraden en medezeggenschapscommissies te verstaan. Inmiddels lijkt het echter te zijn bijgezet in de vitrine met koddige relicten uit het tijdperk van Wim Kok en zijn ensemble van dempers der publieke ontevredenheid. Je vraagt je af, gezien het vitale belang dat eraan is toegekend, of en hoe we het gaan redden als het water aanstonds weer op ons afkomt.

De gedachte was eenvoudig, aards, Hollands – en daardoor aantrekkelijk. God schiep de wereld, de Nederlanders creëerden vervolgens eigenhandig Nederland, en omdat dat samenwerking vereiste zijn zij vanaf de Middeleeuwen, toen het dijkenstelsel zijn beslag kreeg, gewend aan gedeelde verantwoordelijkheden dwars door de sociale klassen heen.

De Nederlanders gewenden zich aan de elders in Europa als tamelijk raar beoordeelde opvatting dat zij met z’n allen voor eenzelfde taak staan, van overheid tot onderdaan. Wij tegen het water, een strijd die alle verschillen wegwast. In de organisatie van onze waterstaatkundige huishouding, het stelsel van dijkgraven, heemraadschappen en hoogheemraadschappen, werd de radicale Nederlandse democratie geboren en verder genuanceerd. Polderen is praten tot je erbij neervalt.

Zou het?

Palendraaiers

Palendraaiers
Dat de geofysische leefomgeving haar ingezetenen mettertijd vormt is een nauwelijks verrassend inzicht: woestijnbewoners zijn geen kustbewoners, in hun menu evenmin als in hun verwachtingen en specialisaties. Dat de verraderlijke en altijd bedreigende aanwezigheid van het water de inwoners van de Nederrijnse moerasdelta gevormd heeft en de inrichting van hun samenleving mede heeft bepaald, mag je voetstoots aannemen. Maar hoe?

Palendraaiers
Want hoe rijmt men die hang naar consensus, en het daarmee gepaard gaande oeverloze overleggen, met die andere karakteristieken van de Nederlandse cultuur? Ik bedoel, tegenover het vrijwel unieke etatisme van Nederland – het argeloze vertrouwen in de staat dat de Nederlanders tijdens de Duitse bezetting zo zuur is opgebroken – staat toch altijd het intuïtieve anarchisme van zijn bewoners, tegenover het egalitarisme het extreme individualisme?

Palendraaiers
Palendraaiers tegenover dijkwachters; de eersten individueel en op eigen illegaal initiatief, de tweeden op afroep en doorgaans vrijwillig. Tijdens de hongerwinter, in het laatste jaar van de bezetting, gingen mannen langs de hele Hollandse kust ’s nachts de deur uit om de houten palen uit de dijkverstevigingen los te wrikken, omhoog te draaien en zodoende aan brandstof te komen. Diezelfde mannen zouden zich bij storm of springvloed en aanlandige wind subiet hebben gemeld om dijkwacht te lopen. Daar komen roekeloosheid en verantwoordelijkheidszin kennelijk moeiteloos samen.

Palendraaiers
Kijk naar de edelen die Margaretha van Parma hun smeekschrift aanbieden: niet de verhoging van de belastingen op zichzelf is hun probleem, maar dat zij vrezen die er bij hun onderdanen er nooit door te krijgen. Wie er de contemporaine chroniqueurs op naleest, stelt vast dat niets de landvoogdes zo in verwarring brengt als dat wereldbeeld: waren de edelen er niet om hun gezag te doen gelden, om hun wil op te leggen?

Palendraaiers
Het weerwoord is een vroege variant op Wim Koks ‘Zo gaan wij in dit land niet met elkaar om’: een beroep op de onaantastbare zeden en gebruiken van de Lage Landen. Nog geen generatie later zal in Het Plakkaat van Verlatinge precies hetzelfde argument worden gebruikt om de opstand te legitimeren: ‘coutumen ende gebruiken.’

Palendraaiers
Maar welke dan – en komen ze inderdaad voort uit het waterbeheer?

Palendraaiers
In zijn vrolijke boekje Polderdenken. De wortels van de Nederlandse overlegcultuur geeft historicus Jona Lendering al op de eerste bladzijde toe dat zijn historiografie van de overlegcultuur die op de ervaringen met het waterbeheer teruggaat een mythografie is: niet te bewijzen, maar aantrekkelijk voor het nationale zelfbeeld. Wat hij zich niet afvraagt, is waarom die mythe juist in de jaren negentig van de vorige eeuw zo populair werd. En waarom er, juist toen, een essentieel element uit werd weggelaten.

Palendraaiers
Want dat een volk dat in de strijd tegen het water een gemeenschappelijke zaak erkent in één moeite door beseft dat individueel optreden zinloos of individuele sabotage daarin fataal zou zijn, lijkt mij buiten kijf te staan. Dat is een inzicht dat de gehele geschiedenis door wordt aangeboden: een gemeenschappelijke vijand versterkt het gevoel van saamhorigheid; afzijdigheid of dissident gedrag wordt dan steeds mindere getolereerd.

Palendraaiers
Maar bevordert die toestand de democratie?

Elite

Elite
Zodra de eerste watermolen in het Hollandse landschap verschijnt – begin vijftiende eeuw – doet immers ook de voorloper van de waterschapsbelasting zijn intrede. Bij de gedeelde verantwoordelijkheid voor het dijk- en polderbeheer hoort subiet een begin van aristocratisering: dijkgraven en heemraden zijn mannen van aanzien. Zij worden weliswaar door verkiezing aangewezen, maar tegelijkertijd zijn degenen die voor verkiezing in aanmerking komen algauw herkenbare leden van een oligarchie.

Elite
De relatie tussen de ingelanden en hun bestuurders is, anders gezegd, een stuk dynamischer dan de pleitbezorgers van het poldermodel willen doen geloven. De strijd tegen het water bevordert niet zozeer de democratie als wel de geleide democratie – de lepe suggestie van gelijkwaardig overleg, onder leiding van een zorgvuldig opererende voorman.

Elite
Vergelijk het met de platte organisatiestructuur van de calvinistische kerk, ook al zo’n mirakels succes in de Lage Landen. De piramideopbouw van de rooms-katholieke kerk, een benoemde hiërarchie van pastoors, dekens, bisschoppen en aartsbisschoppen, maakt plaats voor gekozen kerkenraden en predikanten, die beroepen worden door de voltallige kerkelijke gemeente en aan de vertegenwoordigers van de gemeente verantwoording schuldig zijn. Maar tegelijkertijd ontstaan de domineesfamilies, met hun aan erfopvolging grenzende gewoonten, en het leergezag van classis en synode. Met de verkiezingen van de kerkenraden doen de banvloeken hun intrede. In beide gevallen vormt zich een – niet per se aristocratische – elite, die handelend optreedt om de balans van plichten en rechten te beheren.

Elite
Dat zou verklaren waarom er onder de beide Paarse kabinetten zo’n enthousiasme ontstond voor een eenzijdige interpretatie van het poldermodel: overleg zonder leiderschap, de uitkomst van een proces dat eind jaren zestig begonnen was en een beduidend grotere sympathie inhield voor rechten dan voor plichten. De ingenieurs van de waterstaat leverden hun gezag in ten gunste van de opbouwwerkers van de welzijnsstaat; de waterlanders werden mensen die hun waterlanders de vrije loop lieten, ook in het publiek.

Elite
Juist toen tijdens de Duitse bezetting de balans tussen rechten en plichten ernstig verstoord was geraakt, toen het vertrouwde leiderschap van de geleide democratie de wijk had genomen, konden dijkwachters in één nacht palendraaiers worden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden