Van sportheld tot junk

NA ZIJN EERSTE roman, die De provincie heette en een oerhollands verhaal vertelde, is Jan Brokken de wijde wereld ingetrokken....

YRA VAN DIJK

Riki's ongelukkige levensloop begint als hij zeven jaar is en zijn vader een fles zoutzuur ziet leegdrinken. Zijn moeder vertrekt daarop met een nieuwe man naar Aruba. Een dubbel verlies, dat Riki doet besluiten de rest van zijn leven alleen nog maar te winnen.

Hij wordt een wereldberoemde tafeltennisser. 'Hij speelde om te vergeten', zoals Riki's oom opmerkt. Hij is niet de enige in dit boek, die zich van tijd tot tijd een psycholoog van de koude grond betoont, of platte aforismen te berde brengt. Zo zegt er een dat lachen een andere manier van huilen kan zijn en de ander dat Riki 'van niemand zal kunnen houden', zolang hij niet van zichzelf houdt.

Er wordt ook veel over sport gefilosofeerd, vooral door Riki zelf. 'Sport is gesublimeerde zelfmoord', hoor je dan, of: 'Wanneer je werkelijk wilt winnen, ben je alleen.' Na iedere wedstrijd rookt onze droevige kampioen een joint om zich te ontspannen. Gesuggereerd wordt dat in deze gewoonte de kiem schuilt van Riki's latere verslaving. Maar de twaalf vertellers dragen veel meer verklaringen aan voor zijn ondergang, die vooral lijkt te zijn veroorzaakt door de wantoestanden op Curaçao, waar Riki zich voor het karretje van corrupte politici laat spannen.

Dat laatste geeft Brokken de gelegenheid om tussen de bedrijven door de recente geschiedenis van 'deze dorre rots' te schetsen. Hij probeert bij monde van zijn vertellers vat te krijgen op 'de Antilliaanse mentaliteit', wat nu eens leidt tot clichés - over de Antilliaan die zijn moeder heilig verklaart en zoveel van dansen houdt - dan weer tot serieuze pogingen om het eiland en zijn bewoners te doorgronden. De 'losse familieband' op Curaçao wordt verklaard uit de omstandigheid dat slaven niet mochten trouwen. 'Een honderd jaar later speelden de kinderen op de Antillen nog altijd mama ku yu, 'moeder en kind', en niet vadertje-en-moedertje.'

Hoe interessant ook, zulke geschiedenislesjes doen af en toe tamelijk geconstrueerd aan. Bijvoorbeeld wanneer de halfdode Riki zijn junkentaaltje onderbreekt om ons te vertellen over de Emancipatiewet: 'Als ik me niet vergis, dateert die wet van 1863.'

Wat Brokken bij deze roman opbreekt, is dat hij te veel verhalen tegelijkertijd heeft willen vertellen. Behalve in de geschiedenis van het eiland en de ins en outs van de tafeltennissport heeft hij zich ook proberen in te leven in de werking van een junkie-brein. Daarenboven laat hij Riki, die zichzelf maar al te graag als martelaar ziet, wijsgerige ondersteuning voor zijn zelfmedelijden bij de profeet Zarathoestra en Friedrich Nietzsche vinden: 'Rondom de held wordt alles tragedie.'

Zulk gefilosofeer doet De droevige kampioen geen goed, maar de roman is veelstemmig genoeg om daar ook meteen een tegenwicht voor te bieden. 'Bij hem kwamen er altijd wijzen aan te pas', merkt Riki's coach nuchter op, 'hoe onwijs hij zichzelf ook gedroeg.'

Yra van Dijk

Jan Brokken: De droevige kampioen.

Atlas; 348 pagina's; ¿ 39,90.

ISBN 90 254 2251 9.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden